Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
Ouderdomsdeken Hendrik Carette (l.) en dada-kenner Rik Sauwen
Knack.boeken (23 december) brengt een overzicht van een jaar poëzie. Volgens dichter-criticus Philip Hoorne werden in 2011 de beste dichtbundels afgeleverd door
Benno Barnard, Krijg nou de lyriek, Atlas, 56 p.;
Hendrik Carette, Een zeemeermin aan de monding van het Zwin, PoëzieCentrum, 80 p.;
Koenraad Goudeseune , Dichters na mij, Atlas, 66 p.;
Mark van Tongele, Ademruis, Atlas, 56 p.
Opmerkelijk is dat de gemiddelde leeftijd van de vier dichters net boven de 55 ligt.
Ouderdomsdeken Hendrik Carette (°1946) wordt getypeerd als 'klankbord'. Hij 'weigert klakkeloos te ondergaan wat hij zoal leest en ziet en ontpopt zich in deze fraai vormgegeven bundel tot een ge- en bedreven poëtisch klankbord'. Benjamin Koenraad Goudeseune (°1965) 'verknoopt zijn taaldraadjes tot klankrijke, verfrissend tijdloze gedichten. Geen uitgemolken themaatjes, niks voorspelbaarheid, elk gedicht is een avontuur. Poëzie met ballen'. Marc van Tongele (°1956) schept 'een prettige poëtische dynamiek die uniek is in de Nederlandstalige poëzie' en Benno Barnard bestempelt zelf Krijg nou de lyriek als zijn 'beste bundel ooit'.
*
Wat het proza betreft gaat de voorkeur van criticus Frank Hellemans (21 december) naar
Stefan Brijs, Post voor mevrouw Bromley, Atlas, 521 p.
Jan van Loy, Ik, Hollywood, Amsterdam, 640 p.
Erik Vlaminck, Brandlucht, Wereldbibliotheek, 254 p.
Emiel Lamberts, Het gevecht met Leviathan, Bert Bakker, 428 p.
Jeroen Brouwers, Bittere bloemen, Atlas, 285 p.
*
De toppers van de Franstalige en van de Duitstalige literatuur werden geselecteerd door respectievelijk Bart Van Loo (26 december) en Piet de Moor (27 december). De toppers – uiteraard in Nederlandse vertaling. Waar is de tijd dat in kwaliteitskranten, weekbladen en tijdschriften recensies verschenen van recente Franse, Engelse en Duitse publicaties...
HFJ