Overblog Suivre ce blog
Administration Créer mon blog
4 février 2011 5 04 /02 /février /2011 23:31

 

Op zijn weblog in de Franse krant Le Monde stelt de enige Belg die ooit een topfunctie bij de New York Stock Exchange bekleedde de vraag of de financiële crisis van 2011 al begonnen is.

Georges Ugeux, doctor in de rechten en licentiaat economische wetenschappen, was gedurende zeven jaar tot 2003 vice-voorzitter van de beurs van New York. Voordien was hij aan de slag bij Generale Bank, Morgan Stanley en de Generale Bankmaatschappij. In 2009 werd hij door de aandeelhoudersvereniging Deminor en de Nederlandse Vereniging van Effectenbezitters (VEB) als voorzitter van de Fortisholding naar voren geschoven, maar greep uiteindelijk naast die functie. Momenteel is hij voorzitter en CEO van de New Yorkse zakenbank Galileo Global Advisors. Zijn oordeel is vernietigend:

Het zijn in de eerste plaats de grote bankiers die het geld- en bankwezen verraden hebben. Wat telde waren bonussen en het maximaliseren van hun winst, waarbij hun hoofdopdracht, het dienen van de klanten, de rug werd toegekeerd. Hun overmoed en hebzucht hebben de mythe van de suprematie van de Amerikaanse vrije markt onderuit gehaald. De financiële elite speelde Russische roulette met de economie en het gaat daarbij om niet minder dan witteboordencriminaliteit.

Georges UGEUX, Het verraad van de financiële wereld. Twaalf hervormingen om het vertrouwen te herstellen, Tielt, Lannoo, 2010, 176 p., 19,95 €.

 

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Politique
commenter cet article
4 février 2011 5 04 /02 /février /2011 23:29

 

In een gesprek met Stijn Tormans (Knack, 2 februari) slaat Luk Alloo spijkers met koppen:

Ik erger me dood aan de politieke verslaggeving van de laatste weken. Ik vind dat alle politieke verslaggevers de koppen bij elkaar moeten steken en zeggen: hier berichten we niet meer over. Elke move, elke schijnbeweging, elke verklaring: allemaal doodzwijgen! Jan Becaus moet zeggen: 'Beste mensen, vandaag is er geen nieuws uit de Wetstraat.” Je zult zien: de volgende ochtend hebben we een nieuwe regering. […]

Ze zijn aan het praten, ze zijn gestopt met praten, ze zijn frangipane aan het eten... En zo gaat dat maar door. Vervang vanavond een TerZake door een TerZake van zestien weken geleden: niemand merkt het verschil nog op.

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Politique
commenter cet article
18 décembre 2010 6 18 /12 /décembre /2010 21:38

Meervoud.jpg

Biepoooost (ex-De Post) boekt meer omzet, meer winsten, meer ontslagen. Dienstverlening wordt vervangen door rendement en louter winstbejag met als gevolg hogere druk op de werknemers en slechtere statuten voor de postmannen en -vrouwen. Mijn facteur belt altijd tweemaal. Althans voorlopig nog.

Wanneer Meervoud, links Vlaams-nationaal maandblad in de bus valt, sla ik meteen aan het lezen. Ik ben nooit ontgoocheld.

Naar aanleiding van de verpletterende verkiezingsoverwinning van de centrumationalistische CiU (Convergència i Unió) stelt hoofdredacteur Christian Dutoit in zijn redactioneel vast dat Catalonië op een aantal vlakken vergelijkbaar is met Vlaanderen:

De kiezer heeft duidelijk gekozen voor 'meer Catalonië', en hoe historisch deze overwinning is blijkt alleen dat CiU vandaag, na een tocht in de woestijn die zeven jaar geduurd heeft, meer zetels behaalt dan in de gloriedagen van haar historische leider, de bankier Jordi Pujol. Catalonië eist een nieuw Estatutmet meer culturele en economische bevoegdheden, en staat vandaag sterker dan ooit in zijn schoenen. Voor minder beginnen ze er niet aan...

*

Jef Turf publiceert een helder opstel over discriminatie, immigratie en solidariteit, waarin hij nagels met koppen slaat. Hij neemt daarbij geen blad voor de mond:

Het is de plicht van de Vlaamse overheid en, zolang ze er nog is, van de Belgische overheid, om in de eerste plaats de solidariteit te verzekeren van het eigen volk en elke discriminatie voor eigen mensen te verbieden.

Volgens de gewezen leider van de Communistische Partij is dit slechts mogelijk wanneer een aantal voorwaarden worden vervuld: het filteren van de immigratiestroom; het onvoorwaardelijke terugsturen van criminelen naar het land van herkomst; het stopzetten van de periodieke regularisatie van de illegalen en het terugbrengen van de massale immigratiestroom tot een geleidelijke, beheersbare immigratie.

Dat is duidelijk niet de bedoeling van de Waalse en vooral Franstalige Brusselse politiekers die verantwoordelijk zijn voor de mislukking van het immigratiebeleid, in de hoop daar electoraal profijt uit te te halen.

Jef Turf verliest zich niet in wereldvreemde theoretische bespiegelingen. Hij beperkt zich tot uit het leven gegrepen redeneringen, waarin iedereen die niet in een ivoren toren leeft zich kan in terugvinden.

Mijn buurvrouw, alleenstaande met kind, heeft acht jaar moeten wachten op een sociale woning. Nu stelt zij vast dat in de sociale wijk waar zij eindelijk een woning heeft toegewezen gekregen, zij omgeven wordt door migranten die veel vlugger een woning konden bekomen. Iedereen die in zulke wijk woont, kan tientallen voorbeelden geven van discriminaties van eigen mensen. Voeg daaraan toe de voorkeur van vooral Turkse en Marokkaanse migranten, voor vertoon met luxe auto's, het verkrijgen van bijzondere voorwaarden voor de aankoop van woningen, de gemakkelijke toegang tot de openbare hulpverlening, en men begrijpt vlug waarom de lokale bevolking revolteert en heil zoekt, niet bij de linkerzijde, die een gebrek aan solidariteit met de eigen bevolking vertoont en leeft bij de muticulturele illusie, maar wel bij extreem rechts dat belangstelling veinst voor hun problematiek. De recente informatie over de rechtsgang waardoor asielzoekers grote vergoedingen kunnen opstrijken wanneer zij niet opgevangen kunnen worden door Fedasil, heeft de verontwaardiging ten top gedreven.

Kortom, “de overheid blijft in gebreke voor een regeling van de immigratie die ook de rechten van de eigen bevolking respecteert”.

In verband met de Islam neemt Turf een duidelijk standpunt in: “Godsdienstvrijheid moet ten allen prijze behouden blijven, voor zover ze niet in strijd is met onze wetgeving”.

Dit betekent niet dat men de Islam niet mag bestrijden. In tegendeel. Nu er eindelijk stappen gezet zijn waardoor het katholieke obscurantisme aan banden gelegd wordt, nu het duidelijk is dat Vlaanderen geen voorbeeldig wingewest meer is voor katholieke zieltjes, zou het onbegrijpelijk zijn de poort wijd open te zetten voor het islamistisch obscurantisme. […] Het moet duidelijk zijn dat ons land een lekenstaat is, met scheiding tussen Kerk en Staat. […] Het is redelijk die scheiding hard te maken en de bestaande dubbelzinnigheden weg te werken. Godsdienst is een persoonlijke aangelegenheid, en wie deel wil uitmaken van één of andere Kerk, moet ook de verantwoordelijkheid dragen om die Kerk te financieren.

*

Miel Dullaert had een gesprek met de filosoof Ludo Abicht naar aanleiding van diens autobiografie Het lunapark en andere plekken (Kapellen, Pelckmans, 2008). Ook hij gaat even in op het migrantenbeleid.

Open grenzen kan niet, want dan krijg je 15 miljoen mensen binnen. Er moet een beleid komen van migratie, dat verteerbaar is. En niet zoals de politieke elite nu doet migranten tegen eigen mensen uitspelen. […] Het kan niet dat je iedereen binnenlaat, behalve natuurlijk politieke vluchtelingen, want dan gaat het sociale draagvlak verloren en krijg je in de kortste keren een hel. Er moet een evenwichtig en redelijk integratiebeleid komen. Vooral principieel en systematisch blijven spreken met goed geïntegreerde migranten […].

Abicht onderstreept dat er tussen de IXde en de XIIde eeuw een verlichte Islam bestond, dat echter de kop werd ingedrukt.

Het feit dat deze verlichte strekking bestaan heeft maakt dat men niet kan zeggen zoals Hirschi Alli van Nederland, of Geert Van Istendael, Benno Barnard en barones Mia Doornaert dat de islam als als zodanig niet ooit terug een verlichte periode zal kennen. […] Als de massa van werkende moslims het beter zouden hebben, sociaal-economisch zouden emanciperen dan zou de verleiding van fundamentalistische groepen en imams al sterk verminderen. Als de islam als zodanig veroordeeld wordt, maakt men het nog erger. […] Godsdienst maakt indruk op mensen die een sociaal-economische en culturele achterstand hebben. In die zin bevestigt dat de kritiek van K. Marx op de godsdienst. Godsdienst is opium van het volk, hun miserie wordt erdoor verlicht. Tegelijk is het een vorm van protest.

Signaleren we ook nog een bijdrage van André Monteyne over 'Istanbul of het derde Ottomaanse Rijk', een lezenswaardige kluwen van (cultuur-)historische bespiegelingen en actualiteit.

Henri-Floris JESPERS

(wordt vervolgd)

Meervoud, 18de jg., nr. 163, december 2010, 52 p., ill.

Drukpersstraat 30, 1000 Brussel. Een jaarabonnement (10 nummers) kost 30 €, te storten op rekening nr. 001-2384501-26.

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Politique
commenter cet article
13 novembre 2010 6 13 /11 /novembre /2010 06:43

 

aleksej6.jpg

Jeroen Vander Ven in de rol van Aleksej © Jan Scheirs

Het was adembenemend én, vergeef me, ook ontroerend om te zien hoe Aleksej in de regie van Koen de Sutter een theaterthriller van drie uur wordt die voorbij vliegt als een stuk van drie kwartier”, noteerde auteur Frank Adam (°1968) toen hij een doorloop van zijn stuk zag.

Regisseur Koen de Sutter (°1966) had in 1998 reeds de oerversie van het stuk toegespeeld gekregen door theatercriticus (en gelegenheidsacteur) Wim van Gansbeke (1938-2008) die niet aarzelde te gewagen van “een stuk van een kwaliteit, die ik de jongste kwarteeuw in Vlaanderen niet meer heb ontwaard...”. De eigenzinnige Van Gansbeke had zonder meer gelijk.

'Adembenemend', 'ontroerend'? Dat is nog zacht uitgedrukt. De toeschouwer wordt genadeloos geconfronteerd met een overrompelende, grensverleggende en tijdeloze tragedie die niet te reduceren is tot een familiedrama, een vader-zoon conflict of een freudiaanse oedipale kluwen. Hier wordt geen klassieker (al dan niet postmodernistisch) gerecycleerd, neen, je wordt de sprakeloze getuige van het ontstaan en de vormgeving van een klassieker.

Het is typisch voor de heersende cultuur van het efemere, van het “hier en nu” en morgen “next”, dat een dergelijke meesterlijke opvoering slechts een paar dagen te zien is! Haast u dus: vandaag en nog 16, 17, 18, 19 en 20 november wordt Aleksej nog opgevoerd in HetPaleis te Antwerpen. In de stadsschouwburg van Brugge op 25 en 26 november.

aleksej1.jpgLode Vercampt, de revelatie in de rol van graaf Schönborn © Jan Scheirs

aleksej4.jpg

Alex Martens in de rol van aartsbisschop Jakov Ignatiev © Jan Scheirs

HFJ

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Politique
commenter cet article
12 mai 2010 3 12 /05 /mai /2010 23:06

 

Bij het bekijken van een opmerkelijk verkiezingsspotje van lijsttrekker Rita Verdonk (TON, Trots op Nederlands) reageerde misdaadauteur Piet Teigeler:

Laten wij het maar toegeven: de Nederlanders zijn straffer dan wij ook in het belachelijke. Verdonk is een karikatuur van Wilders en vergeleken met die figuur begint Filip De Winter bijna op een politicus te lijken.

Een absolute must!

link

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Politique
commenter cet article
12 avril 2009 7 12 /04 /avril /2009 23:18

Oikos en Vooruit organiseerden op 3 februari een lezing en debat met de Nederlandse ex-leraar en geroemde schrijver en cultuurcriticus Cyrille Offermans. Elke van Royen publiceerde een verslag waaruit dit kort uittreksel:

Een boeiend inzicht van Offermans is de duidelijke invloed van het alomtegenwoordige vrije marktdenken op het onderwijs. Mijn ervaring in een CVO (Centrum voor Volwassenenonderwijs) is daar een sprekend voorbeeld van. Onderwijs is een product, de student is een consument. De school is een bedrijf dat zich niet meer richt tot een burger die zich wil ontwikkelen, maar tot een consument die verleid moet worden. Directie is een management team geworden, dat er vooral naar streeft uit te breiden: 5000 studenten was op mijn eerste school niet genoeg, er moesten méér 'klanten' aangetrokken worden, zo bleek op vergaderingen met de directie. Daarom moest het product aantrekkelijk worden voorgesteld via reclame in kranten en andere publicaties. Concurrentie met andere scholen in de omgeving was een evidentie. Alles draaide om het credo van de vrije markt: steeds meer en meer economische groei verwezenlijken. Goed onderwijs, wat je toch als eerste taak van een school zou kunnen beschouwen, moest er vooral zijn omdat de klanten dat eisen.

[...]

Terwijl we op zoveel andere vlakken in het leven constant als (potentiële) klant worden benaderd, is dat dus ook het geval geworden in het onderwijs. Onder vorige ministers van onderwijs zijn beslissingen genomen die dit perfect hebben ondersteund: schaalvergroting en financieringen die afhangen van het aantal diploma's dat een school aflevert.

De volledige tekst van Elke van Royen kan gelezen worden op www.oikos.be .

Doen!

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Politique
commenter cet article
3 janvier 2009 6 03 /01 /janvier /2009 23:38

De jongste aflevering van Balises, Cahiers de Poétique des Archives & Musée de la Littérature cirkelt rond “het kwaad”. Het spektakel van massale slachtingen in Afrika en elders, de escalatie in de wreedheid en de toename van zogenaamd “zacht” geweld verscherpen het gevoel van onmacht en wanhopige fataliteit. In het redactioneel wordt er terecht gewag gemaakt van

“un nouveau type de logique totalitaire ‘soft’ fondée sur l’économique, paradoxalement parée des oripeaux d’un discours humaniste”.

In een even korte als verhelderende bijdrage (“Rendre aux mots le sens de la vie”) stelt Raoul Vaneigem (°1934) dat het fetisjisme van het geld alle waarden van de oude wereld geheel aangevlakt heeft, echter zonder de ontplooiing mogelijk te maken van waarachtige menselijke waarden.

‘Le fétichisme de l’argent […] a aussi étouffé de ses cendres les dernières flammes de la conscience de classe et il menace désormais d’éteindre les dernières étincelles d’humanité dont s’auréolaient encore l’amour, l’amitié, la solidarité, la générosité.

Le corruption affairiste diffuse partout un esprit nihiliste où l’envers vaut l’endroit et où tout se mesure à l’aune du profit. Il règne chez les individus et dans les sociétés un grand trouble qui risque, au moindre prétexte, de se muer en une peste émotionnelle, en un déferlement de folie collective.’

Onder meer in Pour une internationale du genre humain (Paris, Le Cherche Midi, 1999) heeft Raoul Vaneigem een analyse van de arbeid en van het kapitalisme geschetst. De arbeid verandert de wereld, en door de mens te veranderen, te herleiden tot arbeider, wordt hij als uitgesloten. De economie zoals die nu al bijna tienduizend jaren beoefend wordt, betekent zowel de uitbuiting van de aarde als van de mens. Menselijke relaties worden herleid tot de ruilhandel van geproduceerde goederen. De meesters over de handenarbeid heersen niet alleen over het maatschappelijke lichaam en over de lichamen van de individuen, zij treden ook binnen in het circuit van koop en verkoop van waren. Zelfs in relaties die schijnbaar niets te maken hebben met handel, worden de mensen gedwongen om enkel maar handelsrelaties met elkaar aan te gaan. Wanneer de economische noodzakelijkheid voorschrijft de levenskracht in arbeidskracht om te zetten, zo betoogt Vaneigem, dan moet het verlangen plaats ruimen voor de plicht. Daarom voelt iedereen zich, overal en altijd, schuldig.

Tot in de jaren zeventig, zo vervolgt Vaneigem, investeerde het kapitalisme een deel van de winsten opnieuw in het individu en in de maatschappij. Vanaf de jaren tachtig echter werd elk dynamisme opgegeven. Het kapitaal investeert niet meer in nieuwe bedrijven, slankt de productie-eenheden af, sluit fabrieken en stuurt arbeiders op straat. Het geld dat gisteren nog in de groei-economie geïnvesteerd werd, wordt voortaan opgeslorpt door de beursspeculatie en reproduceert zichzelf in gesloten circuits. Het kapitaal investeert enkel nog maar in zichzelf. (Ik kan het vandaag niet meer uitmaken of het voorafgaande een eigen compilatie is, dan wel aantekeningen die ik nam bij het lezen van een recensie… In dat laatste geval: alleszins excuses aan de auteur!)

Nu wijst Vaneigem op het dreigende gevaar van gewelddadige uitbarstingen. “Terroristen” is de modieuze formule om aan te duiden

‘une foule d’écorchés vifs, que trop de frustrations prédisposent à rechercher le martyre au lieu d’apprendre à vivre. En battant le rappel des vieilles croisades religieuses, idéologiques et ethniques, une sinistre danse macabre offre un choix de raisons aussi plausibles que navrantes à ceux que le confinement dans la haine et le ressentiment exposent à la violence inopinée d’un défoulement. L’absence de vie fabrique des tueurs en série.

Il suffit d’une allégation pour que s’éveille chez des êtres apparemment dénués de velléités meurtrières, sinon d’une agressivité communément revêtue de courtoisie, un instinct insoupçonné de massacreur.’

De levensvreugde wordt immers geheel ondergeschikt gemaakt aan de dwingelandij van de rendabiliteit en van het profijt. Het is nochtans uitgerekend die diepe geneigdheid en gedrevenheid tot geluk die het enige tegengif vormt voor de alom heersende en alles ondermijnende morbiditeit die letterlijk dodelijke sociale ravages aanricht. (Hier projecteert Vaneigem de Freudiaanse spanning Todestriebe / Lustprinzip, herzien in het licht van o.m. Wilhelm Reich en Herbert Marcuse.) Hij analyseert treffend het demagogische programma van extreem-rechts, dat het “affairisme”  omzwachtelt met de meest archaïsche en versleten waarden én met de meest holle gemeenplaatsen van de progressiviteit, met als enig doel het ronselen van stemmen door de toepassing van beproefde publiciteitstechnieken (die nu pervers “communicatie” genoemd worden). Ook het alterneren van rechtse of linkse regeringen beantwoordt uitsluitend aan één en dezelfde bezorgdheid:

‘noyer le poisson dans les eaux salées du calcul égoïste, en d’autres termes, obtenir un certificat de bonne conduite des affaires en favorisant la mainmise des entreprises multinationales sur les acquis sociaux et le bien-être des citoyens.’

De enige wapens om de tirannie van de koopwaar vreedzaam schaakmat te zetten zijn creativiteit en kosteloosheid.

Impliciet verzet Vaneigem zich tegen de gedachtepolitie die thans hoogtij viert:

‘Incriminer le langage, les images, les opinions, les soumettre à une décision de justice, en peser le pour et le contre, ce ne seront là que des jeux de balance du spectacle [...].’’

Gerechtelijke uitspraken horen immers bij de rekwisieten van de société du spectacle.

 

[Raoul Vaneigem is de auteur van o.m. Traité de savoir-vivre à l’usage des jeunes générations (1967), Le Mouvement du Libre-Esprit (1986), Adresse aux vivants sur la mort qui les gouverne et l’opportunité de s’en défaire (1990), Lettre de Staline à ses enfants enfin réconciliés, de l’est et de l’ouest (1992).]

(januari 2006)

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Politique
commenter cet article
25 décembre 2008 4 25 /12 /décembre /2008 06:35

De toch zó “verzuurde” Antwerpenaren hebben toch echt geen reden tot klagen. Kunnen ze immers niet bogen op een ”strategisch coördinator” die zorg draagt “voor de vertaling van beleidsplannen van het bestuur naar realiseerbare plannen voor de administratie en coördinatie van de gehele projectwerking van de stad Antwerpen”. En is het hem ontgaan dat “voor de uitvoering van hun taken de stadssecretaris en de strategisch coördinator nauw samenwerken”? Of denkt het slachtoffer van de om zich heen grijpende verzuring dat ambtenaren elkaar durven tegenwerken? Weet hij ook niet dat “iedere burger klant is” bij de stad? Immers: Het stadsbestuur wil uitgroeien naar een klantvriendelijke openbare onderneming. Hiervoor startte in 1999 het project klantenmanagement. Nu zijn meer dan 80 personeelsleden actief in klantenteams.”

Burgers hebben rechten, klanten zijn er alleen om winst te boeken.

*

De Nederlandse klant kan ook al blij door het leven. Met begrijpelijke opluchting heeft hij immers vernomen dat ziekenhuizen voortaan meer gaan “concurreren op kwaliteit en kosten” en zich niet meer richten op de overheid maar “op de markt”. Ze rekruteren dus in toenemende mate (ex)topmanagers uit het bedrijfsleven als toezichthouders. Die benoemingen weerspiegelen “de opkomende marktwerking in de zorg en de verzakelijking van de relatie met de zorgverzekeraars”.

Wie managerees naar mensentaal vertaalt zal wel een kille lijst van nieuwe valse vrienden kunnen aanleggen.

*

De korte, zowat 90 woorden tellende, mededeling betreffende de zoveelste reorganisatie bij de cultuurzender Klara staat bol van lieflijke woorden als adjunct-nethoofd, netmanager, VRT-cultuurnet in wording, tweede presentator, middagwoordprogramma, cultuurcoördinator, coördinator promotie en evenementen

“Met de publieke radio in België liep het zestig jaar rimpelloos. Tot hij het voorwerp werd van marktonderzoek en zogeheten management”, aldus Frans Boenders in een recent nummer van Muziek en Woord.

 (juli 2005)

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Politique
commenter cet article
29 octobre 2008 3 29 /10 /octobre /2008 08:00

Hoewel Henri-Floris Jespers in zijn boek Artis Amore een uitgebreid en goed gedocumenteerd verslag geeft van de zaak J.B. laat ik hier Lambert zijn verhaal doen, zoals ik het hem zo vaak hoorde vertellen: “In 1962 krijg ik het bezoek van een jongmens die een reportage moet maken over de bekende en beruchte vervalsingskwestie Vermeer- Vermeegeren. Ik voel dat hij er geen benul van heeft waarover het eigenlijk gaat en schrijf voor hem een schema en geef hem alle mogelijke informatie.Als hij hoort dat ik dichter ben vraagt hij of hij mij zijn verzen mag laten lezen. Het blijken rijmelarijen te zijn zoals een twaalfjarige die zou schrijven.”

Hier laat ik even Frank-Ivo van Damme aan het woord, die van 1952 tot 1958 het jongerentijdschrift Pijpkruid uitgaf. “In 1954 kwam de 16-jarige Jan Berghmans op onze redactie zijn versjes aanbieden. Om van zijn gezeur af te zijn hebben we er uiteindelijk eentje gepubliceerd. Later zou Jan Berghmans aan Tony Rombouts verklaren dat hij jarenlang verwoed meewerkte aan Pijpkruid. Niets is minder waar. In geen enkel verslag komt zijn naam voor en op de tientallen foto’s van redactieraden, manifestaties en tentoonstellingen van Pijpkruid is er slechts één foto te vinden waarop Jan voorkomt. Nog één of tweemaal lieten we ons verleiden om een kwatrijntje op te nemen, maar toen hij in 1956 De kleine Poort uitgaf leverde Gregor Boude, pseudoniem van Frans Schittecat, een vernietigende kritiek op deze bundel.”


Pijpkruid
: zittend: Jan Berghmans en Marcel Leemas; Greta Aerts en Julia X., Frank-Ivo van Damme, Antoon Vermeylen, Jos Clawert en Renaat Roels, 1955.

Lambert:” Jan was gefascineerd door alles wat ik hem bijbracht over poëzie. Er ging een wereld voor hem open. Tijdens één van onze gesprekken , waarin ik hem trachtte diets te maken dat goede poëzie schrijven iets anders is dan al dat experimentele gedoe liet ik mij ontvallen dat ik gemakkelijk een hele bundel hedendaagse poëzie kon schrijven in enkele dagen tijds. We vonden dit eigenlijk allebei een schitterend idee en maakten een plan de campagne. Ik zou verzen schrijven à la de experimentelen, we zouden ze uitgeven onder de naam van J.B. In korte tijd schreef ik een aantal gedichten, pastiches eigenlijk op bestaande gedichten. Dit was het ontstaan van de bundel Antimaterie die door Jan in eigen beheer en onder zijn naam werd uitgegeven. Maandenlang verliepen zonder bericht van Jan tot ik vernam dat Antimaterie bekroond was op de Poëziedagen te Wemmel. Na enkele dagen krijg ik Jan aan de telefoon. Ik zeg: “Jan, nu is ons moment gekomen en gaan we deze grap wereldkundig maken”. Wat antwoordt Jan?: “Lambert, ik ben nu beroemd! Laat mij beroemd!”

Na enige tijd komt Jan bij mij en vraagt nieuwe gedichten. Toen ik even de kamer uit was heeft hij de kans gezien om enkele van mijn verzen uit een map te halen. Tot mijn ontzetting merk ik dat even later mijn verzen onder zijn naam verschijnen. Uit zelfverweer en een behoefte om de waarheid bekend te maken besloot ik van dan af het spelletje mee te spelen en aan Jan gedichten af te leveren waarin mijn naam verscholen zat . Vijf jaar lang heeft het geduurd vooraleer men ontdekte dat de gedichten van Jan Berghmans acrostichons bevatten of inhoudelijk verwezen naar de mystificatie.”

                  Laat later anderen dit lezen

                 Al is het moeilijk misschien

                 Mocht het dan zijn dat toch één wezen

                 Begrijpt waarnaar ik uit blijf zien

                 En daarom diende er gezwegen

                 Rapunzel ter herinnering

                 Terwijl een koekoek allerwegen

                 Jaar in jaar uit mijn naam verving

                 Al klinkt uit honderden verhalen

                 Geen naam meer op die wij verstaan

                 En mocht daarop ten enenmale

                 Niet vers na vers ten gronde gaan

                 Eerst later wordt mijn spoor bekend

                 Als alles wat ik heb geschreven

                 Uit een voor mij gemaskerd leven

Toen het hele spel begon kende niemand Jan Berghmans maar ook Lambert Jageneau was niet bekend in de literaire wereld. Door het succes van Antimaterie en vooral door de lovende kritieken van o.a. Hubert Lampo, Jozef Van Hoeck, Willy Vaerewijck en Karel Jonckheere had Jan zich vele belangrijke vrienden gemaakt. Niemand ontdekte de mystificatie of liever niemand maakte de mystificatie bekend. Want Jaak Brouwers was al minstens één jaar voor de publicatie in het Nieuw Vlaams Tijdschrift op het spoor gekomen van de acrostichons. Dat hij toen al op de hoogte was van de acrostichons bewijzen 2 brieven van W. Vaerewijck aan Jaak:

1. “Bijgaand 6 gedichten van Berghmans voor NVT. Zij zijn met formidabel veel zwier geschreven. Jij waarschuwde me voor mystificatie. Besnuffel ze eens en zeg mij of je zwavel of onraad ruikt.”

2. “Mag ik je vragen om me dringend de gedichten van Jan Berghmans terug te sturen?  De auteur wordt nerveus en jij weet best hoe opgewonden dichters te werk gaan.”

En wat te denken van de eigen bundel die Jaak schonk aan Lambert waarin hij bij volgend gedicht  een opdracht schreef:

                Kroongetuige

                 Niemand is beter op de hoogte

                Van het verzanden

                Dan deze droogte.

                Voordat ik u verbinden kon

                Met taal aan tong

                Aartsengelen staan tussen ons.

  De opdracht luidde: “Voor Lambert . Lees maar, er staat wel wat er staat.”


Jaak Brouwers tussen prof. Herman Mertens en Joke van den Brandt

Lambert, op het matje geroepen door Jaak, vroeg met grote aandrang om te wachten met de bekendmaking. Jaak adviseerde Willy om de gedichten niet te publiceren om redenen die hij later zou meedelen. Het leescomité van het NVT vond Brouwers’ argumentatie (terecht) te zwak en besloot de gedichten op te nemen.

Ook de mannen van tijdschrift Heibel, Frans Depeuter, Robin Hannelore en Walter van den Broeck hebben nooit geloof gehecht aan het dichterschap van Jan Berghmans. In hun blad hebben zij zich vaak vrolijk gemaakt om de ernst waarmee J.B. de beroemde dichter speelde terwijl zij hem door en door kenden en wisten dat het met zijn minieme culturele bagage onmogelijk was dat hij zulke gedichten schreef.

Steunend op geruchten en een gedicht dat gepubliceerd werd in het programma van een Middag van de Poëzie in de Residentieschouwburg te Brussel licht De Standaard op 28 november 1967 een tip van de sluier op.

Joke VAN DEN BRANDT

(wordt vervolgd)

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Politique
commenter cet article
14 octobre 2008 2 14 /10 /octobre /2008 03:57

De subversieve ambitie van De Rode Tong van de Leeuw op dit moment in de Belgische geschiedenis is het in kaart brengen van wat we gemakshalve de linkerzijde van de brede Vlaamse Beweging zouden kunnen noemen. Of wat valt onder het etiket "links flamingantisme", een politieke stroming die de emancipatie van de Nederlandse taal- en cultuurgroep in de Zuidelijke Nederlanden in zijn sociale context plaatst, daar radicaal democratische verzuchtingen aan koppelt en die plaats in een internationalistische context. Het is dus dat belangrijk deel van de brede Vlaamse Beweging dat zenuwknopen deelt met de arbeidersbeweging, het feminisme, de groene beweging, ... Solidair met andere taal- en cultuurbewegingen in andere uithoeken van de aardbol die langzaam aan ten prooi valt van een door neo-conservatieven en andere ideologische veelvraten gedicteerde globalisering. 

Als linkse cartografen van de Vlaamse Beweging verzamelt De Rode Tong van de Leeuw namen, web-adressen en informatie rond organisaties, personaliteiten, historische figuren, boeken en initiatieven die als sociaal geëngageerd flamingantisme herkend en erkend kunnen worden.

Als u zelf links naar organisaties, personaliteiten, historische figuren, blogs, websites, artikels, boeken en initiatieven wilt aanbrengen kunt u e-mailen op het adres : info@derodetongvandeleeuw.be

Hendrik VERROKEN

www.derodetongvandeleeuw.be

"Het Vlaamse vraagstuk is dus ten gronde een sociaal vraagstuk. En zo is het geweest vanaf het begin. En heden ten dage is het nog zo. De strijd van het Vlaamse volk voor zijn taal en cultuur sluit aan bij de universele strijd van de volkeren voor hun ontvoogding, een strijd eigen aan de hedendaagse geschiedenis. In dit opzicht is het wezenlijk een democratische strijd."
(Ernest Mandel en Jacques Yerna in Socialistische perspectieven voor de Vlaamse kwestie, 1958.)

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Politique
commenter cet article

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche