Overblog
Suivre ce blog Administration + Créer mon blog
27 juillet 2010 2 27 /07 /juillet /2010 04:20

 

BertBevers.jpg

In het najaar verschijnt er niet alleen nieuw werk van Vera Alexander Beerten en Marleen de Crée-Roex (zie vorige blogs), maar ook een nieuwe bundel van Bert Bevers.

De Nederlandse dichter en beeldend kunstenaar Bert Bevers (°1954), reeds lang woonachtig te Antwerpen, is ook actief op het net (zijn weblogs beveel ik ten zeerste aan) en als drijvende kracht achter en/of medewerker aan talrijke uitgeversinitiatieven en publieksevenementen in Vlaanderen en Nederland. Hij affirmeert daarbij, wars van het dominante consensuele denken, een aparte en eenzelvige, maar altijd sterke poëtische persoonlijkheid.

*

In het najaar verschijnt bij Litera-Este de bundel Andere taal, waarvan hier alvast het negende gedicht van de cyclus “Gelovige gedichten”:

 

Hoofd omhoog. Er zijn stoute schoenen genoeg,

met mensen erin. Twijfelen kost tijd, maar mag.

Van wachten echter wordt geduld soms dol.

 

Vol kalmte verkruimelen dan projecties, waarin

inzicht talmt. Hij heeft te snel gedroomd misschien,

maar het is hij die alles opslaat waarmee ik voort kan.

 

Helder omzoomd is deze vinder van dingen. O, blijf

ons nabij. Mompelen volstaat in geen geval. Er zijn heus

wel goden zonder scepters maar geen scepters zonder goden.

Annmarie Sauer gewaagde geheel terecht van een intrigerende, geraffineerde poëzie.

Henri-Floris JESPERS

Partager cet article
Repost0
24 juillet 2010 6 24 /07 /juillet /2010 06:40

Panorama van de Vlaamse republiek der letteren gezien
vanuit de korf van een laag zwevende luchtballon


Un homme qui n’aime pas les livres est une sorte de monstre. Un homme qui substitue les livres à la vie est, lui aussi, une sorte de monstre.

Gabriel Matzneff,  Le Taureau de Phalaris

Patrick Lateur; almaar hard labeur in de antieke wereld van de grote klassieken of onze goede Ouden.

*

Luc Devoldere; jezuïtische jongeling met jansenistische trekjes. Goede orator, kan dan ook dienst doen als hogepriester van het Woord. Weet veel, maar niet alles over Marguerite Yourcenar.

*

Christine D’haen; deze lyrische harpiste en stokoude harpij is onlangs overleden en daarom geen kwaad woord over haar.

*

Paul Claes; onze Vlaamse Umberto Eco. Geen familie van Ernest Claes.

*

Frans Deschoemaeker; heeft de onderhuidse lach van de landjonker behouden, maar leidt al bij al een zeer burgerlijk bestaan in het oude Oudenaarde.

*

Gaston Durnez; wordt elk jaar een jaartje ouder, maar ondervindt van dit feit als fijne, eerder ongevaarlijke, humorist en groot bewonderaar van Chesterton niet echt last.

*

Dirk van Bastelaere; Vlaams poëticaal genie zonder die zo geniepige valse bescheidenheid of in het Frans : ce n’est pas la modestie qui l’étrangle. Heeft met zijn beruchte bloemlezing Hotel New Flandres in elk geval wel een daad van rechtvaardigheid gesteld.

*

Robin Hannelore; peutert nog altijd voort in Grobbendonk (ligt in de stille Kempen).

*

Frans Depeuter; maakt opnieuw heibel in het stille Kempenland.

*

Jean-Pierre Dumoulin; staat voor een serieus dilemma : nog drinken en niet meer schrijven of niet meer drinken en wel schrijven.

*

Hedwig Speliers; vindt gelukkig elke keer weer een gloednieuwe dada (na Johan Daisne, Gerard Reve en Stijn Streuvels is het nu Maurice de Guérin), maar is beslist geen dadaïst.

*

Wilma (eigenlijk Wilhelmina Johanna) Stockenström; hier verdwaald als mijn geliefde Zuid-Afrikaanse dichteres (alleen al die mooie voornaam) is een beetje bijziend maar ziet soms helderder dan Antjie Krog.

*

Herman Brusselmans; nooit een mooie jonge god geweest, wel altijd een rauwe humorist met hilarische onderbroekenhumor (dit niet geheel terzijde, zoude ik denken).

*

Stefan Hertmans; heeft een directe telefoonlijn met de stad Miletet en het dorp Merelbeke, heeft een directe lijn met zijn schoonvader, de bebaarde almaar lachende professor H. Bousset.

*

Jan van der Hoeven; virtuoos van de taal, schreef scherpe pikante epitafen maar is alsnog gezwicht voor zijn eigen grafgedicht.

*

Leopold M. van den Brande; een dode mythe, maar leeft nog voort als een zeldzame Mechelse koekoek.

*

Kristien Hemmerechts; geen gewone nudiste, poseerde toch ooit naakt voor haar zelfs niet geschokte of zelfs niet opgehitste lezers en lezeressen.

*

Monika van Paemel; wel een Belgische barones, helaas geen Vlaamse gravin.

*

Hugo Brems; de Leuvense professor bij de Leuvense stoof met zijn twee knappe dochters. Heeft Patricia de Martelaere driemaal verraden.

*

Charlotte Mutsaers; charmante originele dame die soms resideert in de witte badstad Oostende. Elke keer dat ik daar op de zeedijk kreeft eet, denk ik aan haar en haar heerlijke kreeftenboek Koetsier Herfst.

*

Aleidis Dierick; de dichtende dame die tijdens de tweede wereldoorlog helaas geen verpleegster aan het Oostfront is geweest.

*

Roger M.J. de Neef; een notoir jazzkenner en zeer cerebraal dichter.

*

Alain Delmotte; de grote premiejager in die zo noest wroetende provincie aan de zoom van de zee.

*

Raf Seys; werd onlangs gesignaleerd in Koekelare als le roi du village.

*

Patricia de Martelaere; vergeten minnares, vergeten schrijfster, vergeten martelares op het altaar van de Vlaamse mediocriteit.

*

Benno Barnard, zoon van een dichtende dominee, is een zwaar gebelgde Nederlander of een Nederlander die boos is omdat hij geen Engelsman of een echte oude Belg kan worden.

*

Henri-Floris Jespers; minstens één eeuw te laat geboren, had moeten leven in de negentiende eeuw in Parijs. Ik zie hem zo al copieus dineren met Victor Hugo of Honoré de Balzac, maar toch vooral ook met die zo giftig roddelende en geestige gebroeders Edmond en Jules de Goncourt.

*

Geert van Istendael; aristocratisch gedreven Brusselaar, maar houdt paradoxaal genoeg van dikke Duitse worst en van de voormalige D.D.R. (niet te verwarren met de Dietse Democratische Republiek).

*

Leonard Nolens; zeer monomaan dichter, al bij zijn leven heilig verklaard, bewierookt, gebalsemd en puur vergeestelijkt. Tussen Henric van Veldeke en Leonard Nolens waren de eeuwen doordrongen van een mystieke Limburgse stilte.

 

*

Paul de Wispelaere, de kleine reus van Maldegem, verschuilt zich als literaire smokkelaar al vele jaren in die grensstreek waar smokkelaars thuis zijn.

*

Hubert van Herreweghen; wijze nestor die evolueerde van Gezelliaan naar een verlate postmodernist. Of de dichtende landsman van ’t Brabants land.

*

Renaat Ramon; heeft opnieuw het vierkant uitgevonden, de kubus, en het vierkant in het vierkant. En ook de edele en onedele metalen kennen geen geheimen meer voor deze zoeker die al veel gevonden heeft.

*

Herman J. Claeys; let op die beginletter van zijn tweede voornaam die niemand kende, die bijna niemand kon verklaren.

*

Luuk Gruwez; gezellige dichter die in het gezellige Hasselt rondwaart, waar iedereen tot ver buiten deze bronsgroene provincie deze lange slungelachtige dichter zo gezellig vindt.

*

Patrick Conrad; sliep ooit met de mooie filmdiva Charlotte Rampling, maar slaapt nu al jaren toch voornamelijk met zichzelf.

*

Adriaan Peel; monnik of dichter? Botanist of boeddhist? Geen probleem, hij is al in het Nirwana.

*

Piet Thomas; de letterlievende priester bij wie ik niet zo graag zou willen biechten.

*

Lucienne Stassaert; houdt van haar poezen en van haar Hadewijch. Niets menselijks is haar vreemd.

*

Bart Vonck; een querulant met een paar vonken, maar te weinig spatten.

*

Ben Klein; de harde naakte waarheid is al hoorbaar in zijn naam.

*

Koen Stassijns; zwaar geparfumeerde epigoon die de brute pech heeft dat Herman de Coninck al jaren dood is.

*

Willie Verhegghe; sympathieke man die eigenlijk een Flandrienof een hard rijdende wielrenner in de Hel van het Noorden had willen zijn, maar dan zonder doping.

*

Mark Meekers; veelvuldig literaire prijzenwinnaar, maar helaas niet echt een groot dichter, wat nogmaals bewijst hoe onbekwaam onze Vlaamse literaire jury’s zijn.

*

Tom Lanoye; verblijft nu en dan graag in het heerlijke subtropische Zuid-Afrika, niets ongewoons, gewoon een homofiel bij de bruinmense. (Grapje, flauw grapje)

*

Rob Goswin; verkocht ooit een paar druppels van zijn bloed in een doosje. Sindsdien kent hij de eeuwige liefde en kennen wij de verlossing.

*

Claude van den Berge; diep onder het ijs vloeit zijn alles zuiverende woordrivier.

*

Erik Spinoy; academicus die leeft van de tranen van Trakl en ook de kussen van Suzette en de Umnachtung van Hölderlin zijn hem zeer vertrouwd.

*

Max Kazan; heeft Jack Kerouac overleefd, maar heeft hem helaas nooit ontmoet.

*

Lut de Block; wandelde ooit samen met haar dochter op de Meir in Antwerpen en schreef daarover een mooi ontroerend gedicht.

*

Charles Ducal; kent als geen ander het korset van het huwelijk en de hinderlijke dwangbuis van de rijmende poëtentaal.

*

Mark van Tongele; sympathieke dichter die heel snel woorddronken wordt. Heeft geneeskunde gestudeerd, maar kan ook zichzelf niet genezen.

*

Serge Largot; woont nu op de Nederlandse Antillen. Of een vergeten Bruggeling beland bij vergeten bosnegers.

 

*

Bert Popelier; een dwerg op veel te hoge poten.

*

Ivo Michiels; een Antwerpse kosmopoliet die in het zuiden van Frankrijk woont, meer bepaald in de landsstreek die door Julius Caesar en zijn tijdgenoten als de provinciewerd omschreven.

*

Joris Denoo; schrijft al te veel en te snel en kreeg daardoor dan ook al heel vroeg een zeer witte witgrijze haardos.

*

Jozef Deleu; een omhooggevallen onderwijzer die een machtige cultuurpaus werd.

*

Gwy Mandelinck; gelooft en droomt waarlijk dat hij een groot dichter is, maar helaas nee, o nee, ’t is helaas niet zo.

*

Eriek Verpale; goede verteller en brievenschrijver die maar al te graag koketteert met zijn joodse origine (zijn grootmoeder zou een joodse uit Litouwen zijn), maar als hij een Jood is, dan ben ik een Fransman.


Hendrik CARETTE

Partager cet article
Repost0
23 juillet 2010 5 23 /07 /juillet /2010 06:23

 

Frank Hellemans is een alerte lezer van de elektronische editie van de Mededelingen van het CDR. In Knack Boekenburen typeert hij de Mededelingenals “een bonte verzameling van geleerde en luchtige bespiegelingen én in memoriams”, die altijd wel “iets aparts” bevatten.

Onder de titel “Hendrik Carette fileert (vilein) Vlaamse schrijvers”, verwijst hij meteen naar de jongste aflevering (nummer 161), waarin de 64-jarige dichter een “Panorama van de Vlaamse republiek der letteren gezien vanuit de korf van een laag zwevende luchtballon” publiceert, een verzameling one- of twoliners.

In de editie van 19 juli pakt dichter Hendrik Carette uit met een soms hilarische, soms voorspelbare typologie van de Vlaamse schrijvers. Van Herman Brusselmans tot Tom Lanoye, van Jozef Deleu tot Gwy Mandelinck: iedereen krijgt wel een veeg uit de pan.

Carette typeert zijn collega's aan de hand van one- of twoliners, waarvan Frank Hellemans enkele representatieve voorbeelden citeert, te lezen op:

http://knack.rnews.be/nl/actualiteit/nieuws/boeken/hendrik-carette-fileert-vilein-vlaamse-schrijvers/article-1194778247707.htm

*

Ziehier alvast wat Carette over uw dienaar schreef:

Henri-Floris Jespers; minstens één eeuw te laat geboren, had moeten leven in de negentiende eeuw in Parijs. Ik zie hem zo al copieus dineren met Victor Hugo of Honoré de Balzac, maar toch vooral ook met die zo giftig roddelende en geestige gebroeders Edmond en Jules de Goncourt.

Frank Hellemans merkt daarbij op: “Allicht geldt deze laatste typering ook voor Carette zelf...” Ik kan het niet laten hier “ook” mentaal te vervangen door “vooral”. In zijn dichtbundel Niet zomaar niets (Gent, Yang, 1981) bekende Frank Hellemans (°1957): “ik zal het schaken nooit verleren”. Ik eigen mij dit citaat graag toe...

*

Een lezeres van Knack Boekenburen reageerde alvast zuur:

Vrij flauw en mediocre, zulk een 'typering' van Vlaamse schrijvers. Al hebben een aantal onder hen wellicht een veeg uit de pan verdiend. Merkwaardig genoeg worden schrijvers die door hun beperkte uitstraling in het buitenland weinig of geen aandacht krijgen en dus typisch Vlaamse heimatschrijvers zijn, hier nogal ontzien : Herman Brusselmans, Ivo Michiels, ... Wie heeft er buiten de kliekjes aanbidders van eigen bodem al van deze auteurtjes gehoord? In ieder geval is dit een zeer Vlaamse manier om auteurs te typeren : in enkele oneliners, hét Vlaamse stijlmiddel bij uitstek. Nu over naar interessante boeken, aub, en het hoeft echt niet Vlaams te zijn.

Ivo Michiels een typisch Vlaamse heimatschrijver met beperkte uitstraling in het buitenland? Tja, het net biedt iedereen de mogelijkheid zonder enige dossierkennis onzin te spuien...

*

Lezers van de blog Mededelingen vroegen mij waarom de tekst van Carette hier niet verscheen. Laat mij het een en ander verduidelijken.

De Mededelingen het CDR verschijnen in principe tweemaal per maand. Het tijdschrift wordt verstuurd naar de medewerkers van het Centrum voor Documentatie & Reëvaluatie en naar de betalende abonnees, die de keuze hebben tussen de papieren en de elektronische editie.

De papieren editie wordt als brief per slakkenpost verstuurd, de elektronische editie wordt per snelweg als pdf-exemplaar verzonden.

De blog “Mededelingen van het CDR” die u thans raadpleegt, staat onafhankelijk van het tijdschrift. Hier leest u enerzijds berichten die mogelijk niet verschijnen in het tijdschrift, anderzijds een keuze uit de bijdragen opgenomen in het tijdschrift.

De blog dient als uithangbord voor de papieren of elektronische editie van het tijdschrift.

*

Vermits de tekst van Hendrik Carette niet alleen in KnackBoekenburen maar ook op FaceBook voor reacties zorgt, zal hij morgen hier integraal gepubliceerd worden.

(HFJ)

Partager cet article
Repost0
20 juillet 2010 2 20 /07 /juillet /2010 22:53

overlijden-Joanna-Bel-008.jpg

Daniëlla Mariën: “je moederhart verlaat mij niet, weggegaan maar toch dichtbij”


Als voorzitter drukte John Bel (1925-2008) een onuitwisbare stempel op de werking van de literaire kring ExLibris. In feite was het zijn zuster Joanna (°Borgerhout, 22 februari 1923) die met Bert Peleman (1915-1995) de kring op gang bracht, aanvankelijk een vriendenkransje. De bijeenkomsten vonden plaats in café Exlibris aan de Boterlaarbaan te Deurne. Ik herinner me nog levendig de bijzondere sfeer van dit volkscafé, uitgebaat door Joanna's zoon Johnny Volders (1949-1997). Terwijl de club vergaderde en lezingen gehouden werden bleef de kroeg uiteraard open, en af en toe bleek een toevallige tooghanger plots geïnteresseerd in wat gezegd werd. Dat deed me denken aan het roemruchte Celbeton te Dendermonde. Na de dood van Johnny verhuisden we naar de deftige Taverne Rochus, eveneens te Deurne.

De kunstminnende Joanna Bel – die ook zowat fungeerde als “power behind the throne... – vervulde haar rol van gastvrouw met voorname en warme vanzelfsprekendheid.

*

Bij de viering van haar 75ste verjaardag kreeg Joanna Bel op 4 maart 1998 een fraaie bibliofiele uitgave aangeboden, geïllustreerd door Frank-Ivo van Damme, Antoon Vermeylen, Horvath Hermina en Walter Baplue. Het literaire luik werd verzorgd door Jack Apers, Ugo en Anne-Marie Beirens-Verbeke, Joke van den Brandt, Liane Bruylants, Beatrijs van Craenenbroeck, Guy Didelez, Roger Geerts, Hector van Gijsel, Katelijne Van der Hallen, Daniëlla Mariën, Werner Spillemaeckers, Jos Vandeloo, Jos Van der Veken, Antoon Vermeylen, Erik Verstraete en Gert Vingeroets.

Uit dit kleinood, dat in een beperkte oplage van 50 exemplaren verscheen, het huldegedicht van Werner Spillemaeckers (°1936):

 

Joanna is jarig

 

Joanna, het licht was vanmiddag zo fel en de zon

lag zo wit op de statige gevels der leien gepleisterd,

en laag op haar klamme kasseien. Het bouwwerk van

Baekelmans, van baksteen zacht gloeiende achter der

bomen geblakerde bast, stond te wachten op de tram.

 

Staart gij bij het open venster naar der kale

kruinen kracht van eiken en van beuken

achter Van Baurscheit zijn klassiek kasteel nu?

Het is er nog, het is er weer, het verstorvene

weleer van de familie Cogels en de echo van

soldatenlaarzen feldgrau. En nu een home der

likmijnwonden- en verzorgingsmaatschappij.

Rijzende en ruisende pracht als dat dra weer open

springt?

 

Gij werd met de lente verwacht en nu verwacht u

de lente opnieuw in een tuil van lentes van jaren.

Aan welke sproke denkt gij, Joanna? Welke man

stapt daar rustig naar het kasteel? Fel blikkert uw ogenblik

in het scheerlicht op de kasseien,

 

Joanna.

*

Joanna Bel is zacht ingeslapen bij haar thuis te Deurne, in het bijzijn van haar dochter Daniëlla, op 14 juli 2010.

Gisteren werd van haar afscheid genomen. De uitvaartliturgie vond plaats in de Sint-Rochuskerk te Deurne – op een steenworp van de vertrouwde taverne waar de kring die haar zo na aan het hart lag maandelijks vergadert... – en werd bijgewoond door o.m. Walter Baplue, Joke van den Brandt, Willy Braspenninckx, Irene Broer, Wim en Min De Cock, Julien en Agnes De Cuyper, Frank-Ivo Van Damme, Hélène Van Dyck, Alice Geerts, Herwig Van Horebeeck, Jan Van Oostende, Dries Timmermans, Jan Vaes, Erik Verstraete, Jos Vervloet en Gert Vingeroets.

Joanna's familieleden vinden hier mijn oprechte blijken van deelneming en medeleven: dochter Daniëlla Mariën en zoon Stevie; zoon Leo Volders; Janke Geers, weduwe van Johnny Volders; Jeanine, weduwe van John Bel en kinderen Linda en Marc.

Henri-Floris JESPERS

overlijden-Joanna-Bel-023.jpg

*

Over ExLibris en John Bel:

http://mededelingen.over-blog.com/article-26244833.html

http://mededelingen.over-blog.com/article-33184108.html

http://mededelingen.over-blog.com/article-26278105.html

http://mededelingen.over-blog.com/article-34146337.html

Partager cet article
Repost0
20 juillet 2010 2 20 /07 /juillet /2010 01:58

Luc Pay heeft mij hier (Mededelingen 161 van 19 juli, pp. 8-10) al nieuwsgierig gemaakt naar Vulkaanvrucht, de debuutroman van de 22-jarige Y. M. Dangre die in september bij Meulenhoff / Manteau verschijnt.

In het najaar verschijnen er ook enkele sterke dichtbundels. Zo publiceert uitgeverij P nieuwe gedichten van Marleen de Crée-Roex (°1941) die al kan terugblikken op wat gerust een oeuvre mag genoemd worden. Net als bijv. Hubert van Herreweghen (°1920) en Lucienne Stassaert (°1936) kan ze gerekend worden bij de dichters die zich zelden herhalen maar alert blijven werken aan de verdieping van hun poëticale en persoonlijke problematiek. Ziehier alvast een gedicht uit de nieuwe bundel van Marleen de Crée, Het is niet de lava:


Süsze Stille


de winter speelt zijn parten.

staat op hoge poten te blikkeren.

Bloed bevriest. woorden stollen

in de mond. stilte in het hart.


Het wachten is begonnen, een rimpel

in de sneeuw. takken zingen de

droge noten. stemmen staan strak.

de een gaat niet naar de ander.


wit verslaat het zwart. ijs dooft

het water, stropt de keel, sluit.

in het donker glinstert het wak.


geen enkel geluid dwaalt nog

over de vlakte. we zwijgen

nu samen, ademen in, ademen uit.

*

Na Dooraderd licht (1998) en Kantelingen (2006) brengt uitgeverij P een derde bundel van Vera Alexander Beerten (°1957), een dichteres die zuinig en bedachtzaam publiceert maar telkens opnieuw weet te verrassen door een geheel eigen zegging. Dat is nu ook het geval met de sterke, donkere en bij wijlen hooghartige bundel Slechts kwaad wind.

Hier, uit de cyclus 'Het lijkt alsof winter een uitverkoren grafsteen is', in memoriam W. A. & M. B., het gedicht 'Het lijkt...':


Mensen op tram 6 vinden het niet erg

Om geen verdriet te hebben –


Op dit uur is het veel te vroeg

En bovendien nog winter.


Aan hun ontbijt ontbraken niet

De vrienden dichters –


Ze hebben geen last van lood in de tong,

Van woede die alsmaar over boeken streelt


En luistert naar Brahms, Bartók of Bach

Terwijl licht zich licht verdeelt en valt.


Aan diepgang schijnbaar geen behoefte –

Ze keffen wat, schikken hun haar, ruiken.


Het liefst van al geven ze pootjes

Dat loont.

(HFJ)

Partager cet article
Repost0
19 juillet 2010 1 19 /07 /juillet /2010 06:08

Redactioneel

mdd.png

De raadselachtige Geert van Bruaene kwam in de Mededelingen van het CDR al vaker terloops ter sprake. Als primeur kregen de abonnees ook in exclusiviteit de integrale editie van de brieven van “le petit Gérard” aan Paul van Ostaijen te lezen.1 Ook eerder geheel onbekende gegevens over de wederwaardigheden van die baanbrekende “kunst”-handelaar tijdens de bezettingsjaren werden hier voor het eerst bekendgemaakt.2

De tussentijdse studie van Henri-Floris Jespers verscheen zopas als tuimeldruk in het Nederlands en in het Frans bij de Brusselse uitgeverij Connexion. Het boek wordt feestelijk voorgesteld op 15 september in Goudblommeke in papier, de legendarische kroeg destijds geanimeerd door Van Bruaene (Cellebroedersstraat 53-55, 1000 Brussel). De abonnees krijgen te zijner tijd een persoonlijke uitnodiging met vermelding van het programma.(Zie de rubriek “Door de leesbril bekeken.”)

*

In De duim van Alva, de jongste roman van Kisling & Verhuyck (Arbeiderspers, 2010, p. 96)), is er sprake van “Les nains volants”:

De vliegende dwergen, vertaalde Lea. Dat is een tijdje heel populair geweest, dwergwerpen. Want ze vlogen natuurlijk niet echt. Ze werden gegooid. Tot het werd verboden. […] Ze hadden anders een behoorlijk inkomen, en ze hebben ook fel geprotesteerd tegen het verbod. Ze beschouwden zichzelf als acrobaten. Werpen kon iedereen, maar

geworpen worden was de kunst, zeiden ze. Het mocht niet baten. Nog geen maand later zaten ze allemaal te kniezen in de bijstand […].


 

Van Ton van Reen (°1941), voortreffelijke uitgever en veelzijdige schrijver die beslist meer aandacht verdient van het zelfgeproclameerde (tijdelijke) literaire establishment dan hem tot nu te beurt viel, ontvingen we het gedicht ' Dwergwerpen in 'Het Vlaamsche Schnitzelparadijs' – “een gedicht voor de Belgen”. [Over Ton van Reen, zie de rubriek “Door de leesbril bekeken”.]

Op de weblog van Mededelingen van het CDR verscheen op 3 augustus 2009 een beklijvend gedicht van Ton van Reen opgedragen aan Remco Campert, dat nu ook in de eerstvolgende papieren editie opgenomen zal worden.

Poëzie van de tegendraadsheid”?3 Inderdaad.

*

Vanuit de korf van een laag zwevende ballon”werpt Hendrik Carette (°1946) op de hem zo eigen (en bij wijlen onthutsende) manier een scherpe blik op de republiek der letteren .

Laat Carette nog zweven, zijn aforistisch oordeel is soms treffend en alleszins het overwegen waard – al was het maar omdat hij (onbewust) heel wat onthult over zijn eigen verdroomd universum...

*

De publicatie en verzending van de papieren editie van de Mededelingen liet de voorbije maanden te wensen over.

Maatregelen worden getroffen om daaraan te verhelpen.

Inhoud

 

Gedicht

Ton VAN REEN: Dwergwerpen in 'Het Vlaamsche Schnitzelparadijs'

Kritisch

Hendrik CARETTE: Panorama van de Vlaamse republiek der letteren gezien

vanuit de korf van een laag zwevende luchtballon.

Luc PAY: Omtrent Y. M. Dangre

Caleidoscopisch

Lucienne STASSAERT: 'De tuin van Marcel'

Guido's galerie

Ruth Lasters

Door de leesbril bekeken

Lezen ministers tijdens de vakantie?

Achteruitkijkspiegel

Henri-Floris JESPERS: Geert van Bruaene


1Henri-Floris JESPERS, 'Van Ostaijen, Van Bruaene en Schirren: enkele nieuwe gegevens', in: Mededelingen 115, 8 april 2008, pp. 5-13.

2 Henri-Floris JESPERS, 'Geert van Bruaene: de bezettingsjaren', in: Mededelingen 145, nr. 145, 30 september 2009, pp. 4-6.

3Chrétien BREUKERS, 'De poëzie van de tegendraadsheid', in: Adrie MOLIN et al., Toon van Reen. Schrijver, verteller en wereldburger, Breda, De Geus, 2008, pp. 115-124.

Partager cet article
Repost0
8 juillet 2010 4 08 /07 /juillet /2010 02:44

GSV-Andy-Fierens---Foto-Franky-Claeys.jpg

Foto: Franky Claeys

Andy Fierens (°1976) is een onverzadigbare veelvraat in de breedste zin van het woord: hij is frontman van de literaire trashgroep Andy & the Androids, maakt samen met Sam de Buysscher de cartoonreeks Kawabata en organiseerde talloze evenementen. Maar in de eerste plaats is hij dichter. “Andy Fierens is een bokser”, schreef Guido Lauwaert in Knack, “hij slaat niet met zijn vuisten maar met zijn stembanden.” Het podium is zijn strijdtoneel. Zo deelt Fierens aan de lopende band op het ritme van mitrailleursalvo’s zijn onnavolgbare verbale uppercuts uit op podia in België, Nederland, Frankrijk, Zuid-Afrika en Japan.

In 2009 verscheen zijn debuutbundel Grote smerige vlinder, die bekroond werd met de Herman de Coninckprijs voor het Beste Debuut. ‘Potige testosteronpoëzie van een dichter die wijdbeens in het leven staat en met een glimlach in de klerezooi stapt,’ aldus de jury.

*

Vanavond, donderdag 8 juli, 140ste MUZEVAL, literair-artistiek café Den Hopsack, Grote Pieter Potstraat 24,2000 Antwerpen.

Deuren 19.30 uur - aanvang 20.00 uur. Gratis toegang

*

Grote Smerige Vlinder in de pers:

Eerlijk gezegd heb ik me zo vermaakt met dit boek dat dat een understatement is. (...) Het is lang geleden dat ik zo’n vrolijk stemmend en naar meer smakend debuut heb gelezen.’ (Erik Jan Harmens, Trouw)

Grove, lelijke, foute anti-literatuur die bij vlagen buitengewoon vermakelijk is.’ (Piet Gerbrandy, De Groene Amsterdammer)

Een sterk stillist en een mooie nihilist. Proost.’ (Hanz Mirck, De Contrabas)

Andy Fierens zorgt ervoor dat de Vlaamse poëzie niet van gezapigheid indommelt. (...) Hij is de Johnny The Selfkicker van deze tijd: genadeloos soms, cynisch, balorig wegens zoveel idiotie in de wereld.’ (Paul Demets, De Morgen)

Een performance poet in de traditie van John Cooper Clarke: punky, narrig, schoppend. (Erik Lindner, De Groene Amsterdammer)

 

Partager cet article
Repost0
7 juillet 2010 3 07 /07 /juillet /2010 23:00

Van 20 juni tot en met 30 september 2010

De Stad van Elsschot presenteert Elsschot on the Road, een caravan ingericht als een minitheater waarin u in minder dan vijf minuten een boek van Willem Elsschot leert kennen.

Voor de locaties van de caravanzie:

http://www.destadvanelsschot.be/eCache/MJN/30/17/191.cmVjPTgwNzQ4ODY.html

Negen auteurs, Joke van Leeuwen, Stijn Vranken, Saskia De Coster, Erik Vlaminck, Gie Bogaert, Guido Lauwaert, Peter Holvoet-Hanssen, Bart Van Loo en Jeroen Olyslaegers, laten de personages uit Elsschots boeken hun versie van het  verhaal vertellen.

Neem plaats in de Elsschotcaravan, en maak kennis met Dikke Jeanne uit Lijmen/Het Been, Maria Van Dam uit Het Dwaallicht, Kareltje uit Een Ontgoocheling, Grünewald uit Villa des Roses, Boorman uit Kaas, de vrouw van Jacky uit Het Tankschip, Anna uit De Verlossing, Alfred uit Pensioen en Adèle uit Tsjip.

Het caravannetje staat tot 9 juli (van 14 u tot 18 u) in het Paleis aan de Meir (Meir 85).

Ziehier alvast in exclusiviteit het verhaal van onze medewerker Guido Lauwaert. Boorman uit Kaas.

 

DE VILLA DES ROSES VAN BRASSCHAAT

 

Op de achtergrond aan de muur hangt een landkaart van België, zoals elke klas

van de lagere school er vroeger een had.

Een gezette man van een jaar of vijftig in driedelig pak zit aan een bureau. Hij kijkt op van een blad papier dat voor hem ligt.


Ik ben makelaar in handelaars,

en woon in de Villa des Roses van Brasschaat.

Het is niet mijn gewoonte commentaar te geven,

op wie of wat dan ook, het brengt niets op,

maar de gemoedstoestand van de heer Laarmans, Frans Laarmans…

die hier zonet de deur is uitgegaan,

heeft me zo naar de strot gegrepen,

dat ik nu toch eens van mijn gewoonte afwijk.

Ik hoop dat het bij deze ene keer blijft,

want in zaken, ze wezen klein of groot, wit of zwart,

mag men geen gevoelens hebben.

En dat is nu net waar het de heer Laarmans aan ontbreekt:

de kunst om afstand te doen van zijn gevoelens.


Wie dat niet kan, zal nooit wat verkopen.

Geen paperclip, geen warmeluchtballon, geen bol kaas,

geen Guinness, al is hij in Dublin gebotteld.

Een handelaar is als een rechter.

Hij vonnist. Hij moet nuchterheid zoeken in een roes

en toeslaan op het moment waarop beide partijen elkaar vinden.

Of de koper er werkelijk behoefte aan heeft is niet zijn zorg.

De taak van verkoper is verkopen, meer niet.

Zodra de bon getekend is, is de zaak achter de rug.

De factuur, de betaling, het incasseren kortom,

mag dan wel het slot zijn,

dat nooit uit het oog mag worden verloren,

maar het is niet meer dan het bewijs van zijn talent.


De heer Laarmans is een familieman.

Iemand die de wijkagent beleefd groet, je weet maar nooit.

Ik zag het meteen toen hij plaatsnam tegenover mij,

aan de andere kant van mijn bureau.

Wat hem bezielt is het lot van zijn gezin.

Hij is geboren om te sterven voor zijn vrouw en kinderen.

Dat siert meneer Laarmans,

en eerlijk gezegd ben ik soms jaloers op mensen zoals hij,

want de aarde draait en de wereld leeft

om het geld en het goed van de familieman.

Maar het doel van zijn bezoek was om mij, Boorman,

Karel Boorman, makelaar in handelaars, advies te vragen

hoe te ontsnappen aan de strop van het saaie bestaan.


Ik heb naar de Gafpageschiedenis van Laarmans geluisterd,

zonder hem te onderbreken. Meneer Van Schoonbeke meende het goed.

Hij wilde Laarmans naar de hogere burgerij promoveren. Via de handel.

Even heb ik overwogen hem lessen te geven,

met als essentie dat willen belangrijker is dan kunnen,

maar hij wil het in wezen niet, dus heb ik het kort gehouden.

Gezegd dat twee zaken voor mij van belang zijn:

hoe ik binnen kom en wat ik zeg,

en dat een handelaar geen bedelaar is.

Ik meende het niet, en ik wist dat hij mij doorzag,

want dom was hij niet, dat voelde ik wel.

Een gevoel van opluchting overviel mij, toen hij opstapte.


Kijk niet neer op de kruk van een klerk op kantoor.

Wees niet bang van de chef, de druk van de routine.

Geniet van de jazz van de keuken, het gezang van de kinderen,

de geur van je eigen Indisch pension,

waar je, naar de maat van de klok, zo hard hebt voor gewerkt.

Want wie zijn plaats niet kent, is gedoemd te mislukken.

Dát had ik meneer Laarmans willen zeggen.

Ik kon het niet. Ik mocht het ook niet doen.

Had ik het gedaan, ik zou mijn eigen Judas zijn.

Want ik ben makelaar in handelaars,

en woon in de Villa des Roses van Brasschaat,

dankzij de gratie van de ijdelheid van de ene,

of van de twijfel, de aarzeling, van de andere,


in België, en het Groot-Hertogdom Luxemburg.


De man kijkt opnieuw naar het papier, neemt een belletje en rinkelt.

Een man komt binnen en neemt tegenover hem plaats. Hij draagt een bolhoed.

De toeschouwer ziet alleen zijn rug.

FIN

Partager cet article
Repost0
5 juillet 2010 1 05 /07 /juillet /2010 23:31

Le-celebre-modele-Amandine-Blanchet-.-dessin-22-06-10.JPG

Patrick Conrad, “Le célèbre modèle Amandine Blanchet”

(tekening, 482 x 369, 22 juni 2010)

 

In mei telde de blog van CDR-Mededelingen3119 "unieke bezoekers" (goed voor de lectuur van 5143 pagina's). Een positief resultaat, dacht ik zo.

In 2009 noteerden we het hoogste aantal bezoekers in november: 2382 (het laagste aantal in februari: 1195).

2010 werd alvast goed ingezet:

januari: 2653

februari: 1906

maart: 2644

april: 2187

mei: 3119

Sinds de start van de blog op 26 januari 2008 werden 739 bijdragen gepubliceerd. We registreerden 46.870 bezoekers en 96.421 gelezen pagina's.

De papieren en de PDF-editie van Mededelingen 158-159 verscheen gedateerd 29 juni.

*

Redactioneel:


De aangekondigde bespreking van Patrick Conrads Leven & werk van Marcel van Acker(Houtekiet, 2009) houdt u te goed. Ondertussen kreeg ik wel van Patrick een aantal kleurenfoto's van zijn recent plastisch werk. Ze zullen gepubliceerd worden op de website van de Mededelingen. Lezers die geen pleinvrees hebben om elektronische snelwegen te betreden, kunnen gratis inschrijven op een abonnement op de “Newsletter” van het CDR via de blog.Bij elke nieuwe publicatie krijgen ze dan automatisch een email. Op de website worden berichten gepubliceerd die de gedrukte Mededelingenniet halen (net zoals een aantal bijdragen uitsluitend gepubliceerd worden in deze papieren en elektronische PDF-editie).

*

Eind september verschijnt Om Gent gedicht, een bloemlezing die zowat twee eeuwen omspant. Onder het motto “Eerst Gent en dan de papen” koos Guido Lauwaert een honderdtal gedichten, waaronder enkele die voor de eerste keer verschijnen; hij beperkte zich daarbij niet tot het Nederlandse taalgebied, en de gedichten verschijnen in de oorspronkelijke taal. Het boek wordt ingeleid door de Gentse schepen van Cultuur Lieven Decaluwe en Herman Balthazar, eregouverneur van Oost-Vlaanderen.

Marcel van Maele wordt in Gent met een hommage bedacht door HonestArtMovement (zie “Caleidoscopisch). “Gent, der Vrijheid laatste hope!”, schreef Albrecht Rodenbach, wiens gedicht “Sneyssens” centraal staat in de rubriek “Achteruitkijkspiegel”, terwijl in “Guido's galerie” Pjeroo Roobjee prijkt.

Lauwaert blijft niet bij de pakken zitten. Na Portretten van een gestoorde natuur, autofictionele verhalen vol leugens en waarheid, feiten en fictie (Houtekiet, 1989) en de tedere autobiografie Een helder hart(Nijgh & Van Ditmar, 1995) werkt hij nu aan een heuse ontwikkelingsroman: vijf jaar uit het leven van een kerel tot hij als jonge twintiger Mechelen verlaat en zich in Antwerpen vestigt.

*

Zou het waar zijn dat schrijvers, plastische kunstenaars politici en bewindvoerders (on)bewust de maatschappelijke realiteit weerspiegelen? Wat er ook van zij, Jean Cocteau heeft gelijk: “Les miroirs feraient bien de réfléchir un peu plus avantde renvoyer les images.”

marcel-048.jpg

Marcel van Maele, Gebottelde gedichten

 

Inhoud:

Gedicht

Wilfried ADAMS: Stoflong; Randschrift 30

Van Ostaijen Genootschap

Henri-Floris JESPERS: Correspondentie Paul van Ostaijen en Wies Moens

Kritisch

Henri-Floris JESPERS: Macht en onmacht van het boek (Islot)

Toneel

Guido LAUWAERT: Macbeth; Jury krijgt er van langs; Nieuwe koers NTGent

Caleidoscopisch

HFJ: Renaat Ramon; Marcel van Maele

Guido's galerie

Pjeroo Roobjee

Door de leesbril bekeken

Economie als oorkaarstherapie; opening Elsschotfestival; statistieken blog CDR; oprichting vzw Erfgoedbibliotheek; Amerikaanse literatuurwetenschapper Patricia Dailey over Hadewijch; Jan Fabre, De dienaar van de schoonheid en andere theaterteksten.

Achteruitkijkspiegel

Henri-Floris JESPERS: 'Sneyssens' van Albrecht Rodenbach:

Gent, der Vrijheid laatste hope!

*

Mededelingen160 verscheen gedateerd 30 juni.

Redactioneel:


In een vorig leven heb ik de eerste druk van het (indien mijn geheugen me niet bedriegt: negentiendelige) Journal littéraire van Paul Léautaud geschonken aan Jef Sprankenis (1943-2003), destijds mijn “privé-secretaris” – voor hij boekhandel De Groene Waterman opstartte. (Cf. “In memoriam” in: Mededelingen, nr. 7, september 2003). Jef was een, onvoorwaardelijke bewonderaar van Léautaud, en ik was destijds al even geïrriteerd door dat openhartige dagboek als jaren later door een aantal pseudo-dagboeken van Vlaamse auteurs – maar dat is een ander verhaal.

Waarom denk ik daar nu aan? Welnu, de eigenzinnige, scherpe theaterkritieken van Léautaud, Le Théâtre de Maurice Boissard (1926; 1943; 1958) ben ik blijven koesteren.Ook de kritieken van Guido Lauwaert verdienen het gebundeld te worden, zeker in een tijdsgewricht waarin de media kennelijk van oordeel zijn dat hun “roeping” erin bestaat “enthousiasmerende” kritieken te brengen.

Enfant terrible” Guido is terecht van oordeel dat zelfs recensies de grenzen van hun systeem moeten slopen. Teksten als “We hebben een/het boek (niet) gelezen. Hier halen ze zeker het theaterfestival mee” (Mededelingen nrs. 154-155-156, 26 april 2010) zijn – hoe men er ook tegenover moge staan – documenten die de beperkingen van het vluchtige, tijdelijke oordeel overstijgen. Geen dienstbetoon bij Lauwaert, wel een ongezouten, gefundeerde (uiteraard subjectieve) mening. Geen eendagsvliegen, maar teksten die binnen een paar jaar nog best lezenswaardig zullen blijken. Dat is nu weer het geval met “Gorki en Stan: twee handen op één buik”.

Guido Lauwaert krijgt dus carte blanche.

We houden niet per se van piraten, wel van kapers. Ze bezitten immers vrijbrieven die niet lichtzinnig uitgeschreven worden.

Inhoud:

Gedicht

Hendrik CARETTE: Een klein eiland op een glaciaal meer

Kritisch

Luc PAY: Bart Mesotten en zijn rari nantes:

Toneel

Guido LAUWAERT: Gorki en Stan: twee handen op één buik

Guido's galerie

Michaël Vandebril

Door de leesbril bekeken

Driemaal Jan Decorte; Marc Legendre & René Broens: Reynaert de vos; De geheime archieven van het Vaticaan; Lekken bij het gerecht? Neen, nooit, never, jamais!; Veerle Rooms: Mystiek en Mythe in tekens en schrifturen;

De groet” van Jan Vanriet; Walter Pauli over  Kuifje in Congo; Nicole Verschoore: Autobiographie d'un siècle.

Achteruitkijkspiegel

Henri-Floris JESPERS: Labyrinten

Agenda

*

Proefexemplaren van de PDF-editie via 

hfj@skynet.be

Partager cet article
Repost0
4 juillet 2010 7 04 /07 /juillet /2010 17:14

NicooleVERS.jpg

Met een proefschrift over Gregor von Rezzori haalde Nicole Verschoore in 1960 het licentiaat in de Germaanse filologie aan de Rijksuniversiteit Gent. Aspirant NFWO in 1963, promoveerde ze in 1965 met de verhandeling Die Verzerrung der Wirklichkeit, ein Aspekt der Entfremdung.

Assistent van de haast legendarische professor Herman Uyttersprot in de jaren 1965-1969, Nicole Verschoore wordt in 1965 medewerkster en in 1973 redacteur bij de liberale krant Het Laatste Nieuws te Brussel (tot 1988). Na haar afscheid van de redactie verzorgt ze in dezelfde krant de kroniek van het muziekleven te Brussel (tot 1994), waarna ze de leiding neemt van het Gentse weekblad Le Nouveau Courrier, dat zijn uitgave staakt op 31 december 1999.

Ondertussen verscheen in 1994 haar eerste roman: Le Maître du bourg. Als journaliste is Nicole Verschoore sedert maart 2000 met haar Lettre de Flandre vaste medewerkster van LaRevue Générale. Tegelijk een van de auteurs van het elektronisch literair tijdschrift www.bon-a-tirer.com en medewerkster aan de literaire encyclopedie www.literair.gent.be, publiceerde ze in het tijdschrift Boek en Bibliotheek de oorlogsbrieven (1914-1918) van haar grootvader Alfons Sevens(1877-1961) en talrijke bijdragen over dichters, schrijvers en kunstenaars, waaronder portretten van vergeten of weinig bekende dichters en auteurs van de XVIIIe en XIXe eeuw in Gent en Antwerpen. De vertrouwdheid met het leven en het werk van vroegere generaties in Vlaanderen heeft het drieluik van haar historische romans geïnspireerd, Les Parchemins de la Tour(2004), Le Mont Blandin(2005) en La Charrette de Lapsceure(2007), in 2008 door de Académie royale de langue et de littérature françaises bekroond met de Prix Michot. De trilogie is verplichte lectuur voor al wie belangstelling koestert voor drie eeuwen Vlaamse geschiedenis. In februari 2006 werden novellen en korte romans gebundeld in Vivre avant tout (2006). Vorig jaar verscheen L'Énigme Molo, een  bundel novellen.

Het pas verschenenAutobiographie d'un siècle dient zich aan als roman. In feite bundelt het boek een verscheidenheid aan prozateksten: kritische beschouwingen, anekdotische cameo's die als het ware de neerslag zijn van al dan niet toevallige ontmoetingen, flarden van wat een brievenroman kon worden, autobiografische of autofictionele fragmenten, erudiete exposé's over internationale politiek, waarbij de ik-figuur vooral als waarnemer optreedt. Dat maakt dat de lezer er al gauw toe komt de roman te lezen als een heuse en bij wijlen documentaire autobiografie.

Guy Commerman noteerde enkele jaren geleden dat hij bij de lectuur van Verschoore soms de indruk kreeg dat ze in een teletijdmachine was gestapt en rechtstreeks verslag uitbracht uit en over het verleden. 

Naar aanleiding van La Charrette de Lapsceure, onderstreepte Johan van Cauwenbergedat haar vertelperspectieven aansluiten bij de ervaringen en de thema's van het verhaal.

Terwijl de chronologische orde verspringt, vloeien de personages en plaatsen in elkaar in de psychische en emotionele orde, zodat de lezer in het verhaal meegaat, alsof hij zelf de sprong heeft willen maken van de ene figuur op de andere [...] Het is een kunst, echte vertellerskunst...

Er is echter meer. De boeken, de teksten van Nicole Verschoore kunnen globaal benaderd worden als een fresco, als work in progress, beter nog, als een eigenzinnige, persoonlijke tapisserie de Bayeux. In die zin moet Nicole Verschoore zonder meer beschouwd worden als een oeuvreschrijver. Dat verdient ongetwijfeld nader onderzoek.

In afwachting ziehier alvast een uittreksel uit de préfacevan Autobiographie d'un siècle:

Avant même que l'internet ne révolutionnât les habitudes, volontairement, par souci d'égalité sociale, les programmes scolaires s'appauvrirent. Les cours d'histoire et de littérature ancienne s'anémièrent. L'enseignement remplaça la mémoire du passé par l'apprentissage de méthodes de gestion de l'actualité. La notion de patrie disparut presque totalement, ainsi que celles des devoirs envers les aînés, de la discipline imposée, du respect de l'autorité et de soi, le tout remplacé par des valeurs de réflexion, de décision et de choix personnels. Ce n'était pas mal vu, puisqu'on craignait les foules sans personnalité. […]

Ceux qui, en Europe, ne vivent pas de travaux intellectuels ou de réflexion personnelle, s'ils se cherchent, ne se situent plus comme avant dans une appartenance évidente, connue et fixe. Les responsables qui ont rayé des programmes scolaires l'enseignement détaillé du passé et de l'écrit traditionnel que nous appelons la littérature, n'ont pas prévu les conséquences de leur absence. Sans réelles attaches, l'individu qui se cherche s'intéressera à tout ce qui se présente, n'importe quoi : courants de pensée, religions primitives, totalitarismes politiques. Le message du visuel remplit les vides. Il envahit à tel point le panorama quotidien qu'il en efface bon nombre de détails qui, dès lors, échappent à l'observation. Dès l'enfance, le regard est fixé sur l'information extérieure, de sorte que le temps de l'observation personnelle se raccourcit. Et celui de la réflexion.

*

Het zopas verschenen zevende boek van Nicole Verschoore illustreert een talent dat ruim aandacht verdient.

Wanneer wordt haar trilogie in het Nederlands vertaald? Werk voor een alerte uitgever...

Henri-Floris JESPERS

NicvoleAUTOBIO.jpg

Nicole VERSCHOORE, Autobiographie d'un siècle, Bruxelles, Le Cri, 2010, 178 p., ,16 €. SBN 978-2-8710-6525-8

 

Bibliografie:

Le Maître du bourg, Paris, Gallimard, 157 p., 1994 ; 20002.

Vivre avant tout !, Bruxelles, Le Cri, 2006, 203 p., 21 €.

Les Parchemins de la tour, Bruxelles, Le Cri, 2004, 215 p., 20 €.

Le Mont Blandin, Bruxelles, Le Cri, 2005, 139 p., 18 €.

La Charrette de Lapsceure, Bruxelles, Le Cri, 2007, 158 p., 19 €.

L'énigme Molo, Bruxelles, Le Cri, 2009, 158 p., 14 €.

Partager cet article
Repost0

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche