Overblog
Suivre ce blog Administration + Créer mon blog
14 janvier 2012 6 14 /01 /janvier /2012 10:00

 

Marnix-Gijsenlaan--foto-Leo-Spiessens-.JPG

Foto: © Leo Spiessens

 

Gij, God

 

Gij, God, de geduldige Visscher

Gij glimlacht onder Uw ouden hoed.

Gij kent het uur en den hangel,

Wat Gij weet en verwacht, weet Gij goed.

 

En de kringen van ons cirkelend leven,

enger en enger trots plant en wier.

O, als een zonnezuil het water doet beven,

wijder van 't aas kringt onze dwaze zwier.

 

Maar de kracht begeeft, de kringen verengen.

Het lastge wier wordt ons zoo zwaar.

De schuine schaduwen komen op 't water lengen.

Gij wacht geduldig en glimlacht maar.

 

Wij zijn dom, wij zijn dwaas,

Onze vischoogen zijn vol sterk begeeren.

O de wanhoop van ons klein hart!

Niets dan lijden kan onze laffe speelschheid leeren

 

de groote blijdschap van Uw Eindlijk Aas.


Marnix-Gijsen.jpg

Marnix Gijsen (1899-1984)

Partager cet article
Repost0
13 janvier 2012 5 13 /01 /janvier /2012 14:00

 

Ramon.jpg

In de vorige aflevering werd gefocust op Renaat Ramon als deskundige essayist. Vooral als plastisch kunstenaar verwierf hij naam en faam. Jaak Fontier wees op de coherentie van zijn parcours, dat van een taaie, niet-aflatende concentratie getuigt. Het programma van de constructieve, al dan niet in de architectuur geïntegreerde sculpturen van Ramon mag dan wortelen in de historische avant-garde, het getuigt altijd van een hardnekkige en eigenzinnige bezinning over de mathematische grondslagen van de zuivere abstractie. Hij werd dan ook door Hendrik Carette treffend getypeerd als 'wiskunstenaar'.

De poëzie van Ramon werd in 1987 gebundeld (Noodweer, Gent, Poëziecentrum, 1987) en toegelicht door Emiel Willekens, Hendrik Carette en Luc Pay (Weerwoord, Gent, Poëziecentrum, 1987). De laatste cyclus, 'Praxis', bestaat uit proeven concrete / visuele poëzie en kondigt aldus de bundels Ongehoorde gedichten (1997), Color-field poetry (1999), Lingua franca, 13 empirical poems (2009), Zichtbare stem / Visible voice / Voix visible / Sichtbare Stimme (2009) en Notebook (2010) aan.

In een gesprek met Jooris van Hulle, gepubliceerd in 2005 in Poëziekrant, ging Ramon in op de plaats die de visuele poëzie inneemt in zijn oeuvre:

Ik heb begrepen en aanvaard dat ik voor de helft uit letters en voor de andere helft uit cijfers besta. De cijfers heb ik nodig, broodnodig, om de platonische lichamen te construeren waarop mijn sculpturen gebouwd zijn. Mijn visuele poëzie staat uiteraard tussen de twee disciplines die ik beoefen in, de beeldende kunst en de poëzie. Ik beschouw de visuele poëzie wel degelijk als literatuur, dit dan vanuit de poging om de taal te verruimen en een soort nieuwe, universele taal te maken die voor een breder publiek toegankelijk is.

Onder de titel 'Oogrijm' werd vorig jaar de 'visuele poëzie' van Ramon in het Cultuurcentrum Hasselt geëxposeerd, aangevuld met twee sculpturen in samenhang met de gedichten. De voorstellingstoespraak van Jooris van Hulle wordt nu gepubliceerd in Gierik-NVT: 'Het gedicht als totaalbeeld'.

*

RamonBooklet.jpg

Ramons Lingua franca werd in de gezochte reeks Postfluxpostbooklet (100 exemplaren) gepubliceerd door Luc Fierens (°1961), de gedreven gangmaker van visuele poëzie en mail art die een belangrijk internationaal netwerk wist op te bouwen.

Fierens en ik stelden in 2009 het nummer van Gierik-NVT gewijd aan de visuele poëzie: 'Van “poesia visiva” tot “poesia totale”'.

GierikVisivalicht.jpg

De aflevering kan gelezen op http://www.gierik-nvt.be/Nr104/gierik104.pdf

Een interview (van 7'41””) met Renaat Ramon is te zien op you tube: http://youtu.be/eo-PtB0kvQw , zo ook een filmpje (van 7') over Luc Fierens: http://youtu.be/UXcjpfkmSOU


Henri-Floris JESPERS

(wordt vervolgd)


GierikBrugge-copie-1.jpg

Gierik & Nieuw Vlaams Tijdschrift, jg. XXIX, winternummer 2011, nr. 4, 107 p., ill. Redactie: Guy Commerman, Kruishofstraat 144/98, B 2020 Antwerpen.

E-mail: guycommerman@skynet.be

www.gierik-nvt.be

Abonnement (4 nrs., inclusief portokosten): België: 25 € EU: 35 €; Andere landen: 40 € . Losse nrs. (incl. port): België: 7 €; EU: 11 €; Andere landen: 12 €.

Rekening België: 068-2237695-29 van Gierik & NVT; buitenland: IBAN BE26-0682-2376-9529 BIC-code GKCC BB

Partager cet article
Repost0
13 janvier 2012 5 13 /01 /janvier /2012 10:00

 

Thomas-Morusplein--c-Bert-Bevers-.JPG

Foto: © Bert Bevers

 

Ballad

Long was I, Lady Luck, your serving-man,
     And now have lost again all that I gat;
When, therefore, I think of you now and then,
     And in my mind remember this and that,
     Ye may not blame me, though I shrew your cat;
In faith I bless you, and a thousand times,
For lending me some leisure to make rhymes.

 

Thomas-Morus.jpgThomas Morus (= Sir Thomas Moore, 1478-1535)

Partager cet article
Repost0
12 janvier 2012 4 12 /01 /janvier /2012 14:00

De Brugse dichter en plastisch kunstenaar Renaat Ramon publiceerde de jongste jaren een aantal verhelderende bijdragen in Poëziekrant en Kluger Hans over o.m. I.K. Bonset, Paul de Vree, Hans Clavin, Frans Vanderlinde en Luc Fierens) en wat ik nu gemakkelijkheidshalve de visuele poëzie zal noemen, 'visual writing'.

FugitivePoetryLICHT.jpg

In 'Bruges-la-vivante' zet Renaat Ramon opnieuw Paul de Vree (1909-1982) in de kijker, nu vooral in verband met het tijdschrift DeTafelronde  (1953-1981) waarmee De Vree, auteur van een veelzijdig zoniet versatiel oeuvre, terecht vereenzelvigd wordt. Hijwordt internationaalgewaardeerd als beoefenaar, theoreticus en uitgever van visuele poëzie.

Ramon koos voor een chronologische, overzichtelijke aanpak, zodat zijn voortreffelijk essay zowel de metamorfosen van Paul de Vree als van De Tafelronde sprekend en secuur in beeld brengt.

*

Even dit ter verduidelijking: 'visuele poëzie' wordt hier af en toe als overkoepelende, 'generische' term gebruikt voor allerlei (neo-)avant-gardistische stromingen die, vertrekkende van de 'concrete' poëzie in de jaren vijftig, zich in de jaren zestig ontwikkelden tot grosso modo 'objectieve', 'fonetische', 'fonische', 'spatialistische', 'audio-visuele', 'open', 'sonore' en uiteindelijk 'visuele' poëzie. Geert Buelens bijvoorbeeld houdt het bij 'concrete poëzie'. (1)

TafelrondeVIII2.jpg

Sleutelfiguur bij de introductie van de nieuwe poëzie in Vlaanderen is ongetwijfeld Henri Chopin (1922-2008), uitgever van het tijdschrift Cinquième saison, die in 1962 een eerste manifest publiceerde in de aflevering van De Tafelronde gewijd aan de 'jonge franse literatuur – frans-belgische literatuur' (jg. VIII, 1962, nr. 2, pp. 114-115), waarin hij resoluut stelde: 'La seule issue de l'art après l'abstraction est celle de tout réunir: peinture, musique, poésie, sculpture, danse, chant.'

In Brussel (Galerie Saint-Laurent) en Antwerpen (AMVC) werden dan in samenwerking met Chopin en zijn tijdschrift Cinquième saison tentoonstellingen 'objectieve poëzie' georganiseerd.

De tentoonstelling was ook te Brugge te zien, dank zij Paul de Wispelaere, Jan van der Hoeven, Gilbert Swinberghe en Herman Sabbe. Van dan af zou De Tafelronde zich ontpoppen tot een sterke schakel en creatieve draaischijf binnen de 'Internationale' of beter de 'nevelvlek' van de concrete, fonetische en audiovisuele poëzie.

TafelrondeVIII4.jpg

Paul de Vree reorganiseerde de redactie van het tijdschrift: Henri Chopin, Jan van der Hoeven, Max Kazan, Frans van der Linde, Marcel van Maele, Freddy de Vree en ik vormden de vaste kern van medewerkers.

Een en ander werd al eerder uitvoerig belicht, o.m. in Gierik & NVT (jg. XXVII, nr. 3, herfst 2009: Van 'poesia visiva' tot 'poesia totale'), Bulletin de la Fondation ça ira en Mededelingen van het CDR. (2)

*

Buelens heeft aandacht voor de dichter Jan van der Hoeven (°1929), maar geeft hem m.i. geen recht; bovendien ignoreert hij diens (bescheiden) bijdrage tot de visuele poëzie, die inderdaad nooit gebundeld werden. (3)

TafelrondeJanVanderH.jpg

Renaat Ramon gaat even in op het werk van Jan van der Hoeven (die op de cover van De Tafelronde prijkt, jg. XX, november 1975, nrs. 1-2 – niet in jg. 22, zoals vermeld in Gierik & NVT) en brengt terecht in herinnering dat Paul de Vree in hem een potentiële opvolger zag. De inleiding van de catalogus van Paul de Vrees tentoonstelling in het Provinciaal Museum te Hasselt (1981) werd trouwens geschreven door Jan van der Hoeven.

In een gesprek met Willem M. Roggeman erkende De Vree dat hij, qua visuele poëzie, inderdaad nogal eenzaam was. Naast Van der Hoeven, vermeldde hij slechts Werner Spillemaeckers en Ludo Frateur.

Volgens De Vree was Werner Spillemaeckers (1936-2011) op een bepaald moment rijp voor de 'sprong naar het concrete avontuur'. Het bleef echter bij enkele publicaties in De Tafelronde. Dat was ook het geval van Ludo Frateur (°1936). Renaat Ramon essay brengt mij in herinnering dat ik nog ooit, 35 jaar geleden, een tentoonstelling van Frateur inleidde. Ik ben hem geheel uit het oog verloren, maar koester nog wel zijn proza, Rit(t)en, uitgegeven in 1980 door Pink Editions & Productions.

*

Renaat Ramon verrast de lezer telkens opnieuw door de eruditie en de accuratesse van zijn essays, door zijn nuchtere aanpak en de gedegenheid van zijn vorsing. Dat blijkt voldoende uit zijn bijdragen tot de Bibliotheek van de West-Vlaamse Letteren. Ik denk hier aan zijn monografieën over Rémy de Muynck/ Saint-Rémy (1981), Fernand Bonneure (1983), Lodewijk van Haecke (1983), Jaak Fontier (1988), Louis E. de Mey (1993), Thomas van Loo (1995), Fernand Lambrecht (1997), Jan Baptist Hofman (1999), Johan Sonneville (2001), Hendrik Carette (2003), Bert Popelier (2004), August de Maere d'Aertrycke (2005), Jooris van Hulle (2006) en Herman J. Claeys (2009). En dan heb ik het nog niet over Geschreven tijd (2005), een gedocumenteerd overzicht van de literaire en semi-literaire tijdschriften in West-Vlaanderen 1805-2005, een ware Fundgrube.

Henri-Floris JESPERS

(wordt vervolgd)

(1) Geert BUELENS, Van Ostaijen tot heden, Nijmegen, Vantilt, 2001, pp. 942-954.

(2) Cf. o.m. Gierik& Nieuw Vlaams Tijdschrift, nr. 104, 27ste jg., nr. 3, herfst 2009, nr. 104:Van 'poesia visiva' tot 'poesia totale'. Kritische bijdragen van Henri-Floris Jespers & Luc Fierens.

(3) BUELENS, o.c., pp. 744-747.

 

GierikBrugge

Gierik & Nieuw Vlaams Tijdschrift, jg. XXIX, winternummer 2011, nr. 4, 107 p., ill. Redactie: Guy Commerman, Kruishofstraat 144/98, B 2020 Antwerpen.

E-mail: guycommerman@skynet.be

www.gierik-nvt.be

Abonnement (4 nrs., inclusief portokosten): België: 25 € EU: 35 €; Andere landen: 40 € . Losse nrs. (incl. port): België: 7 €; EU: 11 €; Andere landen: 12 €.

Rekening België: 068-2237695-29 van Gierik & NVT; buitenland: IBAN BE26-0682-2376-9529 BIC-code GKCC BB

Partager cet article
Repost0
12 janvier 2012 4 12 /01 /janvier /2012 10:00

 

Willem-Ogierplaats--foto-Bert-Bevers-.JPG

Foto: © Bert Bevers


Hier brocht ik den Dronkaard voort
bij des kamers wijze mannen.
Maar deez'klucht die werd gebannen,
als zij ’t hadden uitghehoord.

Want 'k en hadde gene maat
naar der Rethoryken regel.
En ik zeid': 'Die nauwe pegel
is, voor die hem dat verstaat.'


Willem-Ogier.jpg

Willem Ogier (1618-1689)

Partager cet article
Repost0
11 janvier 2012 3 11 /01 /janvier /2012 10:00

 

Carel-Van-Manderstraat--foto-Bert-Bevers-.JPG

Foto: © Bert Bevers

 

Wilt yemandt rechte wijsheyt leeren,

Nae des Heeren woordt voorwaer,

Die moet het goet altijts vermeeren,

End' hem bekeeren van zonden swaer,

Want dat is wijshede,

Die hier in Gods vrede

Wandelt op elck termijn,

Als wijnrancxkens becleven,

Niet meer in zonden leven,

Van men herboren zijn.


Carel-Van-Mander.jpg

Carel van Mander (1548-1606)

 

Opmerking: de Carel van Manderstraat heeft momenteel nergens een naambordje

Partager cet article
Repost0
10 janvier 2012 2 10 /01 /janvier /2012 12:00

GierikBrugge.jpg

Voorplat: Renaat Ramon.

Brugge behoort tot die enkele verdroomde steden die naar het einde van de XIXde eeuw de verbeelding van de estheten bevolken. Laat-romantische, symbolistische, decadente motieven bij uitstek: sluimerende steden en stille wateren, heimwee naar het verleden, melancholisch verzet tegen de vulgariteit van de om zich heen grijpende industriële en mercantilistische samenleving...

Brugge die scoone, 'le jamais banal Bruges' (Mallarmé), 'De verlaten stad' (Fernand Khnopff) die Paul Joostrens obsedeerde, staat centraal in de 113de aflevering van Gierik & NVT.

In zijn bevlogen essay 'Beeldschoon, maar ook een randgeval' is Kurt Van Eeghem (°1952) niet mals voor de stedenbouwkundige ontwikkeling van zijn geboortestad.

[…] Nadat de oude stad alle randgemeenten had opgeslokt tijdens de grote fusiegolf van 1977, trad de perverse regel in werking: 'alle aandacht voor de oude stad, alleen maar' rommelen in de rest'.

Het oude centrum van Brugge is beeldschoon, wellicht het mooiste stedelijke patrimonium van het land. […] Het nieuwe Brugge is walgelijk.' […] Zo trots de Bruggeling over zijn binnenstad mag zijn, zo beschaamd moet hij wezen over zijn randgemeenten […], de banaalste stukjes stedelijk weefsel ten westen van de Chinese muur.

BRUGGEjoostensTwee.jpg

Paul Joostens, Brugge, 1929/1950, olie op doek, 80 x 70

Van Eeghem beperkt zich niet tot vlijmscherpe kritiek: hij besluit zijn essay met een gloedvol pleidooi voor een optimistische toekomstvisie, waarbij hij concrete suggesties formuleert. Het komt erop aan zowel 'Bruges-la-morte' te koesteren als 'Bruges-la-vivante' op te waarderen. In de binnenstad (zowat 20.000 inwoners) mag niets veranderen. ('U hoort hete goed, niets. Blijf alert bij het verleggen van elke tegel in pakweg de Katelijnestraat'). Daartegenover is het zonder meer imperatief zich voluit te concentreren op de grote, brede rand, de stenen woestijn waar 200.000 Bruggelingen wonen, aldus Kurt Van Eeghem.

*

Het Concertgebouw en de hedendaagse architectuur in het perspectief van Brugge culturele hoofdstad 2002 worden doorgelicht door Jaak Fontier (°1927), die tevens een gesprek over de tentoonstellingen in het Cultuurcentrum Brugge met Michel Dewilde voert.

Het jaarlijkse Cactusfestival werd uitgeroepen tot beste kleinschalig Europees muziekfestival. Jan Bonneure (°, medestichter en bezieler van het festival, schetst de geschiedenis van Cactus, als 'café met inhoud en muziekcentrum'.

Henri-Floris JESPERS

(wordt vervolgd)

Gierik & Nieuw Vlaams Tijdschrift, jg. XXIX, winternummer 2011, nr. 4, 107 p., ill. Redactie: Guy Commerman, Kruishofstraat 144/98, B 2020 Antwerpen.

E-mail: guycommerman@skynet.be

www.gierik-nvt.be

Abonnement (4 nrs., inclusief portokosten): België: 25 € EU: 35 €; Andere landen: 40 € . Losse nrs. (incl. port): België: 7 €; EU: 11 €; Andere landen: 12 €.

Rekening België: 068-2237695-29 van Gierik & NVT; buitenland: IBAN BE26-0682-2376-9529 BIC-code GKCC BB

Partager cet article
Repost0
10 janvier 2012 2 10 /01 /janvier /2012 01:00

 

Gerard Walschapstraat (© Bert Bevers)-copie-1

Foto: © Bert Bevers

 

Toen ik gaan moest door duistere straten

en door modder en tierend tempeest...

al de menschen met marmergelaten

en zoovele gelaten verbeest...

 

Oh in helderder uren en dagen

als uw lach in mijn aangezicht lichtt',

ik droeg dan niet meer wat ik drage

't was uw lach die mijn lasten verlicht.

 

Moge uw lach, die mijn licht is, niet wijken

uit den eenzamen gang dien ik ga;

moet er al wat nog niet bezweek om bezwijken

ik geef het u, neem het me, sla!

 

Ach, ik wacht u zoo, zie, zonder klagen

zoo Gij zelf wacht in de eenzame kerk...

ik draag weer eentonige vlagen

als vreugdlooze kinderen...en werk.


Walschap.Coll.-L-jpg

Gerard Walschap (1898-1989). Collectie Letterenhuis.

Partager cet article
Repost0
9 janvier 2012 1 09 /01 /janvier /2012 01:00

 

Michiel-de-Swaenstraat.JPG

Foto: © Bert Bevers

 

Aen den Heer van Heel

 

Wat claegt gy, heer van Heel, wat doet gy Hollant treuren,

Omdat een wilde Swaen syn kust verlaten heeft?

De Swaen, met een meerder recht, tot rouwe sigh begeeft,

Nu een soo soet verblyf niet meer hem magh gebeuren.

 

O Hollant ! vreedsaem lant, waerin de vryheyt leeft,

Wat socht ik die vergeefs by uwe nagebueren,

Waer Frans en Castiliaen de rust en vrede schueren,

Waar't hooft der borgery voor vreemde heeren beeft...

 

O had ik, lieve Lant, in uw begryp gebleven,

Hoe vroylyk wiert myn stem tot singen voorts gedreven,

Of aen de Rotte-stroom, of midden op de Maes!

 

Nu leef ik in een oort waer vreughde is uytgeweken;

Myn spys is bittre gal, myn sang... Eylaes! Eylaes!

Och! Och! waer heb ik my, misleyde Swaen, versteken!’


Michiel-De-Swaen.jpg

Michiel De Swaen (1654-1707)

Partager cet article
Repost0
8 janvier 2012 7 08 /01 /janvier /2012 21:31

Ik herinner me levendig hoezeer ik getroffen werd door de eerste gedichten van Mark van Tongele (°1956), die ik in typoscript las. Kort daarop – zowat een kwart eeuw geleden – hadden we enkele intense gesprekken bij mij thuis, waarbij de te verwachten invloed van nieuwe, elektronische technologieën op de poëtica ruim aan bod kwamen. Het bleek dat we een gemeenschappelijke vriend hadden, Jaak Brouwers. Van Tongele voerde toen al een briefwisseling met Hedwig Speliers, die nu in Poëziekrant aandacht vraagt voor Ademruis (Amsterdam, Atlas, 2011, 64 p.), de jongste bundel van Mark van Tongele (die ik nog niet gelezen heb).

Speliers citeert het vers 'de kunst van het uitblinken in de cultus van het dagdagelijkse'.

Dit is de kern van zijn dichterschap en het lukt hem telkens weer om de banaliteit van het dagdagelijkse te debanaliseren, om het wonder van de epifanie te voltrekken en door zin poëtische spel aan de aardse zwaartekracht te ontsnappen.

De bundel werd niet gethematiseerd of gestructureerd:

Het wonder van het dagdagelijkse moet je van gedicht tot gedicht ervaren. Klank, klankverschuivingen, neologismen, taalvondsten vormen op zich de structurele ruggengraat van zijn bundel waarin hij door zijn leven wandelt.

VanTongele-copie-1.jpg

Het is mij een raadsel waarom de poëzie van Mark van Tongele nog altijd niet echt de aandacht krijgt die hij ten volle verdient, ondanks de publicatie van de verbluffende verzamelbundel Gedichten (Tielt, Lannoo/Atlas, 2005, 437 p.). Die voorbeeldig uitgegeven bundel bevat niet alleen een gedegen voorwoord van Yves T'Sjoen, een bibliografie, maar bovendien ook een nawoord van de dichter.

JanDeRoekFlanders.jpg

In de spraakmakende bloemlezing Hotel New Flandres (Gent, Poëziecentrum, 2008, 752 p.) kreeg kreeg de poëzie van Jan de Roek (1941-1971) eindelijk de aandacht die ze ruimschoots verdient. De nagedachtenis van Jan de Roek leefde vooral zoniet uitsluitend in het geheugen van zijn vrienden. Zowat drie decennia lang kreeg zijn oeuvre haast geen aandacht, laat staan erkenning. Door bloemlezers (ook door zijn vriend Eddy van Vliet, 1942-2002) werd het steevast geïgnoreerd. Het was net of de dichter, roerlozer nog dan onder een grafzerk, voorgoed begraven lag onder de haast vijfhonderd dichtbedrukte bladzijden van zijn postuum verzameld werk. Ook de scherpste en meest vooringenomen critici van Hotel New Flandres – en dat waren er heel wat... – erkenden unaniem dat De Roeks poëzie 'een revelatie' is. Dat was de aanleiding om een literaire avond te organiseren in Het Goudblommeke in papier in Brussel waar, op 4 maart 2009 , Kris Kenis gedichten van Jan de Roek las. Getuigenissen werden gebracht door Frank de Crits, Clara Haesaert, Freddi Smekens, Lucienne Stassaert en Rody Vanrijkel.

Tot besluit van haar herinneringen aan Jan de Roek drukte Lucienne Stassaert de hoop uit 'dat een of andere verlichte uitgever weldra bereid zal zijn om een nieuwe uitgave te verzorgen van zijn verzameld werk'.

Peter Bormans bespreekt Ik ben de overlevende (Brussel, VUBpress, 2011, 240 p., 2 cd's), de pas verschenen bloemlezing uit het werk van Jan de Roek. In de inleiding van Hans Vandevoorde wordt het belang van de dichter stevig beargumenteerd. Over de keuze, het aantekeningenapparaat en de editieverantwoording kan wel wat detailkritiek gevoerd worden, maar dat is bijkomstig. Hoofdzaak is dat het oeuvre van Jan de Roek opnieuw onder de aandacht gebracht wordt. Meer daarover in een volgende papieren- en PDF- van de Mededelingen van het CDR.

*

Hier werd al bij herhaling de aandacht gevestigd op Jan de Roek. Belangstellenden dienen gewoon zijn naam in te tikken in de rubriek 'Recherche' (kolom rechts).

*

In de toppers van Knack.be prijken vier dichters (w.o. Carette en Van Tongele). Het is wel opmerkelijk, aldus criticus Philip Hoorne, dat de gemiddelde leeftijd van de vier dichters boven de 55 ligt. (Cf. de blog van 31 december.) Dat valt nog mee: de gemiddelde leeftijd van de vier levende Vlaamse dichters die ruim aan bod komen in Poëziekrant is... 68 jaar.

Henri-Floris JESPERS

 

Poëziekrant, Het Toreken , Vrijdagmarkt 36, B 9000 Gent.

Abonnement: België: 38 €; Nederland en EU-landen: 44 €; Andere; 60 €.

Rekeningen

België

OBK-Bank: 123-6100457-66

IBAN: BE 07 1236 1004 5766

BIC: OBKBBE99

Nederland

RABOBANK: 10.12.06.232

IBAN: NL 45 RABO 0101 2062 32

BIC: RABONL2U

Los nummer: België: 7 € (exclusief verzendkosten); 10 € (inclusief verzendkosten); Nederland en EU-landen: 12 € (inclusief verzendkosten); Andere landen: 14 € (inclusief verzendkosten).

Partager cet article
Repost0

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche