Overblog Suivre ce blog
Administration Créer mon blog
10 novembre 2013 7 10 /11 /novembre /2013 11:49

Violiste, Tatiana Samouil en pianiste Irina Lankova zijn twee top musici. Met werk van Tchaikovsky, Bartok, De Sarasate, Saint-Saëns en Kreisler brengen zij in Love2Arts Gallery op zaterdag 16 november virtuoze pareltjes uit het romantisch repertoire.

Tatiana-Samouil--2-.jpg

Tatiana Samouil

Tatiana Samouil werd in Sint Petersburg in een muzikale familie geboren. Zij begon op haar zesde viool te studeren. Op haar negende maakte ze haar debuut bij het Nationaal Symfonie Orkest van Moldavië waarna ze in Moskou aan het Tchaikovsky Conservatorium in de leer ging bij Sergey Fatkulin en Maya Glezarova.

Haar masterdiploma behaalde ze aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel bij Igor Oistrakh. Ze vervolledigde haar studies bij José Luis García aan het Escuela Superior de Música Reina Sofíate Madrid.

In 2002 werd ze derde op The International Tchaikovsky Competition. Ze werd eerste op de prijs Henry Vieuxtempsen de Tenuto Competitions. Verder nam ze deel aan de Michael Hill, deJean Sibeliusen de Koningin Elisabeth wedstrijd.

Als soliste trad zij wereldwijd met verschillende orkesten op: het Fins Symfonisch Radio Orkest, het Kamerorkest van Toulouse, het Auckland Filharmonisch Orkest en het Orquestra Metropolitana de Lisboa, het Russisch Nationaal Orkest en het Symfonisch Orkest van Sint Petersburg. In ons land werkte zij samen met het Nationaal Orkest van België en het Brussels Filharmonisch Orkest.

Als een gedreven kamermuzikante werkte zij regelmatig samen met Gérard Caussé, Augustin Dumay, Frans Helmerson, Katia and Marielle Labèque, en Sonia Wieder-Atherton. Zij nam deel aan het Festival van Mentonin Frankrijk en het LudwigsburgerSchlossfestspielein Duitsland.

Haar debuut cd met de volledige opname van de viool sonates van Prokofiev dateert van 2006. Deze was goed voor vijf sterren bij Diaposon in Frankrijk.

In 2009 werd zij gevraagd voor de opname van het “Aymara” vioolconcerto van Luis Gianneo. Het werd een unieke samenwerking van het platenlabel Sonymet het Argentijns Salta Symfonisch Orkest.

Tatiana speelt op een Stradivariusuit 1714 die ooit eigendom was van de legendarische Fritz Kreisler. Sinds 2010, speelt ze eveneens op een prachtige moderne viool die Christian Bayon speciaal voor haar heeft gebouwd. Tatiana Samouil woont in België en doceert aan de Artesis Hogeschool Antwerpen.

Irina-Lankova.jpg

Irina Lankova

Irina Lankova is gezegend met een uitzonderlijk muzikaal gevoel. Geboren in Rusland, studeerde ze eerst in Moskou bij Irina Ternchenko, Vladimir Tropp en Lev Naumov, de opvolger van de legendarische Heinrich Neuhaus. Aan de vermaarde Gnessin Muziekschool studeerde zij af met de hoogste onderscheiding. Aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel studeerde zij bij Evgeny Moguilevsky en Vitaly Margulis waar zij haar Eerste Prijs eveneens met de hoogste onderscheiding behaalde. Zij is een van de weinige jonge musici die muzikaal door Vladimir Ashkenazy persoonlijk wordt begeleidt. 



Irina Lankova woont in België waar zij haar carrière als soliste begon op het Festival Midi-Minimes, het Festival de Wallonie, Europalia-Russiaen op de Rencontres Internationalesd'Enghien.Als soliste speelde zij met vele orkesten waaronder het Moskou Kamer Orkest, de Nijnij Novgorod Philarmonic en het Novosibirsk Symfonisch Orkest.

Irina Lankova’s eerste CD (2004) met werk van Rachmaninov en Liszt kon in de Belgische pers op veel belangstelling rekenen. Haar tweede CD (2006) "Alexander Scriabin - from Romantic to Mystic" kreeg uitstekende internationale recensies.

In Februari 2008 verscheen haar derde cd met de mooiste pianowerken van Frederic Chopin. In juli van hetzelfde jaar debuteerde ze in Wigmore Hall (GB). Sindsdien werd zij regelmatig gevraagd in St Martin-in-the-Fieldste London. In 2009 werd Irina Lankova een van ‘the elite worldwide Steinway Artists’ zoals de grote Rachmaninov.

Sinds 2012 verzorgt Lankova de Master Classes van de Académie Internationale d'Éin Nice.

Affiche16112013.jpg

Dit uniek en virtuoos recital wordt georganiseerd door de v.z.w. Sorodha, de afkorting van de Société Royale d’ Harmonie te Antwerpen

Zaterdag 16 november, Love2Arts Gallery, Desguinlei 90, 2018 Antwerpen

Tickets: 10 € / –12j gratis.

Vanaf 18u wordt u voor slechts 15 € in het restaurant Opus4 een concertschotel aangeboden. Graag reserveren op 0498 30 60 10

Frank DE VOS

Nuttige links:

www.tatianasamouil.com

www.irinalankova.com

http://sorodha.be/

http://www.facebook.com/Sorodha1814

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Musique
commenter cet article
7 novembre 2013 4 07 /11 /novembre /2013 19:24

 

Puccini

In het gezegende jaar des Heren 1900 componeert Giacomo Puccini [1858-1924] de opera Tosca, een geval dat balanceert tussen een spaghettiwestern en een operette. Verrassing moet er niet gezocht worden in deze compositie. Het verhaal is een zoveelste driehoeksverhouding en de muziek verwarmt nauwelijks, op een paar korte opflakkeringen na, zoals er in elk gedicht, verhaal, toneelstuk, in eender welke dans, compositie, film wel een mooie zin of frase te vinden is.

 

Plaats van handeling: Rome. De politieke gevangene is ontvlucht uit de Engelenburcht en verbergt zich in de kapel van de familie Attavanti. Daar werkt de schilder Cavaradossi al maanden aan een ‘Maria Magdalena’, die hij de trekjes geeft van zijn geliefde zangeres Floria Tosca. Als de zangeres de kapel betreedt, ziet zij een gelijkenis met de markiezin Attavanti. Een flinke brok jaloersheid ontstaat maar de schilder weet de zangeres te sussen met een opgeblazen liefdesverklaring. De schilder heeft de ontsnapte gevangene verborgen, wat de politiechef Scarpia allerminst zint. Hij laat de schilder martelen. De kerel lost geen woord. Tosca verraadt de schuilplaats van, uiteraard, haar geliefde, in ruil voor een vrijgeleide, die de politiechef wil geven na één nacht met de schone dame. De flik schrijft de vrijbrief, hoewel hij achter haar rug bevel heeft gegeven de executie te laten doorgaan. Tosca ontdekt het dubbelspel en op het moment dat het bedspel moet beginnen doodt Tosca de politieman. De schilder krijgt de kogel en Tosca, in de ban van het verlies van haar geliefde, stort zich van de muren van de Engelenburcht. Van de vluchteling geen spoor. Die is letterlijk en figuurlijk in rook opgegaan.

 

Kerk, kunst en liefde, daar draait het altijd en eeuwig om in Rome. Daar valt veel mee te doen, maar Puccini maakte er een dagschotel van waar de hond geen hap van lust. De reden hiervoor is zijn godsdienstwaan, zijn adoratie voor Verdi en zijn gewoonte om met minderwaardig basismateriaal aan de slag te gaan. Maar een goede regisseur en een markante dirigent kunnen zelfs uit afval een kunstwerk scheppen. Dat is echter niet het geval met de versie die de Vlaamse Opera als nieuwste productie presenteert.

 

Dirigent Maurizio Barbacini kent zijn vak en daarmee is alles gezegd. Hij concentreert zich op het orkest. Het geweld spat de orkestbak uit dat de solisten vaak moeite hebben om zich verstaanbaar te maken. Van tiktakspel tussen zangers en orkest is in de verste verte geen sprake. Regisseur Frans Willem de Haas kent zijn vak niet of had het honorarium dringend nodig en heeft daarom rommelwerk zonder greintje inspiratie afgeleverd. De slordigheid van het concept loopt de spuigaten uit wanneer blijkt dat bij momenten woord en daad niet kloppen. Regisseur en dirigent hebben bovendien geen passie in de liefde gestoken, waardoor de amoureuze scènes aarzelen tussen tragedie en komedie.

 

De componist mag dan Tosca als een melodrama hebben bestempeld, maar dat genre eist psychologische motivering van het conflict, pathetische acteerstijl, een sensationele ontknoping en ongeloofwaardige toneeleffecten. Deze uitvoering mist gedreven motivering, een verrassende climax, geloofwaardig acteren en verbazende effecten. Is het muzikale gedeelte al zwak, het scenische is een ramp. Het is een letterlijk een wit/zwart voorstelling geworden en figuurlijk een B-film in toneelvorm.

 

De inner circle moet dat ook hebben ingezien, want uw verslaggever was nauwelijks het gebouw binnengedrongen of hij werd gewaarschuwd dat wegens besparingen het hele opzet bescheiden was gehouden. Nu mag dat wel zo zijn, maar dat is geen reden om een verroeste kermisattractie te fabriceren. Beter ware geweest dat geldgebrek uit te buiten, om de toeschouwers de hypocrisie van de overheid op subtiele wijze aan te klagen, want die staan altijd klaar voor een hap en een slok en om gezien te worden, maar van kunst kaas noch kunde kennen.

 

Een compleet leeg toneel zou dat hebben onderstreept. Spelen voor naakte muren en met lege handen. Dat zou trouwens heel wat attractiever zijn geweest, en tenminste wat hebben overgelaten aan de verbeelding van de toeschouwer. Wat er nu aan decor is ontworpen is ontleend aan een toonzaal van een aftandse meubelzaak. De kostuums en attributen zijn gekocht in een kringloopwinkel en de belichting botst met de scènes en doet niet meer dan belichten wat belicht moet worden. Botte besparingen moeten artistiek maar ook moreel getoond worden. Een gemiste kans met deze Tosca.

 

De enige pluimen zijn voor de solisten, met op het hoogste plateau van de prijswinnaars de Russische sopraan Olga Romanko [Tosca], op de tweede plaats Misha Didyk [Cavaradossi] en op de derde Gregg Baker [Scarpia]. Ze leveren werkelijk fraai werk af, maar het ligt ook binnen de verwachting. Puccini concentreerde zich op deze drie figuren, de anderen staan in zang en invulling ten dienste van het trio. Ook applaus voor het koor, ondanks het feit dat het aandeel van de kinderen, nochtans zo sterk aanwezig in de oorspronkelijke compositie om tenminste voor wat emotionele en theatrale verwarming te zorgen, verwaarloosd werd.

 

Toscavan de Vlaamse Opera stelt dus weinig voor maar hij zal zijn tijd wel duren. En een redelijke zaalbezetting kennen, als, als de lezers van de pulpbladen een ticket voor 2 personen kunnen winnen met het antwoord op de vraag welke de hoofdstad van België is, en inderhaast opgetrommelde daklozen na de voorstelling op een puntzak friet met mayonaise worden getrakteerd.

Guido LAUWAERT

ToscaAffiche

TOSCA – productie Vlaamse Opera. Tot 13 november in Antwerpen en van 20 t/m 26 november in Gent – www.vlaamseopera.be

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Musique
commenter cet article
6 novembre 2013 3 06 /11 /novembre /2013 04:55

 

Lieve, lieve Clara,

 

Verdriet is onstelpbaar, maar de pijn herkenbaar. Die kan ieder van ons voelen. Het is een wondere speling van het lot dat Gentil mocht gaan uitgerekend op de 58ste verjaardag van de oprichting van Kunstcentrum Taptoe, dat jullie samen stichtten met Maurice Wyckaert, Paul Avicenne en Ernest Weyens. Het geeft een historische dimensie aan Gentils onblusbare inzet voor het kunstgebeuren, en voor de richtingen die mij om hun anarchistische insteek nauw aan het hart liggen: Cobra en het Situationisme van Guy Debord.


Ik sta nog altijd te kijken hoe jullie erin slaagden Asger Jorn, Corneille, de jonge Claus, Pierre Alechinsky, Serge Vandercam, Ernesto Baj, maar ook Paul Snoek of de wereldkunst naar het Oud Korenhuis te krijgen. Ook De Meridiaan is lang ondergewaardeerd gebleven. Maar de grote verdienste van je man – met wie je, als ik het goed geteld heb, 65 jaar getrouwd was – blijft onverminderd overeind.


In eigen naam, maar ook en zeker in naam van het hele Arkcomité van het Vrije Woord, bedank ik jullie beiden voor de tomeloze inzet die jullie en ons leven zinvol maakte en nog maakt. Maar ik besef: Woorden zijn maar zachte strelingen voor onuitsprekelijke leegte. Woorden zijn maar frele pleisters voor peilloos zieleleed, om vergeefse verbondenheid die nooit zou eindigen.

Maar weet dat je verdriet gedeeld wordt, en dat we er voor jou zijn als je ons nodig hebt. Troost vind je in de woorden van die andere Cobradichter, Lucebert:


dood is ik word

ik word recht weer

word geroofd en ben weer

echt licht


Het is misschien ook symbolisch dat net tijdens de Boekenbeurs Gentil de grote stap heeft gezet. Voor mij persoonlijk is het een wakkere vermaning, zo daags na mijn verjaardag. Het is een treurig jaar, eerst Soetkin Soethoudt, dan Hugo Raes, nu Gentil.

Maar wat hij nagelaten heeft doet hopen, versterkt de overtuiging dat er méér is dan woeker, hebzucht of manager-ontaal. Het zijn echte waarden die jullie naar boven haalden en halen, gedrevenheid, diepgang, schoonheid, spontaneïteit, zelfvervulling.

In die hoop ga ik even met je mee, vanop afstand, maar niet minder betrokken. Vriend Adriaan was al even geroerd toen hij mij het overlijden van Gentil een uurtje geleden meldde.

Lieve Clara, wij weten hoe strijdbaar je bent als vrouw. Daarom kunnen verzen als die van Christine D’Haen, de eerste Arkprijswinnares in 1951, je helpen de rug te rechten en je verdriet vrouwmoedig te dragen:


gij zijt niets dan een schaduw, en ik ben die leven

in doodsstrijd en sterven al levende doet.

Ik slechts verzwijg u. - Mijn daimoon bij nacht

bedroefde mij bitter. - En 't hoofd in mijn arm,

het hoofd van een man, het is niets. Het is niets

dan een aangezicht, sluimrend, vol koelte en zacht.


Ons hart is met jou.

 

Lukas De Vos, voorzitter, en het hele Arkcomité van het Vrije Woord

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Actualité
commenter cet article
5 novembre 2013 2 05 /11 /novembre /2013 21:11

 

guidol-015.jpg

In Nederland ontslaat Friesland Campina medio 2015 twee fabrieken in Eindhoven en Woerden. Er verdwijnen 174 van de 7.500 banen. De ingreep is volgens de directie nodig omdat consumenten in Europa minder aan zuivel besteden. Is het u ook al opgevallen? Als er goed nieuws is, blazen de politici en de economen hoog van de toren. Als er slecht nieuws is, is het de schuld van de consument.

 

Dat de economie moeilijk op toeren te krijgen is, is ook al de schuld van de consument. Hij blijft op zijn spaarpot zitten en smeekbeden of verwijten helpen niet om hem eraf te krijgen. Maar wie geeft nu zijn goud in bruikleen aan een onbetrouwbaar iemand, als hij bovendien weet dat hij er geen dank, in de vorm van rente, voor terug krijgt. De waarheid is dat de bankiers en de economen, gevolgd door hun vertegenwoordigers in de regering, zoals een typisch Parijse uitdrukking luidt, travaillent dans la panique. Ze vechten op vier, vijf fronten tegelijk en rekenen medewerkers van een lager niveau af op een klontje suiker.

 

Vandaag ben je diensthoofd, voor je ’t weet directeur, een maand nadien algemeen directeur, om nauwelijks een jaar later in de gracht te belanden, maar een week later opgevist en benoemd te worden tot CEO van een concern, niet in dienst, maar als zelfstandige, zodat hij makkelijk vervangen kan worden. Dat geldt voor alle economische niveaus. Het ene ontslag is nog niet koud of het andere staat al te pruttelen. Tot men alleen met een romp overblijft. Maar hoe kan men kwaliteit bieden zonder hoofd, en armen en benen?

 

Een rompconstructie is het opvallendst in de media. Radio- en televisieprogramma worden met veel tamtam gelanceerd en wat later afgevoerd. Dag- en weekbladen zijn onderbezet, zodat wie rest, tegen wil en dank, enkel aan bladvulling kan doen. Het Nederlandse weekblad HP/De Tijd is herleid tot drie redacteurs. Alle anderen zijn ontslagen. Het merendeel is echter opgevist… als medewerker. Kost minder. Ook bij De Morgen breekt het zweet uit. Er is opnieuw sterke dreiging van hogerhand om de redactie naar Kobbegem te verhuizen. En de kwaliteit van de artikels moet de hoogte in, want firma’s van standing morren. Wie wil er naast een artikel staan met een rommelige constructie en gevuld zijn met clichézinnen? Dat soort firma’s wil net artikels van hoog kwalitatief niveau en ook zij weten dat een flink deel van het aanstormend hoog opgeleid jonge lezerspubliek De Morgen enkel nog doorbladert, maar niet meer ten gronde leest.

 

Een ontslagronde gebeurt ook altijd in fases, is u dat ook al opgevallen? Ik durf er mijn hoofd op verwedden dat de 174 ontslagen bij Friesland Campina, half 2014 rond de 300 lopen en aan de eindstreep het er 800 zullen zijn, of daaromtrent. En een jaar na de reorganisatie volgen er geheid extra ontslagen. Het mooiste voorbeeld van economische paniekvoetbal is momenteel te vinden bij Sanoma. In Nederland wordt een vierde van de werknemers ontslagen en in België wordt de hele zwik op de markt gegooid. Het wordt als de schuld van de consument gepresenteerd, maar de waarheid is dat Sanoma zijn kaarten overspeeld heeft door financieel wanbeleid. Intern noemt men de bazen aan de top ‘zonnekoningen’. Ze zijn niet alleen inhalig maar laten het ook breed hangen. Een understatement. En ze herorganiseren nog voor de vorige reorganisatie zijn beslag heeft gekregen. Het resultaat is een complete warboel.

 

De overname van de televisiezenders VIER en VIJF, om maar één voorbeeld te noemen, was een grote blunder. Sanoma België, i.s.m Corelio en Woestijnvis heeft daarvoor gezorgd, maar de drie partijen zijn momenteel in het wilde weg aan het zoeken hoe dat verdomde extra kapitaal kan gerecupereerd worden. Zoals het laten betalen van de consument omdat het programma’s uitgesteld bekijkt en reclamespots doorspoelt. Alsof die mogelijkheid de schuld is van de consument.

 

Verwonderlijk is het dus niet dat het personeel van hoog tot laag zich nauwelijks nog inzet en totaal geen binding meer heeft met de zaak. Het familiegevoel, ooit en gedurende eeuwen een van de pijlers van de groei en bloei van een bedrijf, is totaal verdwenen. Dat weet de Raad van Commissarissen ook, maar ze wil het niet toegeven. Liever meineed plegen dan de waarheid en niets dan de waarheid te vertellen.

 

Mijn neus en mijn verstand zeggen me dat de crisis niet de schuld is, en nooit kan zijn, van de werknemer, noch van de consument. Werknemer, tevens consument blijven geld uitgeven, zij het ten eigen baat. Dat zie je de weekenddagen. De restaurants zitten vol en de middenstand doet gouden zaken, weliswaar door hun prijzen te dumpen, en dat moeten ze ook, want de consument is bij de les en weet waar de beste kwaliteit voor de minste prijs te vinden is. Het resultaat is dat er nauwelijks nog winst gemaakt wordt, en waar geen winst is, is de faling nabij. Het is dus aan de directie om een oplossing te bedenken voor de crisis, want de crisis die de bevolking het hoofd in geramd wordt, en die het als zoete koek slikt, bestaat enkel op hoog niveau.

 

Met het ontslaan van mensen, het reorganiseren in het wilde weg, bevordert men enkel een volgende crisis. Die dan ook de mens met spaargeld zal treffen. Want dat raakt op een dag ook op. Er zijn nu al veel gepensioneerde koppels die nog plezier hebben aan hun oude dag dankzij een hypotheek op hun eigen huis. Ze eten dus hun eigen huis op. Dat de kinderen niet erven, en daardoor geen reservepotje meer hebben, en afhankelijk worden van bijstand door de staat, zal ook de schuld van de consument zijn. Terwijl de staat maar geld in de bedrijven blijft stoppen. Maar dat is natuurlijk geen bijstand, maar subsidie.

 

Wie dat beweert, en dat doet dus ondergetekende, riskeert de vaat naar zijn hoofd te krijgen...

Guido LAUWAERT

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Actualité
commenter cet article
4 novembre 2013 1 04 /11 /novembre /2013 10:58

 

Roger-Nupie--foto-Bert-Bevers-.JPG

Dertig jaar geleden is het ondertussen al dat Roger Nupie als dichter debuteerde. In 1983 zag zijn Ivoren weemoed het licht in de fameuze Contramine-reeks. Sindsdien verschenen bundels als Niets is aanweziger dan (1989), Zo verander je van lichaam  (1993) en Abrikozen voor Ali (2005).

Nupie werkt graag samen met anderen. Zo schreef hij met Susan Birkeland, Job Degenaar, Peter Holvoet-Hanssen, Clara Hsu, Devorah Major, Annie Reniers, Annmarie Sauer, Fred Schywek en Bart Stouten het gezamenlijke Global Night Car (2012).

Behalve met andere literatoren echter werkt hij minstens zo graag samen met beeldend kunstenaars. Door de jaren heen ging hij regelmatig de creatieve confrontatie aan met het werk van tal van artiesten. Frappant is daarbij dat de inspiratiebronnen voor zijn poëzie in dergelijke gevallen (bijvoorbeeld) beelden, foto’s en/of grafiek waren, maar dat zijn gedichten daarbij nimmer bleven steken in beschrijvingen. Ze zijn ook uitstekend los van het plastische te lezen, als autonome teksten.

Dat bewijst Roger Nupie nog maar eens met Versteend, verstild. Dit boekje bevat foto’s die André Bongers maakte van de grafiek van Lieve Pettens en de keramiek van Cyrille Hendrickx die samen met de literaire bijdragen van Nupie in september te zien waren in de Sint-Jozefkapel in Brasschaat.

Elf gedichten bij elf kunstwerken. De titels (vijf tweelettergrepige en vijf eenlettergrepige – een is er drielettergrepig) zijn allemaal imperatieven. Ze omvatten steeds drie kwatrijnen, staan als een huis en (lekker zo af en toe eens, zo’n zeugma) vol beklijvende regels. Als hoe smal wordt een boom / als je er doorheen kan kijken?of Kies wat binnen is / boven wat boven is.

Af en toe komt hij zelf even in beeld: De woordenaar belt aan, / strooit wat taal tussen hen in. / Het woord schurkt / tegen de drukpers aan.Maar verder kijkt hij vooral, laat hij verwondering over licht schuiven, geboortes als snoepgoed uitgestrooid worden. Roger Nupie schrijft in een heldere stijl, waarin hij mooie scènes creëert. Duisternis treedt in, / en de traagste tijd, / tijd om kippen te voederen, / de hond uit te laten. bijvoorbeeld. En In de verte: licht, / nu en overal, / en de weerga, / de weerga van het water.

De werken van Pettens en Hendrickx zijn eenvoudig maar smaakvol afgedrukt. Versteend, verstild is een welgekomen aanvulling op Roger Nupie’s poëtisch oeuvre. Ik kan me amper voorstellen dat iemand dit soort gedichten niet graag leest.

Bert BEVERS

 

Versteend, verstild, Roger Nupie (poëzie), Lieve Pettens (grafiek) en Cyrille Hendrickx (keramiek), € 15, te bestellen via rogernupie@hotmail.com

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article
3 novembre 2013 7 03 /11 /novembre /2013 07:41

 

DSC05131.jpg

Wilfried Westerlinck en Lucien Posman


Het is de derde maal dat ComAV (Componisten Archipel Vlaanderen), het initiatief neemt haar leden uit te nodigen om een kort werkje te schrijven voor een bepaalde bezetting. Ditmaal was het Gentse kamerorkest Timur und seine Mannschaft, dat zich leende voor het idee dat resulteerde in een caleidoscopisch concert in de Miryzaal van het Gentse Conservatorium.

 

Timur Sergeyenia is sinds geruime tijd leraar piano aan het Conservatorium van Gent en heeft al een aantal jaren talentvolle strijkers rond zich geschaard waarmee hij zich manifesteert met de meest diverse programma’s.

Ditmaal gingen er 22 componisten in op de mogelijkheid hun werk te laten horen aan collega’s en belangstellenden, die ruim waren opgekomen op deze reeds kille herfstavond.

In zijn eigen ironiserende en soms wat onbehouwen stijl lichtte voorzitter Lucien Posman de componisten en het project even toe, waarna de muzikale ontdekkingstocht kon beginnen.

Ik zou mij hier kunnen beperken tot enkele werken op te noemen, maar daarmee zou ik een aantal collega’s te kort doen, en het gelijkheidsprincipe schenden dat ruim gehuldigd wordt door het ComAV. Er is al quasi geen belangstelling in onze media voor jonge componisten of voor nieuwe werken. Dan wil ik dat toch even rechttrekken op deze pagina. Op die manier kan u tenminste kennis maken met de rijke diversiteit van ons componistenlandschap.

DSC05113.jpg

Karel van Marcke en Jan-Hendrik van Damme

Flink als een openingstune van een film werd ingezet met ‘Die Mannschaft geht los‘ van Michiel De Malssche, die zich ook verdienstelijk maakt als producer en soundscape-maker. Het vrolijke scherzo van Jan-Hendrik Van Damme borstelde een genereus en stevig portret van de schilder Sam Dillemans, wiens leeftijdsgenoot hij is. Uitgangspunt van dit scherzo is het ritme dat verscholen ligt in ‘Dillemanssam’.

Alex Hoterlei, sloot aan bij de atmosfeer die je ook in films van Hitchcock kan vinden. Het was dan ook een proloog tot zijn epos ‘Horror on the Orient Express’. Een zelfde filmische benadering was er te vinden in het ‘Gerausche aus dem Zimmer’, waarbij de componist zich al op voorhand verontschuldigde voor het plakkerige van de muziek die ontstond tussen lijn en behangersrollen.

DSC05058-copie-1.jpg

Maarten van Ingelgem

Van de jonge Benjamien Lycke beluisterden we ‘Révolue’ dat zich aandiende op kousenvoeten en na 3 minuutjes verdween in het hoge ijle. Voor de verjaardag van 40 jaar huwelijk wist Maarten van Ingelgem (1976), zijn ouders te verrassen met ‘DeSmaragden Klok’, een vrolijk werkje waar de klok doorlopend tikt en de tijd meet, zoals de beiaard van Aalst ! Met ‘L’empire des petites lumières’ hadden we te maken met een stuk dat zich afspeelt op een ander plan, en zo klonk het ook, ietwat onwezenlijk. Ruben De Gheselle had hiervoor zijn inspiratie gehaald uit het gelijknamige schilderij van Magritte.

 

Van de Hasseltse componist Paul Steegman was er een traditioneel-modernistische ‘Allegro Scherzando’ als inzet voor een luik van 4 werken voor kamermuziek-bezettingen. Met ‘Hangmat’ wil Hannes Vanlancker existentiële vragen stellen van een gefrustreerde componist, en deed dit in een pointillistische taal. Karel van Marcke was de enige componist die de piano opzij schoof, zodat Timur ook even rust kreeg. Het werd ‘Jeu de boules’ voor strijkkwartet dat in zijn ironie aanleunde bij de sommige kleine werkjes van Sjostakovitsj. Ook hier konden we een zeker filmisch karakter ontwaren. Slot van het eerste deel werd ingenomen door ‘Power RangerBlitz’ van Jasper Van Paemel. Een complexe partituur waarbij het zaak was voor elke uitvoerder om ‘superheld’ te zijn in deze klankenvloed.

 

Met een kort en snel werkje, dat de naam ‘Ophiuchus’ mee kreeg van Kenneth Sabo wou de componist het dertiende en verborgen dierenriemteken tot leven brengen. Werkje 2 en 3 van het deel na de pauze werden omgewisseld waardoor er een behoorlijk verwarring ontstond. Spijtig voor beide componisten. Maar ‘Madrugada’ van ondergetekende werd mooi, zacht, onbeweeglijk en met een minimum aan spanning ten gehore gebracht, zoals het past bij een ochtendgloren. Het contrast met Gerards’ De Clercq ‘Prelude en Toccata’ met zijn licht vleugje jazz op het einde, werkte daardoor eens te meer. Bij Jan Vandenheede, was ‘Drama en Lyricism’ de juiste titel voor deze sterk expressionistische klanken. Kris Baerdemaecker kon boeien met zijn ‘Canto’, die hijzelf beschouwd als de aanzet voor een tweede deel van een concerto, en Annelies Van Parys was herkenbaar door de exploratie van klankkleuren en de uitdieping van allerlei mogelijk effecten van het beschikbaar ensemble in haar ‘Aphorisme’.

 

Stephane Van de Ghinste vertolkte in zijn werk de weemoed in een beklijvende elegie ‘A prayer for A.’ bij de moord op de stiefdochter van onze Gentse collega D.B. Deze sfeer werd verder bevestigd door het werk van Piet Swerts, die in ‘L’ Absence’ een 3 minuten lange orkest-pedaalnoot liet horen om heen een zwevende pianoprelude. En als afronding waren er ‘3’ just for fun’ van Jan Van Landeghem dat klonk als een vrolijke en onbezorgde knipoog aan Darius Milhaud.

 

Het zou fijn zijn moesten er nu wat Culturele Centra en verenigingen zijn die dit project ook in hun stad of regio zouden willen brengen. Uit al die werken kan telkenmale een stevige helft van een concert samengesteld worden, dat twinkelt van creativiteit en afgesloten kan worden met wat ijzeren repertoire. Het zou een stevige ruggensteun zijn voor de initiatiefnemers en voor onze componisten.

Wie bezorgt deze Mannschaft een nieuwe match?

Wilfried WESTERLINCK

 

Foto's: Frank Ivo van Damme

zie ook:

 

http://mededelingen.over-blog.com/article-timur-und-seine-mannschaft-120568473.html

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Musique
commenter cet article
2 novembre 2013 6 02 /11 /novembre /2013 18:00

 

Illustratie-voor-bijdrage.jpg

 

Ik wil niet beweren dat de Duitsers zich in augustus 1914, verontschuldigingen rondstrooiend voor de mogelijk ondervonden hinder, zonder overlast te veroorzaken richting Frankrijk hebben begeven maar dat de berichten over de gruwelen die ‘de Hunnen’ de Belgen aandeden zwaar aangezet waren realiseerde Robert Graves (1895-1985) zich destijds al. In zijn voor het eerst in 1929 verschenen memoires Goodbye To All That (in de reeks Privé-domein verschenen als Dat hebben we gehad) noteerde hij dat hij volgende krantenknipsels van destijds in chronologische volgorde zag:

 

Toen de val van Antwerpen bekend werd, werden de kerkklokken geluid [i.e. in Keulen en elders in Duitsland]. – Kölnische Zeitung.

 

Volgens de Kölnische Zeitung werd de clerus van Antwerpen gedwongen de kerkklokken te luiden toen de vesting was ingenomen. – Le Matin.

 

Volgens berichten die The Times via Parijs uit Keulen heeft ontvangen, zijn de ongelukkige Belgische priesters die weigerden de kerkklokken te luiden toen Antwerpen was ingenomen, veroordeeld tot dwangarbeid. – Corriere della Sera.

 

Volgens berichten die de Corriere della Sera via Londen en Keulen hebben bereikt, is bevestigd dat de barbaarse veroveraars van Antwerpen de ongelukkige Belgische priesters voor hun heldhaftige weigering de kerkklokken te luiden hebben gestraft door hen als levende klepels met het hoofd omlaag in de klokken te hangen. – Le Matin.

 

Om maar te illustreren dat je niet alles moet geloven omdat het in de krant staat….

 

Bert BEVERS

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans histoire
commenter cet article
2 novembre 2013 6 02 /11 /novembre /2013 03:13

 

Bravo Bavo, Snelle Suspens-Schrijver,

Dames en Heren,


Ik heb altijd een warm gevoel als ik andermaal een nieuw boek van Bavo Dhooge in handen neem. Hij lijdt aan een verslavende ziekte. Die van Crohn. Schrijfcrohn. En hij is recht voor de raap. In een interview met Jeroen Beghin zegt hij: “Ik hou van pulp”. Ik ook. Bavo Dhooghe méént wat hij zegt, en hij handelt er naar. Hij schrijft sinds 2001, maar hij is gulzig: houdt voordrachten, maakte zijn eigen filmreeks Seven Awakenings in the Life of an Extra-Ordinary Man met Spielerei Films (de titel ook van zijn 21e thriller, een boek waarmee hij samen met nummer 20, Solo, zijn zelf opgezette afgrenzing doorbrak; de S is namelijk de 19e letter; maar elke orde is een verslaving, en bestaat alleen om ontregeld te worden), schrijft thrillers, SF, jeugdromans, griezelverhalen, de biografie van John Massis, een tennisboek, recensies voor Humo en Che, documentairefilm- en tv-scenario’s, wervende bedrijfsteksten en reclameslogans.

Dat laatste mag niemand verbazen: het leerde hem titels maken, het leerde hem in beelden te denken, en het leerde hem economisch om te springen met taal. En te ritselen. Zoals hij zelf bekent, heeft hij zijn eerste thrillers geschreven tijdens de werkuren bij een copywritersbureau, snel, sneller, snelst. Want in snel tempo, ik heb het nageteld op zijn webstek, heeft hij 80 – u hoort het goed - 80 werken afgeleverd op zo’n dertien jaar, Dhooge is de enige die Aster Berkhof in productie kan overtreffen. Eén ding moet erbij gezegd: niet àlle werken beginnen met een S. Er is er eentje bij dat vloekt met de rest: een filmisch avonturenverhaal, Het Geheim van Antarctica. Het had natuurlijk ook Het Suydtpoolgeheim kunnen heten, maar ik denk dat Dhooge bewust een sproet, een smet op zijn blanke serie wou hebben, want de absoluutheid, de perfectie is niet van deze wereld.

Dames en Heren, laat het u gezegd zijn: Bavo Dhooge is de Lucky Luke van het spannende boek, de man die sneller schrijft dan zijn schaduw. Anthony Horowitz indachtig: “Hoe sneller je schrijft, hoe vlotter de lezer leest”. Elmore Leonard indachtig: “Schrap alle passages die de lezer toch gaat overslaan”. Dat doet Dhooge. En zijn grote kracht berust op vier elementen: zijn blijvende fascinatie voor de ambachtelijke broodverteller; de beeldende uitvergrotingen van de B-film; de soberheid van dialoog en beschrijving, die Elmore Leonard hem heeft voorgedaan; en het besef dat maar één personage de moeite waard is: de man met vele gebreken.

In omgekeerde volgorde. De hoofdpersoon bij Bavo Dhooge is liefst een slonzige sul, niet onbegaafd, maar bepaald lui, en tuk op de nodige poen en vrouwen. Pat Somers was nog een heimatcliché, maar sinds de omschakeling naar zijn Amerikaanse thrillers, sinds Stiletto Libretto (2009), is dat laaglandse helemaal weggespoeld. In ijltempo heeft Dhooge zich een Amerikaans idioom, een Amerikaanse aanpak, een Amerikaanse setting eigen gemaakt. In de roman die wij vandaag bekronen, Santa Monica, is dat de Repoman, Jack Spark, Vietnamveteraan, buitenwipper, inbreker en schattenjager bij een Mormoonse vlerk van een handoplegger. En sloeber, met de tik dat er geregeld doden om hem heen vallen. Want gelukkig wordt de mens met de leeftijd slechter, en de schrijver beter. Maar niemand is helemaal zwart van inborst. Ook moordenaars hebben hun weke plekken, oplichter Roland Knox in Stiletto Libretto ziet zijn kinderen graag, Shappa Crane in Sioux Blues (2010) ruilt bloedwraak in voor verliefdheid, premiejager Buck Stone is niet gedreven door echte vaderhaat in Sunset Bay (2012). Alle sympatie dus voor de kleine straatboef, de belaagde underdog. De orde, dat zijn de speurders, de ordediensten, de rijken. De mensen, dat zijn de kleine luiden.

Soberheid begint maar te werken sinds Dhooge de kracht heeft ontdekt van het gedegen plot. Van de verhaalsgrammatica. Van de echte schrijftechnieken. Ik heb in een bespreking van Santa Monica Bavo Dhooge met het grootste respect de Hugo Raes van het hard boiled genre genoemd. Hard boiled vanwege de bewuste afwezigheid van morele standaarden of veroordeling. Hugo Raes omdat de ons pas ontvallen schrijver een grootmeester was in het kortverhaal, naar Angelsaksisch model. En mijn waardering is nog groter omdat Dhooge erin slaagt het kortverhaal evenwichtig uit te breiden tot een lopende roman, niet tot een rijtje aparte pointes.

De filmische onderlaag. Ik word week als ik Bavo Dhooge zijn bewondering hoor uiten voor Harry Stephen Keeler uit Chicago, broodschrijver bij Feds genade van meer dan 80 SF-pulps, een tijdje opgesloten in een zothuis. Zijn stijl is bizar, zijn dialogen scheldtirades, zijn inkortingen legendarisch. Dhooge noemt hem vertederd de Ed Wood van de letteren, maar de vergelijking met Roger Corman gaat beter op, misschien zelfs met Tim Burton (Mars Attacks !). Film leert ook visueel en elliptisch schrijven, concreet en met onvergetelijke quotes. Dhooge heeft het.

Ten slotte de ambachtelijkheid. Richtinggevend voor zijn eigen bescheiden aanvang is Stand-In (2009). Het is de parabel van Dhooges eigen ontwikkelingsgang. Jack Storm, emigrant en Olympisch kampioen, werkt zich op tot acteur van B-Westerns. Echo’s van Reagan, Johnny Weismüller of Schwarzenegger zijn niet ver weg. Alleen schopt Storm het niet zo ver. Hij gebruikt een stand-in voor zijn stunts, die bij de omschakeling van stomme naar geluidsfilm plots alle succes aantrekt en Storm overbodig maakt. Zelfmoord lijkt de enige uitweg om de verzekering op te lichten. Maar het loopt, natuurlijk, mis. Dat is uiteindelijk, net als in De Speler (2007) die filmrollen naspeelt, de hamvraag: wie ben ik? Ben ik wie de anderen van mij maken? Of ben ik mezelf? En wat wil dat zeggen? Die vraag, Dames en Heren, stelt Bavo Dhooge zich onophoudelijk.

Zo’n man moeten we koesteren. Zo’n schrijver gaat niet tobben, maar doorziet de betrekkelijkheid der dingen en de betrekkelijkheid van de mensen. Zijn personages zijn maar de verschillende facetten van dat inzicht. Dhooge is nog lang niet uitgeschreven. Wij doen er een schepje bovenop: Bavo had alle Nederlandstalige thrillerprijzen al gekregen. Zijn collectie krijgt nu haar sluitstuk, haar Crohnstuk: met de verdiende Knack Hercule Poirotprijs. Van harte gelukgewenst.

Lukas DE VOS

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article
31 octobre 2013 4 31 /10 /octobre /2013 21:30

 

DhoogeSantaMonica

Op de openingsdag van de Boekenbeurs in Antwerpen kreeg Bavo Dhooge (°1973) vanmorgen voor zijn thriller Santa Monica (Houtekiet) de Hercule Poirotprijs 2013. Bavo Dhooge (bijgenaamd 'S-Express') kreeg in 2009 De Diamanten Kogel voor Stiletto Libretto (Manteau), ook genomineerd voor de Gouden Strop.

Eerder was al bekendgemaakt dat de oeuvreprijs ging naar Aster Berkhof (°1920). De publieksprijs, waarvoor men een maand lang kon stemmen op de Knack-website, ging naar Als alles duister wordt van Hilde Vandermeeren (°1970), de met vele prijzen overladen kinder- en jeugdboekenauteur.

Veel indruk lijkt dat niet maken op Walter Soethoudt,die op zijn lezenswaardige blog noteert:

'Ik zit te wachten op de nieuwe Patrick Conrad die er schijnt aan te komen in het voorjaar van 2014, om weer eens echt te kunnen genieten.'

http://waltersoethoudt.blogspot.be/

*

Na een 'zacht meningsverschil' van Conrad met De Bezige Bij Antwerpen, verschijnt zijn nieuwe thriller in het voorjaar bij Vrijdag: De onvoltooide romance van Ediapaso Gianovoltare. Ook Dhooge koos voor een overstap (althans wat zijn thrillers betreft), nl. van Manteau naar Houtekiet.

Heeft dit alles te maken met het serieus verlies in 2012 van WPG, waar o.m. Manteau en De Bezige Bij onder vallen? Volgens Frank Hellemans (Boeken.knack) “viel al op te vangen dat De Bezige Bij, de meest bekende dochter van WPG, boven haar stand leefde”...

WPG staat blijkbaar voor een diepgaande herstructurering. De kunstboektakken Ludion en Lido werden onlangs afgestoten en omgeruild voor de commerciële uitgeverij Drie van de Woenstijnvis-zender Vier dat BV-boeken uitgeeft als spinn off bij de succesuitzendingen van Vier, zoals 'De slimste mens'.

Johan de Koning, directeur-uitgever van WPG Uitgevers België is vanaf morgen ad interim verantwoordelijk voor de dagelijkse leiding van De Arbeiderspers / A.W. Bruna, ook al dochters van WPG.

Henri-Floris JESPERS

 

Over Bavo Dhooge, zie o.m. op deze blog:


http://mededelingen.over-blog.com/article-henri-floris-jespers-over-de-diamanten-kogel-2009-40048189.html



Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article
31 octobre 2013 4 31 /10 /octobre /2013 17:25

 

JulienSchoenaerts.jpg

De meest markante acteur van de twintigste eeuw uit de Nederlanden herrijst volgend jaar bij monde van Stan Lauryssens uit de dood in boekvorm. De vooral als thrillerschrijver bekend staande auteur wil het boek tevens omvormen tot monoloog, waarin de grootmeester zelf zijn verhaal doet.

stan_lauryssens6.jpg

Momenteel is Lauryssens al aan het peilen of een theater geïnteresseerd is in een productie ervan en vist in theatermiddens naar een acteur die de rol van Schoenaerts, met zijn typisch muzikale fluistertaal, kan spelen. Contact met de erven heeft hij nog niet gehad, verklaarde hij, maar vindt het niet nodig, daar het geen bewerking is van een voorstelling van Julien Schoenaerts. Het is een historisch verslag van de woeligste periode uit het leven van de acteur.

 

De reconstructie vangt aan begin 1970 met een productie in de voormalige KNS [nu Toneelhuis] van Koning Jan  [King John; William Shakespeare], met Julien Schoenaerts in de titelrol. Tijdens de repetities ontstaan er wrijvingen tussen een deel van de spelers en Schoenaerts, die de fluitist Cochius heeft meegebracht, om tijdens de werkpauzes ontspannende muziek voor hem te spelen. De KNS-directie verbant de fluitspeler naar de omliggende kroegen. De première verloopt zonder incidenten, maar enkele dagen later richt Schoenaerts zich tot het publiek, om te protesteren tegen wat hem en zijn vriend is aangedaan. De directie zet Schoenaerts aan de deur. Het is het begin van een zwerftocht door theaterland die tot het einde van zijn carrière als acteur zal duren.

 

Het ontslag leidt tot de beruchte monoloog De apologie van Socrates, die naast de verdedigingsrede van de filosoof moet beschouwd worden als een verantwoording van het gedrag van de acteur. Schoenaerts gaat zo op in zijn apologie dat de stoppen doorslaan. De sluimerende manisch-depressieve psychose breekt door en enkele malen belandt hij in de psychiatrische afdeling van het Antwerps Stuyvenbergziekenhuis.

 

De zakenman Aimé Proost zorgt ervoor dat Schoenaerts een eigen nest krijgt, het Ringtheater, tegenwoordig thuisbasis van totaalkunstenaar Jan Fabre. Op de première van de eerste productie, 11 januari 1973, daagt Schoenaerts niet op. De eerste voorstelling van Kasper  zal uiteindelijk doorgaan op 24 januari, en groeit uit tot een succes. De strubbelingen tussen de zakenman en de acteur leidt er echter toe dat het theater enkele weken later afbrandt. Schoenaerts is de hoofdverdachte, wordt gearresteerd, maar enkele dagen later vrijgelaten, wegens gebrek aan bewijs. Het dossier verkast naar ‘Oorzaak brand onbekend’.

 

De periode hierboven beschreven is de korte [!] inhoud van de roman met thrillerachtige allures. Lauryssen heeft, naar eigen zeggen, toegang gehad tot het juridisch dossier. Daarenboven heeft hij met heel wat betrokkenen gesproken die tot nieuwe gegevens hebben geleid. Of blijkt dat Schoenaerts de brandstichter was, iemand anders, of een technisch probleem de oorzaak is, wilde Stan Lauryssen niet zeggen. De onthulling is voorbehouden aan de lezer.

Het boek verschijnt bij Manteau, najaar 2014.

Guido LAUWAERT

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche