Overblog Suivre ce blog
Administration Créer mon blog
19 août 2014 2 19 /08 /août /2014 08:23

 

OdeGand.jpg

Het programma van OdeGand is gefileerd op een perslunch. De 12de editie belooft weer een voltreffer te worden. De details kan de lezer vinden op de website, veel ruimte hoeft om die reden aan het programma niet besteed te worden. Toch enkele randbemerkingen.

OdeGand gaat door op zaterdag 13 september in de binnenstad van Gent. Veel loopwerk is er niet, wat een machtig voordeel is, niet alleen voor ouderen, maar ook voor jonge gezinnen met kinderen die hun voertuigen op en af bootjes moeten wringen of er mee rondhossen. Er staan altijd wel keurige assistenten klaar om hand- en spandienst te verlenen, maar het veldwerk blijft ten laste van de ouders.
OdeGand start om 1 uur ’s middags en eindigt rond 11 uur ’s avonds met vuurwerk. Alleen al daarom wordt een massale opkomst verwacht. Maar voor het vuurwerk is er heel wat ander vuurwerk. Menselijk feu d’artifice uit alle continenten, uitgezonderd Australië en Antarctica. Het voormalige grootste verbanningsoord van Great Bittain lag te diep en in het Zuidpoolcontinent wordt niet gezongen maar gebibberd, en de kans dat het publiek dat uit sympathie ook gaat doen is mooi, maar niet bevorderend voor de beoogde sfeer.

In Azië werden Wang Li met zijn magisch mondharpspel, pianiste LJ Lim die de toetsen niet afstoft maar geselt, en Georg Nogl met zijn stem als een klok & Alexander Melnikov met zijn gevarieerd pianospel gedwongen een contract voor een optreden te tekenen. Noord-Amerika zal aanwezig zijn met het muzikaal en plastisch clownswerk van Mike Geier die met zijn de Pubbles Pity Party het hele scala van muziekgenres kaalvreet, waarvan het sap niet alleen van zijn eigen kin loopt, maar ook de vreugdetranen van oud en jonge toeschouwers. Eveneens uit de V.S. en zijn kolonie, Gr. Br., komen dame Emma Kirby en Joel Frederikson. Zij behoeven geen introductie staat er in de programmafolder en toch wordt er gezegd dat zij elk apart denderend en ‘in duo’ formidabel zijn. Meesters van het lied. Ze overvliegen de muziekgeschiedenis van 1600 tot 1820. Eveneens uit het arrogantste land ter wereld komen Paul Morocco en zijn kompanen met opzwepend gitaarspel, surrealistische toestanden en hilarische slapstick. Hun Spaans bloed en machogedrag tot in het absurde is een garantie van leuk vertier. Want de twee enige soorten culturen van Amerika waar gelachen mee kan worden is de Spaanse en de Joodse, die de relativering van hun eigen aard een machtige theatrale inslag kunnen geven.

Over naar Zuid-Amerika. Renata Rosa uit Brazilië brengt haar land naar Gent, zingt en speelt viool, waarbij al wat kan bewegen aan haar elegante lichaam de emoties van culturele tradities van haar land een extra vernislaag geeft. Tovenaar José Luis Betancor uit Argentinië, aangevuld met muzikanten uit zijn eigen village en Italië is een reizend gezelschap dat door de machtige Belgische signalisatie bij wegeniswerken even kan bekomen in Gent. De ergernis ervan zetten zij om in woeste tango’s. Ze maken dat de toeschouwer aan zijn stoel blijft plakken. Wat niet gezegd maar na de lunch achter de hand gefluisterd werd, is dat als hulpmiddel voor dat plakken een paar honderd tubes Super Glue-3 van Loctite van sponsor Lijn.com werden afgetroggeld. Pianist Enrique Bagaria en violist Josep Colomé verhandelen hun virtuoos samenspel in de Handelsbeurs. Jan Van Isacker, bijgenaamd Il Trionfo heeft zijn muzikale droom verwezenlijkt en houdt niet op die overal ter wereld te vertolken, bijgestaan door een roedel muzikanten uit Turkije en Brazilië.

Waar staat Afrika? O hier! Met Deba, een vrouwenclub uit Mayotte die het zingen niet kan laten, en gelijk hebben ze. Getooid in prachtige inlandse gewaden en sieraden zullen zij ongetwijfeld zorgen voor komende variaties in de klederdracht van het Gentse publiek en omliggende straten.
Europa is vertegenwoordigd door Binti, DeFilharmonie en Ana Sofia Varella. Voor meer info verwijs ik nogmaals naar de website, want meer dan 3 flauwe grappen per artikel is niet toegestaan.

OdeGand biedt echter veel meer. Openluchtconcerten en een cultuurmarkt, zodat de toeschouwer onderweg van het ene naar het andere ‘grote’ concert warm gehouden wordt. Om 10 uur ’s avonds is er een slotspektakel op de Gras- en Korenlei, vanop de Sint-Michielsburg de mooiste plek voor kiekjes door Japanners en Chinezen die keurig hun beurt afwachten, wat van Russen niet gezegd kan worden. Elk slot kent zijn kroningsmoment en dat is, zoals reeds gezegd, het vuurwerk. Het wordt kortom weer een artistieke hoogdag en een Gentse Feestendag van superbe kwaliteit.
De dag wordt door het organisatieteam voorgesteld als de ouverture van het twee weken durende Gent Festival [van Vlaanderen]. Wel bekeken is dat zo, maar nog meer is OdeGand een promotie voor de Arteveldestad en het festival. Zonder openingsknaller met de kracht van een Stalinorgel zou het promotieteam andere middelen moeten verzinnen ter versterking van de opkomst bij de afzonderlijke, meer intieme, maar ver van minieme concerten met een hoger risicogehalte.

OdeGand is een voltreffer op promotioneel gebied. De reclame voor het festival zit verscholen in een mix van een dag waar families, verwanten en kennissen de banden nauwer aanhalen. Het is een grote, internationale vredesdag. Zelfs vijanden schroeven er hun vetes mee naar een lager niveau, met een lange nawerkende kracht. Een spektakel dat de gemoederen gladstrijkt, zacht laat golven en ontstresst. Een ideale uitstap om een dag verlost te zijn van de pijnen veroorzaakt door geweld, van klein tot groot. Op het water, aan land en in de lucht.

Guido LAUWAERT

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Musique
commenter cet article
18 août 2014 1 18 /08 /août /2014 07:42

 

OpEenzzame-hoogte.jpg

Uitgeverij Vrijdag kondigt “de onverhoopte doch vreugdevolle verrijzenis van literair wonderkind Luc Boudens”, wiens nieuwe roman, Op eenzame hoogte, op woensdag 17 september om 20 u voorgesteld wordt in MuseumCafé UFO, Waalse Kaai 47 te Antwerpen.

De volledige bibliografie van Boudens (inbegrepen de in zeer beperkte oplage met de handpers gedrukte bibliofiele uitgaven) kan hier geraadpleegd worden op de blog van 18 april waarin de publicatie van Op eenzame hoogte uitvoerig aangekondigd werd:

http://mededelingen.over-blog.com/article-lang-verwacht-nieuwe-roman-van-luc-boudens-123369895.html

BoudensStarend.jpg

Luc Boudens, 2000

Uitgeverij Leesmagazijn gaat Boudens' debuut  Vrijdag Visdag (Nioba, 1988) heruitgeven, alsmede Het zijn lange dagen (Dedalus, 1989). In de unaniem lovende Vlaamse en Nederlandse kritiek werd Boudens destijds steevast in een adem genoemd met Herman Brusselmans en Tom Lanoye (“de luidruchtige Belgen”...).  Bovendien heeft Boudens ook een nieuwe bundel verhalen voltooid, In het hoofd van een ander en werkt thans aan een nieuwe serie beelden en tapes, 'Opera mundi'.

koenraad-goudeseune-probleem1.jpg

Ik ben ook benieuwd naar het nieuwe werk van Van Koenraad Goudeseune (° 1965), poëzie en verhalen, die door Leesmagazijn (een eigenzinnige uitgeverij naar mijn hart) gepubliceerd wordt.

Henri-Floris JESPERS

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article
17 août 2014 7 17 /08 /août /2014 08:49

 

Balzac.jpg

Patrick Conrad, Balzac, augustus 1966 (coll. HFJ)

De jongste portrettenreeks 'A Pantheon' van Patrick Conrad (° Wilrijk, 16 juli 1945) wordt, na Gent (Galerie Jan Dhaese) en Bonnieux, Vaucluse (Galerie Montesquieu), nu ook tentoongesteld in Antwerpen. Vernissage zaterdag 6 september van 18 tot 21 u, Galerie Martin van Blerk, Mechelsesteenweg 28.

Tot 27 september. Galerie is open: donderdag, vrijdag en zaterdag van 14 tot 18 uur.


http://mededelingen.over-blog.com/article-patrick-conrad-een-impressie-38-expressies-123605605.html

http://mededelingen.over-blog.com/article-patrick-conrad-exposeert-te-gent-a-pantheon-123509592.html

 

RamonBooklet.jpg

De Brugse dichter en plastisch kunstenaar Renaat Ramon (° Brugge, 17 oktober 1936) is ook een gedegen essayist. De jongste jaren legt hij zich toe op het in kaart brengen van de geschiedenis en ontwikkeling van de concrete et visuele poëzie, een complexe materie waarover hij verhelderende bijdragen publiceerde in Poëziekrant, Kluger Hansen Gierik & NVT  (o.m. over I.K. Bonset, Paul de Vree, Hans Clavin, Frans Vanderlinde en Luc Fierens).Dat resulteert nu in Vorm & Visie. Geschiedenis van de concrete et visuele poëzie in Nederland en Vlaanderen, een uitgave van het Poëziecentrum te Gent.

Renaat Ramon beoefent zelf de visuele poëzie ofte 'visual writing':

Ze heeft haar wortels in het samengaan van woord en beeld. Het komt erop aan beide te laten samenvallen. Wat mij in de eerste spreekt aanspreekt, is de vorm van concrete poëzie die louter met letters, tekst en teken werkt.”

Het boek wordt voorgesteld in het Poëziecentrum op 27 september. Het uur werd nog niet vastgelegd, maar dat zal wellicht plaatsvinden in de namiddag. We houden u op de hoogte.


 

http://mededelingen.over-blog.com/article-gierik-nvt-ii-renaat-ramon-over-poesia-visiva-96933386.html

http://mededelingen.over-blog.com/article-renaat-ramon-veelzijdigheid-concentratie-42490054.html


Henri-Floris JESPERS

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans arts plastiques
commenter cet article
15 août 2014 5 15 /08 /août /2014 17:14

 

 

(Klagenfurt, 1926 – Rome, 1973)

 

 

Het was niet wat het niet was : haar naakte armen

beschermden haar niet. Haar gewelfde voorhoofd

woog te zwaar. Karinthië was zwaarder dan Rome.

De sigaretten hielpen niet en ook de Seresta niet.

De witte wijnen smaakten bitter

en haar gebit was het mooiste gebit dat ik zag.

 

Wie haar lach zag en haar ogen was verloren.

Ook ik die nu hik :

wie haar gedichten las en leest

weet het : Bohemen ligt aan de zee…

En waarlijk zelfs Wenen is niet langer een stad

maar een oord om haar alsnog te bewenen.

 

Hendrik CARETTE

 

 

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen
commenter cet article
13 août 2014 3 13 /08 /août /2014 18:48

 

 

Albert-Hagenaars.jpg

Het is niet moeilijk me een verblijf op een onbewoond eiland voor te stellen. Integendeel zelfs. Ruim vijfentwintig jaar geleden verbleef ik ongewild en daarom met meer negatieve dan positieve gevolgen op een onaanzienlijk stukje omspoeld rimboe in de Indonesische archipel. De visser die me er volgens afspraak met z'n gemotoriseerde perahu had afgezet, kwam door een misverstand niet tegen de avond terug. Pas na ruim een week verscheen hij weer, met zo'n snode verontschuldigende grijns als alleen een Buginees kan tonen. Ik vergat alle opgekropte woede, was blij en dankbaar als een kind. Ik ben nooit zo bang geweest als toen, hoewel ik steeds kokosnoten kon kraken, en weliswaar geen vis wist te verschalken maar wel vette krabben. Ik had geen boeken, muziek of papier en pen bij me, daar zou ik door het getob, de lichte paniek soms, sowieso geen of te weinig interesse voor gehad hebben. M’n aansteker was van onvergelijkbaar groter belang. Ik gebruikte hem zelden en toch bleef ik gebiologeerd naar het peil van de vloeistof in de donkerrode houder kijken.

Baudelaire.pngNu ik er in gedachten terug naar toe ga, neem ik graag in deze volgorde mee: 1) de Œuvres Complètes inclusief de Correspondances van Charles Baudelaire in de uitvoering van de Pléiade, dit vanwege het onverminderd belang van deze auteur voor onder andere evocatieve beeldspraak, technisch raffinement en spirituele overgang, 2) Das Lied von der Erde volgens Haitink, met zang van Janet Baker en James King, omdat ik uit de van oorsprong Chinese verzen in combinatie met Mahlers grillige en indringende instrumentalisatie al tientallen jaren geluk en troost kan putten, 3) Sundanese angklung, aangezien die ingenieuze klankpatronen vol suggestieve variaties en parallellie me in een rustgevende en toch ook inspirerende trance kunnen brengen, 4) een dikke salontafeluitgave met foto's, zonder tekst, van Expressionistische schilderijen en 5) m’n eigen boeken, in elk geval de poëziebundels; die geven me veel van wat ik anders zou missen, onder meer de koppeling van de baan van de wereld en het eigen traject. Dit volstaat, denk ik nu, zorgeloos thuis, op een eiland dat groot genoeg is om vasteland genoemd te mogen worden.
Mahler.png
Albert Hagenaars, Yogyakarta/Java, augustus 2014

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article
12 août 2014 2 12 /08 /août /2014 23:30

 

AlbertCestius.jpg

Albert Szukalski (†), Cimitero acatolico, Rome, 1979. Op de achtergrond: de piramide van Cestius

Jageneau.jpg

Marieken van Damme, Lambert Jageneau (†) en Daan Anthuenis, Antwerpen, Boekenbeurs 1981

HESPEL.jpg

Kasteel III Koningen, Beernem, begin jaren 80.

Van l. naar r.:

eerst rij: Jan Vercammen (†), gravin Hélène d'Hespel (†), Marcel Coole (†)

tweede rij: Luc Decorte

derde rij: Henri-Floris Jespers, Fernand Auwera en Renaat Ramon

vierde rij: Fernand Bonneure en Herman Vos (†)

EemansHFJ.jpg

In gesprek met Marc. Eemans (), Antwerpen, 1994

*

Coda

La tristesse est une visite plus sereine qu'on ne croit.” (Roger Nimier)

MetPierre.jpg

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans histoire
commenter cet article
11 août 2014 1 11 /08 /août /2014 22:30

 

AntonisKLeur.jpg

Cultuurmanager Eric Antonis

PaulMichielsKleur.jpgZanger Paul Michiels

De redactie van het tijdschrift  Heibel, cc ’t Schaliken, de cultuurraad en het stadsbestuur van Herentals nodigen u en uw vrienden van harte uit op de uitreiking van de Nestorprijs 2014 op zaterdag 23 augustus om 15 uur in cc ’t Schaliken, Grote Markt 35, te Herentals (graag aanwezigheid bevestigen aan Frans Depeuter, tel. 014 / 26 63 39 ofdepeuter.frans@telenet.be)

*

Toen zij enkele jaren geleden geconfronteerd werden "met de zoveelste miskleun bij het toekennen van literaire prijzen in Vlaanderen, werden al die willekeur en vriendjespolitiek de redactie van het tijdschrift  Heibel te machtig”. Om toch voor enig tegenwicht te zorgen riepen Frans Depeuter en Robin Hannelore onder het motto 'oud maar niet out' een nieuwe prijs in leven: de Nestor.  De bedoeling is oudere Vlaamse cultuurdragers die zich consequent en stijlvol hebben ingezet,  de verdiende erkentelijkheid te betonen”.

*

Dit jaar zijn Eric Antonis (° 1941, intendant 'Antwerpen 93' en voormalig schepen van Cultuur) en Paul Michiels (° 1948, oprichter van Soulsister) aan de beurt.

De laudatio wordt uitgesproken door Cas Goossens, voormalig administrateur-generaal van de BRT. Paul Michiels brengt enkele nummers, Erik Goris brengt fragmenten uit Boudewijn, le roi triste van Frans Depeuter, die het slotwoord voor zijn rekening neemt.

Vorige laureaten: Miel Cools, De Elegasten, Gaston Durnez, Willy Ferdy, Cas Goossens, Louis Neefs, Frank-Ivo van Damme, Joke van den Brandt, Zjef Vanuytsel, Louis Verbeeck, Jan Veulemans en Herman Vos.

Zie, ook over de achtergronden van de prijs:

http://mededelingen.over-blog.com/article-nestors-2010-jef-van-uytsel-joke-van-den-brandt-frank-ivo-van-damme-55835983.html

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Actualité
commenter cet article
10 août 2014 7 10 /08 /août /2014 21:02

 

IMAG0331

Er zijn dichters en dichters. In alle bestaande maten en gewichten heb je dichters. Zowat 99% van de wereldbevolking schrijft weleens een gedicht. Is het niet na de eerste weken dat hij kan schrijven, is het in zijn puberteit, of bij een zoveelste verliefdheid, een mens die men wil bezitten bovenal. Zelfs al heeft men al twee dozijn mannen/vrouwen op de wachtlijst, naast hun vaste partner. Dan heb je nog de gedichten die geschreven worden uit ergernis. Een toestand waar de dichter geen vrede mee kan nemen. Ten slotte, ouder en wijzer of dommer geworden, bij grote vreugde of stil verdriet. Een vers van vier regels voor een rouwprentje of geboortekaartje, waarbij leentjebuur spelen eerder regel dan uitzondering is. Een paar woorden vervangen en hop, daar heb je weer een gedicht. Ook analfabeten schrijven een gedicht, in hun bewustzijn. De meeste vergeten ze. Bij een zeer klein aantal blijft het in hun hoofd plakken en vormt het de basis van hun gedrag, is het de ruggengraat van hun karakter.

 

Gedichten kondigen hun komst niet aan. Ze zijn er eerder dan je het weet, ziet, voelt, ruikt, smaakt. De meeste hebben ook geen enkele reden om te verschijnen. De redenen opgegeven in de hierboven staande alinea zijn de voor de hand liggende oorzaken. Een gedicht is een gevolg. Schrijft men het niet blijft men levenslang zitten met een verborgen schuldgevoel. Dat zich op de meest onverwachte momenten openbaart. Het levert een ziekte op aan hun meest kwestbaar geestelijk of lichamelijk deel, hun hart, lever, nieren, spieren, hersenbedrading, of een verslaving aan drank, tabak, speed, spoorwegtreinen, postzegels, kunstwerpen maken of verzamelen. Poëzie is de geheime basis van elk menselijk denken. De gist van de geest. De haat tegen kunst en het subsidiëren van dichtbundels en stichters is ingegeven door een frustratie. De onmacht het gedicht dat van het achterhoofd naar hun voorhoofd verhuisde op papier te zetten; uit te spreken, voor te dragen. Poëzie is de zaadcel van alle kunstuitingen.

 

De uitvinding van de gloeilamp, de musical, het fototoestel, de raket naar de maan, de soap, de vlucht van Lindbergh, de dans van Charlie Chaplin in het restaurant in Modern Times, de krant, een weekblad – wetenschappelijk of roddelblad, de wens naar een huisdier, de bouw van de piramides, de Eifeltoren, de auto, de trein, de afdaling in de diepste diepten van de zeeën, de beklimming van de Mount Everest, de Mont Blanc langs de moeilijkste zijde, de wil van een zonnekuur op een strand, een bergwandeling, een licht gekookt ei op zondagmorgen, de gevoelens voor de aanblik van een slapend kind kent zijn driften door de architectuur van de poëzie die in elk schepsel schuilt. Wat is het avontuur van de Titanic, het idee, het realiseren, de oversteek, de aanvaring, de ondergang en al wat er op volgt anders dan een variante van de vlucht van Daedalus en Icarus? Ook al ontstaan uit het poëtisch verlangen naar vrijheid, de drang de natuur te overtreffen. Wie dat ontkent verraadt zichzelf. Ze liggen in de knoop met hun geweten. Wie kritiek heeft op de poëzie en zijn gevolgen, de kunsten van kitsch tot masterpiece is het niet eens waard met een stootkaar te rijden. Hun denken is vergelijkbaar met een uitgerekte elastiek. Poëzie, kunst, cultuurmanifestaties nutteloos, het subsidiëren niet waard? Mijn zolen!

Zoals water en brood het basisvoedsel vormt van het lichaam is poëzie dat voor de geest. Zonder poëzie geen denkvermogen. Het geldt voor de slimmen zowel als voor de dommen. Hoe krijg je een vrouw/man in bed zonder een poëtische uitspraak? Geen kind wordt geboren zonder de oerknal van de poëzie. Dat geldt niet alleen voor de mens maar voor elk levend wezen. Een kat doet voor geen ander wat, en toch, op zijn eigenste koppige manier toont het zijn liefde. Maar ook zijn haat is poëzie. In de jeugdroman van Emile Zola, Thérèse Raquin, is niet de moord op de echtgenoot door zijn vrouw en haar minnaar de oorzaak van hun ondergang. Hij kan niet spreken maar de blik van de kat, onbeschrijfbaar, is de oorzaak van hun ondergang. Poëzie is het heelal.

IMAG0332.jpgIMAG0333.jpg

Mijn vrouw schrijft geen gedichten maar zij maakt er. Zij heeft onze poes gefotografeerd op de dakrand van een belendend huis, met als onderschrift: De avonturen van Louis in Egypte. Is dat niet poëzie van wereldniveau? Wie de poëzie niet bemint, vernedert, afdoet als waardeloos ziet groen. En dan bedoel ik groen, de kleur van een vis die te lang op het droge heeft gelegen.

Guido LAUWAERT

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article
9 août 2014 6 09 /08 /août /2014 20:18

 

Licentieverhandeling.JPG

De licentiaatsverhandeling

Emeritus prof. dr. Theo Venckeleer, romanist en mediëvist, is een specialist wat betreft de historische linguïstiek en de lexicologie van het Frans, waarin hij argumenten vindt voor de mentaliteitsgeschiedenis. Hij werd op 11 april 1936 in Berchem geboren maar conceptus intra muros Antverpienses is hij dus een rasechte Antwerpenaar. Aan het Stedelijk Onderwijs van Antwerpen volgde hij de lagere school; humaniora doorliep hij aan het Koninklijk Atheneum van Berchem. Van 1953 tot 1957 studeerde hij Romaanse filologie aan de R.U.G waar hij afstudeerde met de licentiaatsverhandeling over het bewuste ‘Le Manuscrit ( Vaudois) A.6.10 de la Bibliothèque de Trinity College à Dublin’. Venckeleer was dit boekje van 13 op 9 cm op het spoor gekomen in het kader van een oefening waar hij op een publicatie van Mario Esposito was gestoten. (1) Deze had het document aan de Waldenzen toegeschreven. Theo Venckeleer analyseerde het manuscript op basis van een microfilm die de bibliothecaris van het Trinity College hem had toegezonden. Zijn thesis werd in artikelvorm in 1960 in de Revue Belge de Philologie et d’Histoire  opgenomen. (2) Voor zijn artikel ontving hij felicitaties van Antoine Dondaine O.P. die in 1939 het Liber de duobus principiis, een van de zeldzame Kathaarse teksten, had ontdekt.

Tot 1965 gaf hij les aan het Atheneum van Lier en Antwerpen. In het kader van de verdere uitbouw van de Faculteit Wijsbegeerte en Letteren door de UFSIA werd hij als assistent van prof. Renson in 1965 door de rector, pater Dhanis S.J. Aangetrokken. Het artikel dat in 1960 in de Revue Belge de Philologie et d’Histoire verscheen, was de Jezuïeten niet ontgaan. In 1974 doctoreerde Venckeleer te Straatsburg op het proefschrift Rollant Li Proz, Contribution à l’histoire de quelque qualifications lauditives en français du moyen âge.

La-these-d-Etat.JPG

In 1975 wordt hij docent aan de UFSIA, in 1978 docent aan de UIA, hoogleraar in 1980 en vanaf 1985 gewoon hoogleraar tot zijn emeritaat in 2001. Samen met professor Messelaar van de K.U.L verzorgde hij een complete herziening van het Wolters Woordenboek Nederlands-Frans / Frans Nederlands.'Pour la petite histoire'nog even verklappen dat hij door de vereniging Als Catars  (3)  in 2012 tot Ridder in de orde van Bélibaste werd geslagen (4).

Met een begeesterd iemand zoals prof. Venckeleer over het Katharisme een boom opzetten, is zoals de soep in een plat bord uitscheppen. Deze blijft overlopen. Een koel glas Picpoul de Pinet  heeft ons gesprek gedurende drie uur begeleid. Heel vernieuwend voor mij is zijn visie dat ons denken té Cartesiaansis. Wij hebben nood aan organigrammen, aan kapstokken om alle gegevens die op ons toestromen op te hangen. Wij lijden aan etiketteringsdrang. Vandaar ook dat uit deze nood mijn vraag is onstaan i.v.m. de vele citaten uit het Oude Testament in de glosa. Niets is eenduidig en misschien is deze glosa van een andere oorsprong dan uit de Midi. De bron kan mogelijk afkomstig zijn van de kerk van Concorezzo in Lombardije waar de gelovigen Paterini  werden genoemd. Er waren dus ook Katharen en dan vooral dezen uit de absoluut dualistische hoek, die het O.T. wel kenden maar deze heel selectief gebruikten. Zo verwierpen zij de historische boeken van het O.T. maar behielden wel de Psalmen. Bij dezen neem ik me voor dat ik ooit alle citaten uit het bewuste manuscript op een rijtje zet. (U ziet, Descartes blijft me achtervolgen…) We zien ook dat zij in een latere fase tijdens de vervolgingen in hun verdediging de syllogismen van de Dominicanen aan wie de Inquisitie was toevertrouwd, overnemen.

Clio, mijn liefhebbende muze van de geschiedenis vertelt soms een verhaal van recuperatie. In het onderzoek naar de Albingenzen worden gemakkelijkheidshalve alle ketters op een hoop gegooid. Zo worden steevast de eerste (gekende) brandstapels die vanaf het jaar 1022 worden aangestoken (Orléans, het Rijnland, Luik) bij het Katharisme betrokken. Ook daar had ik moeite mee. Over hun geloof is weinig bekend en wat mij betreft is de enige overeenkomst de Apostolische armoede van de eerste Christenen dat zij met de Katharen en ook Waldenzen deelden. Het ongenoegen over de decadente Roomse kerk, ondanks de Gregoriaanse hervormingen, kristalliseerde zich wellicht rond de lagere clerus.

Het dogmatische monster blijft tot op vandaag het verhaal van de mens cyclisch en cynisch inkleuren. Het blijft gonzen van vervolgingen van dissidenten, anders denkenden, van zij die afwijken, van diegenen die moeten vernietigd worden. Om de woorden van Theo Venckeleer te gebruiken: 'Ketters waren sociale wratten die uit de samenleving dienden weggesneden'.

'De ketterij is een zonde waardoor men verdient niet alleen van de kerk — door de banvloek — maar ook van de wereld te worden uitgesloten. Wanneer de ketter in zijn dwaling volhardt, is de Kerk genoodzaakt alle poging tot redding te staken en moet zij het heil der overige mensen indachtig zijn en hem door een banvonnis uit haar schoot verwijderen. Al het andere laat zij aan de wereldlijke rechter over, wiens taak het is hem door de dood van deze aarde te verbannen.'

Met deze woorden van Thomas van Aquino, “Doctor Angelicus” met het predicaat ‘Heilige’, sluit ik af.

Frank DE VOS

 

  1. M. Esposito, « Sur quelques Manuscrits de l’ancienne Littérature religieuse des Vaudois du Piémont », Revue d’Histoire Ecclésiastique, XLVI (1951).

  2. Revue Belge de Philologie et d’Histoire, t. 38, 1960, p. 815-834 en t. 39, 1961, p.759-793

  3. Deze vereniging is te ontsluiten op: http://www.katharen.be/

  4. Guillaume Bélibaste is de laatste gekende 'Parfait' die in 1321 op de brandstapel in Villerouge-Termenès levend werd verbrand.

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans histoire
commenter cet article
8 août 2014 5 08 /08 /août /2014 22:20

 

T.Venckeleer.JPG

Em. prof. dr.Teo Venckeleer

Mijn interesse voor de Kathaarse dissidentie in de Languedoc zal wel nooit slijten. Noem het gerust een chronische aandoening. Ook die zachte weemoed naar mijn vergane Leuvense studentenjaren, doordrenkt van het verleden, blijft mijn ziel zalven. Als ik de gelegenheid heb om iemand nog eens met ‘Professor’ aan te spreken, kan ik het niet laten om nadien O Jerum, jerum, jerum. O quae mutatio rerum te neuriën. Dit was het geval na mijn telefoontje met emeritus prof. dr. Theo Venckeleer die ik contacteerde i.v.m. met zijn publicatie van een Kathaars manuscript in 1960.

Onlangs neusde ik nogmaals in Le vrai visage du Catharisme van Anne Brenon (1). In haar bibliografie omschrijft zij dit bewuste manuscript (foutief zoals zal blijken) als Le Rituel Occitan de Dublin.

*

In mijn enthousiasme over de Languedoc, mijn prille ontdekking van de kruistochten tegen de Albigenzen in dit beloofde land (2), en met de nodige jeugdige overmoed gaf ik over dit onderwerp begin de jaren negentig de eerste maal een summiere causerie voor een gezelschap van de Faculteit voor Vergelijkende Godsdienstwetenschappen (FVG) te Wilrijk. In dit kader ontving ik het artikel van Theo Venckeleer 'Un receuil cathare: le manuscrit A.6.10 de Dublin' dat in 1960 in de Revue belge de Philologie et d’Histoire verscheen (3). Het betreft een manuscript dat in het Trinity College te Dublin wordt bewaard en tot voor Venckeleers publicatie aan de Waldenzen werd toegeschreven. Na zijn onderzoek bleek het een Kathaars geschrift. Het kan onmogelijk van Waldenzische oorsprong zijn wegens het feit dat dezen doopten met water in tegenstelling tot de Katharen die enkel het consolamentum of een spirituele doop toedienden. Ook omdat – typisch Kathaars – er sprake is van een panem nostrum supersubstantialem Daarom is dit manuscript een zeldzame en ook cruciale bron omdat het rechtstreeks van een Kathaarse hand afkomstig is. Tot voor zijn publicatie waren er maar drie bekend. (4) In La Religion des Cathares onderkent niemand minder dan Jean Duvernoy het belang van deze tekst: ‘Ces œuvres furent éditées par T. Venckeleer…ce recueil est de la plus haute importance, et n’a pas retenu jusqu’ici l’attention qu’il méritait’ (5)


Een rituaal dat geen rituaal is


Het manuscript bestaat uit drie delen. A is een apologie: 'Nos volem recontar alcun testemoni de las sanctas scrituras per donar entendre e conoiser la gleisa de Dio'.(6) B een glose, een verklaring bij het Pater noster en C handelt over de Heilige Kerk, de Gleisa de Dio. Er is geen terminus ante quem voor de datering van dit document beschikbaar. Venckeleer situeert A het in het eerste kwart van 13e eeuw, de periode waarin de kruistochten in volle hevigheid toeslaan. B kan nog later zijn geschreven, wanneer de systematische vervolging door de Inquisitie zich over het hele Zuid-Franse gebied blijvend zal uitstreken. Verklaart dit de de felle, verbeten toon van de auteur die de vervolgingen aanklaagt van die gleisa malignant romana, de kwaadaardige Romeinse kerk: 'Aquesta Gleisa sufre las persagacions e tribulacions e martiris per lo nom de Christ….Nota en cal maniera tota aquestas parolas de Christ son contrarias de a-la gleisa maligna romana' en 'Mas de contra aquestas cosas la gleisa malignant romana di e aferma que hom deo jurar, e di que Dio jure e l’angel’. (7)

Ritueel-van-Lyon.jpg

Dit staat in schril contrast met de zachte toon in het Occitaans Kathaars Rituaal (Lyon) dat hierdoor vroeger moet geschreven zijn, omdat de Katharen in de voorafgaande periode hun geloofzonder vijandigheid konden beleven. (8)

In tegenstelling tot A en C waar uitsluitend naar het Nieuwe Testament wordt verwezen, wordt in B overvloedig uit het Oude Testament geciteerd. En dat terwijl het Katharisme zich uitsluitend op het Nieuwe Testament beriep en het oude verwierp als zijnde van de Demiurg, de slechte God die men Satan noemt – Et Deum malitiam vocabunt Satanam. Dit was althans wat ik in de literatuur over dit onderwerp en zeker in de ritualen had gelezen. (Bij René Nelli, Jean Duvernoy of Michel Roquebert.). Verder is er niets over een rituaal of voorschriften te lezen. Met A en C, maar vooral met B wist ik dus geen blijf en na twee decennia werd het tijd voor een gesprek met prof.Venckeleer, die me blijgezind ontving.

Frank DE VOS

(slot morgen)

 

(1) Anne Brenonn, Le vrai visage du Catharisme,Éditions Loubatières, 343 p. ISBN 2-82266-106-0

(2) http://mededelingen.over-blog.com/article-katharen-van-ketters-naar-anders-denkenden-119825223.html

(3) Revue Belge de Philologie et d’Histoire, t.38, 1960, p.815-834en t.39, 1961, p.759-793

http://www.persee.fr/web/revues/home/prescript/article/rbph_0035-0818_1960_num_38_3_2328

http://www.persee.fr/web/revues/home/prescript/article/rbph_0035-0818_1961_num_39_3_2375#

(4) De rechtstreekse Kathaarse bronnen zijn nu: het Liber de duobus principiis toegeschreven aan Jean de Lugio, een anoniem traktaat waaruit in Liber contra Manicheos door Durand de Huesca wordt geciteerd, een Latijns ritueel, en het Nieuw Testament in het Provençaals gevolgd door een Kathaars ritueel van Lyon dat lange tijd eveneens aan de Waldenzen werd toegeschreven.

(5) Jean Duvernoy, La Religion des Cathares, Bibliothèque historique Privat p.405 ISBN 2-7089-2325-0

(6) ‘Wij willen een getuigenis afleggen over de heilige schriften om de kerk van god te begrijpen en te kennen’

(7) ’Deze kerk lijdt onder de vervolgingen en de beproevingen en het martelaarschap in de naam van Christus…Noteer op welke wijze al die woorden van Christus in tegenstelling zijn aan de vervloekte kerk van Rome’ en ‘Te meer daar tegenover deze zaken de vervloekte kerk van Rome zegt en stelt dat men moet zweren, en dat God heeft gezworen en de engel’

(8) Odon de Saint-Blanquat over Rituel cathare. Introduction, texte critique, traduction et notes,Christine THOUZELLIER. Paris, Éditions du Cerf, 1977. In-8°, 344 pages. (Sources chrétiennes, 236. )in deRevue Belge de Philologie et d’Histoire, t 137, 1979, p. 166-168 http://www.persee.fr/web/revues/home/prescript/article/bec_0373-6237_1979_num_137_1_450158_t1_0166_0000_2

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans histoire
commenter cet article

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche