Overblog Suivre ce blog
Administration Créer mon blog
26 octobre 2014 7 26 /10 /octobre /2014 22:55

 

HFJ-Meisje-Kat-2014-foto-s---16.jpg

CDR-Mededelingen-hoofdredacteur aan de slag (foto: Jan Scheirs)

Ook tegenover mijn collega's juryleden van De Diamanten Kogel 2014 moet ik als voorzitter de vereiste discretie in acht houden. We zitten immers in de laatste, moeilijke, beslissende fase van de jurering. Geen sinecure, voorwaar... Ondertussen heb ik na veel aarzeling mijn oordeel gevormd. Deel ik alleszins niet mee. Ik heb heel veel respect voor de voorbeeldige inzet van mijn collega's. Mij taak bestaat er gewoon in de vergaderingen in goede banen te leiden. Dit gezegd zijnde, in tegenstelling tot andere juryvoorzitters van prestigieuze prijzen (ik zal geen namen noemen) lees ik ook de boeken die in aanmerking komen. Net als alle collega's maak ik dan wel ter zitting mijn mening bekend en stem ik gewoon mee. Twaalf jaar lang werkt dat al voortreffelijk. En zo zal het verder blijven, hoop ik.

Dit even terzijde (en vooral ter verduidelijking).

*

Vorm & Visie. Geschiedenis van de cncrete en visuele poëzie in Nederland en Vlaanderen, de lang verwachte studie van de erudiete Renaat Ramon heb ik nog niet in huis. http://mededelingen.over-blog.com/article-renaat-ramon-de-ring-van-mobius-124673722.html

Van de visuele dichter Luc Fierens wordt bovendien en nieuwe bundel aangekondigd: Re-PoesiaVisiva. Woensdag 29 oktober om 16 uur geeft hij een gastcollege aan de Vrije Universiteit Brussel. http://www.vub.ac.be/TALK/?q=node/417

*

Met veel genot las ik This is Belgian Chocolate. Manifestations of Poetry (New York, Three RoomsPress, 2014, 138 p.)  van Philip Meersman. De avant-garde- poëzie is een van mijn studie-objecten, maar die niet te meteen klasseren bundel was zonder meer een revelatie, in alle opzichten oorspronkelijk, uitdagend en vooral verkwikkend.

*

Bij Vantilt in Nijmegen verscheen Dan Dada doe uw werk! Avant-gardistische poëzie uit de Lage Landen, een representatieve bloemlezing (1913-1932) samengesteld door Hubert van den Berg & Geert Buelens, waarin niet alleen klassiekers als Bonset, Brunclair, Burssens, Marsman en Van Ostaijen maar ook dii minores hun plaats krijgen. Voor de eerste keer krijgt ook Vergeten te worden (1930), de surrealistische bundel van Marc. Eemans, volle aandacht.

*

Qua proza heb je dan twee mijns inziens beslist te lezen boeken: Op eenzame hoogte van Luc Boudens en Souvenirs van Lucienne Stassaert. Beide schrijvers breken briljant met hun vorig werk. En dan heb je nog de dichtbundels van Roger de Neef (Som van tijd) en Frank De Vos (Twijfelaars in bloei), het debuut van Joris Gerits (Fuga) als dichter, en de bundeling van de vroege poëzie van Marcel van Maele (Vuurtaal spuwen).

En dan heb ik het nog niet over een aantal merkwaardige biografieën... Of over de commotie veroorzaakt door het boek van Stan Lauryssens over Julien Schoenaerts. In de volgende, 239ste aflevering van het tijdschrift Mededelingen van het CDR (31 oktober), wordt een verhelderend dossier gepubliceerd over die navrante saga. Met het proces tegen het boek van Lauryssens werd de doos van Pandora geopend.

*

Dat alles wordt hier alleszins nog gesignaleerd en bovendien,uitsluitend  ten behoeve van de abonnees, uitvoeriger besproken in het tijdschrift Mededelingen van het CDR. Proefnummers via hfj@skynet.be

Henri-Floris JESPERS

 

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article
26 octobre 2014 7 26 /10 /octobre /2014 13:18

 

Vermisten.jpg

Van l. naar r.: auteur Bert Popelier, regisseur Ivan Pecnik, muzikant Jan van den Broeck en acteur Karel Vingerhoets

De Eerste Wereldoorlog is nog lang niet voorbij. Zeker tot 11 november 2018 zitten we ermee opgescheept. Iedereen die meent een gat in het oordeel er over te zien, wil zijn mening kwijt. De zoveelste in de rij, langer dan de Chinese Muur, is Bert Popelier, dichter, criticus en verteller.

Enig recht van spreken heeft Popelier. Hij is afkomstig uit Passendale, zoon van een patattenboer. Als kind liep hij achter het peerd en de ploeg van zijn vader aan en verzamelde obussen, kogelhulzen, helmen, botten, gamellen en onderkaken met een gaaf gebit. Die oorlog zit in zijn handen en hoofd. Als hij er niet over kan praten bij pint en asbak, moet hij het uitschrijven. Dat heeft hij gedaan met De muur der vermisten, een documentair verslag, gevoelig en gelaagd.

Monoloog
Een toneelschrijver is Popelier niet en hij pretendeert dat ook niet te zijn. Eerst kwam het boek en toen het klaar was, kwam de gedachte aan een voorstelling. Meer dan een vertelling zat er niet in, en dat is een goede beslissing geweest. De acteur Karel Vingerhoets, die al eerder met Popelier heeft samengewerkt, zag een monoloog wel zitten en haalde er een regisseur bij, Ivan Pecnik. Hij schoof met deelteksten, gooide randnieuws eruit, tot hij een tekst in handen had met een theatrale lijn. Muzikale ondersteuning komt van Jan van den Broeck. Hij slaat op de landsknechttrommel, blaast op de blokfluit en de klarinet.

Onderwijzer
Vertrekpunt van het verhaal en de monoloog is een onderwijzer. Hij staat voor de klas. Hij heeft moeite met de geschiedenisles. Vooral als hij gekomen is aan van wat ter nadere duiding De Grooten Oorlog heet. Maar ook aan de Muur van de Vermisten van Passendale, met, net als in de Menenpoort, de namen van de gesneuvelden die nooit werden weergevonden.
Door de Les en de Muur vormt zich een verhaal waarin overlevering en reflectie elkaar voeden. De taal van de auteur is treffend, de stem van de acteur meeslepend, de muziek sober, bewust op het kale af. Het concept van de regisseur logisch, al had het wat gevulder gemogen. Het zwakke punt van de voorstelling. De acteur heeft een zee van ruimte, maar blijft binnen de vierkante meter die de regisseur hem opgelegd heeft. En veel aandacht heeft hij niet aan de klankvariaties van de acteur gedaan. Gedacht: de man weet het wel; hij is beroeps.

Inleving
Achteraan in het boek staan tien abstracte tekeningen van Marijke Tanghe. Als ze op een achterdoek waren geprojecteerd, was de inleving heel wat scherper geweest. Moeilijk moet dat niet zijn, het kleinste zaaltje heeft een achterdoek. De tekeningen refereren naar zowel het opspattend slijk bij het inslaan van obussen, de regen, de lijken en kadavers van wat ooit mensen en paarden waren, en het zwart en grijs en flitsen van heldere vlekken bij officieren die behandeld werden tegen shellshock. Soldaten kregen een paar dagen rust en werden dan met een uitbrander weer naar het front gestuurd.

Prachtnovelle
Pat Barker heeft een pracht van een trilogie over deze geestelijke ziekte geschreven, Weg der geesten. Samen met Van het Westelijk front geen nieuws van Erich Maria Remarque zitten beide boeken in de loopgraven van De Muur der Vermisten. De novelle van Bert Popelier is zowat het beste van wat hij ooit geschreven heeft. Uitzonderlijk zoekt hij een wat al te zoete zin. Poëtisch, juist, maar hij misstaat in proza, de schrijfvorm die het heeft van rauwheid, drift en razernij.

Langere speellijst gewenst
Maar genoeg de onderwijzer gespeeld. Mits een paar aanpassingen verdient deze voorstelling een langere speellijst dan de tien die nu op de affiche staan. En een rits schoolvoorstellingen met jongeren gezeten, leunend, half doorgezakt op zandzakjes in een driekwartcirkel rond de soldaat. De muzikant dolend achter het publiek. Nu eens dichtbij, dan weer in een gang van het gebouw.

Guido LAUWAERT

 

DE MUUR VAN DE VERMISTEN – info: www.ivanpecnik.be

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen
commenter cet article
25 octobre 2014 6 25 /10 /octobre /2014 20:52

 

Frank-Pollet--foto-Bert-Bevers-.JPG

Frank Pollet (foto: Bert Bevers)

De keuze voor slechts twee platen was ondoenlijk. Daar kon ik als melomaan niet mee leven. Aangezien ik geen films meeneem naar zo’n eiland mogen er toch nog twee klassieke platen bij, denk ik.

Uit de ‘moderne muziek’ kies ik Løsrivelse van Kari Bremnes, een plaat die me in de muziek van deze Noorse diva had ingewijd, een plaat vol al dan niet ingehouden emotie, vol referenties aan schilderijen van Edvard Munch; een plaat met louter ijzersterke composities in zeer uiteenlopende genres; een plaat die me ook de weg wees naar de intrigerende wereld van Ketil Bjornstad; een plaat die met een bijkans griezelige audiofiele perfectie was opgenomen. Hors catégorie op alle vlakken.

Daarnaast Gaucho van Steely Dan. Ik ben na zoveel jaren nog steeds diep onder de indruk van de avontuurlijke, jazzrockcomposities met soms heel onvoorspelbare akkoordenwisselingen die de heren Walter Becker en Donald Fagen uit hun mouw schudden. Orenschijnlijk klinkt Steely Dan afgelikt, maar wie beter luistert ontdekt een rijkdom aan dwarse structuren, straffe harmonieën, en weerhaakjes allerhande, waardoor deze muziek nooit gaat vervelen. Nummers als Babylon Sisters, Hey Ninetine en Gaucho bezorgen mij, zelfs 34 jaar na de release van deze plaat, bij elke herbeluistering kippenvel. Een van de grote plussen om Steely Dan-platen mee te nemen naar een eiland, zijn de cryptische teksten. Eén zo’n tekst levert stof op voor tientallen interpretaties. Sommigen fans beweren zelfs dat de lyrics geheime boodschappen bevatten. Dat wordt natuurlijk in de hand gewerkt doordat Becker en Fagen er het stilzwijgen toe doen als het op hun teksten aankomt. Op www.steelydandictionary.comvind je zelfs een heus woordenboek met ‘wetenschappelijke’ verklaringen voor de Steely Dan-cryptiek.

 

In de categorie ‘Klassieke muziek’ bestaat er geen enkele twijfel over: Symfonie Nr. 3, ‘symfonią pieśni żałobnych’ (‘Symfonie van treurliederen’) van de Poolse componist Henryk Mikołaj Górecki (1933-2010). Deze muziek is uitzonderlijk traag, repetitief en donker. In de instrumentale duisternis wellen liederen op die door merg en been snijden. Oké, de tekst lijkt op het eerste gezicht melodramatisch zonder meer: Niet huilen, moeder. Koningin van de Hemel, reinste Maagd, bescherm mij altijd. Maar wanneer je weet dat de 18-jarige Helena Wanda Blazusiakówna tijdens WOII die woorden in de muur van haar cel in een hoofdkwartier van de Gestapo, het Palace Hotel in Zakopane, kraste, krijgen ze, in combinatie met de dreigende muziek, een intensiteit die zijn weerga niet kent.

Ook gaan mee Bachs Suites for Cello Solo, op onnavolgbare wijs gespeeld door Janos Starker.

Wat beeldende kunst betreft ben ik zeer gehecht aan twee schilderijen die ik thuis heb. Een klein van Marino Pollet,

Frank-Pollet---Schilderij-Marino-Pollet.jpg

en een groot (om de verhouding een idee te geven ben ik er naast gaan zitten) van Piet Brak.

Frank-Pollet---Schilderij-Piet-Brak.jpg

Die mogen ook mee naar ‘mijn’ onbewoond eiland.

 

Frank Pollet, Puyvelde

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen
commenter cet article
25 octobre 2014 6 25 /10 /octobre /2014 16:10

 

Peter-Benoit.png

Op vrijdag 31 oktober vindt in de Sint-Joriskerk aan het Mechelseplein te Antwerpen een concert plaats met muziek van François-Joseph Fétis en diens leerling Peter Benoit. In een eerste deel wordt de Plechtige Optocht, de ouverture tot het Drama Christi, van Peter Benoit (1834-1901) gebracht. Deze compositie werd door hem geschreven in 1871 ter gelegenheid van de inwijding van de reeks muurschilderingen van Guffens en Swerts in de Sint-Joriskerk.

Francois-Joseph-Fetis.pngIn een tweede deel wordt de Messe de Requiem van Joseph-François Fétis (1784-1871) uitgevoerd. Dit monumentale stuk werd op 24 oktober 1850 gecreëerd op een rouwplechtigheid voor koningin Louise-Marie d'Orléans, de echtgenote van Leopold I. Louise-Marie was op 9 augustus 1832 gehuwd met de eerste Belgische koning, de 22 jaar oudere Leopold I, maar ze zou op 11 oktober 1850 in Oostende overlijden aan de gevolgen van tuberculose. Ze was toen pas 38 jaar oud. Louise-Marie werd op 17 oktober begraven in de Onze-Lieve-Vrouwekapel in Laken en toen werd een eerste - onvoltooide - versie van dit stuk gebracht. Nog een week later, op 24 oktober, was er dan in de Sint-Goedelekathedraal in Brussel een officiële service funèbre en het is bij die gelegenheid dat de dodenmis van Fétis voor het eerst uitgevoerd werd in zijn definitieve en huidig gekende versie.

Het concert in de Sint-Joriskerk wordt uitgevoerd door het Metropolis Symfonie Orkest; het Metropolis Koor; het Arenbergkoor Leuven; de sopraan Anne Cambier; de alt Inez Carsauw; de tenor Mauricio Villanueva Espinosa; de bariton Joris Stroobants en de orgelist Erwin Van Bogaert. De dirigent is Jaak Gregoor. Het concert begint om 20.00 uur.

Toegangskaarten aan de prijs van €15 kunnen telefonisch in voorverkoop besteld worden bij Johan Vercoutere op het nummer 0497 21 48 31.

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Musique
commenter cet article
24 octobre 2014 5 24 /10 /octobre /2014 19:43

 

Neeland.jpg

Nic Balthazar heeft een tweede verhaal geschreven, dat als boek is uitgegeven en waar hij een toneelstuk van heeft gemaakt. Was Ben X een ingrijpend verhaal over een jongen met het syndroom van Asperger, die zelfmoord pleegt wegens de extra belasting dat hij op school gepest wordt, is Neeland een simpel verhaal, om het zacht uit te drukken. De bedoeling is goed, maar alleen daarmee kom je niet ver. Hoe ver?

Een jongeling, kort geleden aan de puberteit ontsnapt, belandt in België. Hij is een vluchteling uit een niet nader genoemd land, zonder naam. Althans, hij is gewoonweg ‘iemand’. Hij vertegenwoordigt alle jonge vluchtelingen, en dat is een duidelijke keuze, maar zowel de lezer als de toeschouwer heeft graag een naam. Een anoniem iemand verwerft nooit wezenlijk contact.
Het verhaal is gebaseerd op getuigenissen van Hanif, Aziz en vele anderen. De opdracht vooraan in het boek is de vertaling van een Albanees spreekwoord: Hij die lezen kan, heeft vier ogen. Verondersteld mag dus worden dat hij afkomstig is uit Albanië.

Bij Dikke Willy
Via tussenpersonen is onze Albanees – As you like it – met vrienden in België belandt. Engeland was beloofd, het land van de engelen, maar het werd België, het land van de frietjes. Want in een frietkot komt hij terecht, na heel wat omzwervingen. Het frietkot wordt uitgebaat door Dikke Willy, die hem zwaar laat werken voor weinig geld en bovendien in het zwart. Bij Dikke Willy leert hij Nederlands, voornamelijk monosyllaben en in een zinsbouw vol kreukels.

Tanja
Al werkend durft hij al eens de stad in te gaan. Zo leert hij een meisje kennen. Hé, toevallig ook een vluchtelinge. Ze is doof, maar of dat zo is dan zij het voorwendt, blijft in het midden. Naast die doofheid is zij stom, al kan ze wel wat rauwe klanken uitstoten. Zoals ‘Tanja Uvad’. Waardoor hij haar Tanja noemt, al begrijpt hij later dat zij daarmee gewoon ‘dank u’ bedoelt. Uit contact ontstaat interesse in elkaar en uit interesse tederheid en uit tederheid liefde en uit liefde een foetus. Kort nadat ze dit weten worden ze door de politie opgepakt en gescheiden. Hij komt terecht bij de sociale dienst. Om asiel te kunnen krijgen moet hij zijn wedervaren vertellen.

Verrast noch verbaast
De reis en zijn verblijf met Tanja in Frietland maakt het verhaal uit van het boek en de voorstelling. Veel verrassing zit er niet in. Wat wel overvloedig aanwezig is, is wat de simpelste onder de simpelen al weet: saaie voorspelbare wendingen belegd met belegen clichés. Nic Balthazar kan beter. Deze keer moet er iets fout gegaan zijn en heeft hij dat niet tijdig ingezien. Deze tekst en de regie, waarvoor hij ook tekende, leert de toeschouwer niets, verrast noch verbaast. Wat Albanese muziek tussendoor en lichtbeelden. Een tafel met een stoel. Wat vodden als zwerfvuil om de gaten in de leegheid te vullen.

Een blinde muur
Arme Soufiane Chilah. De jonge acteur speelt de vluchteling, de aangespoelde, de man van de hoop en een berg liefde. Toneelbeheersing heeft hij. Aandacht trekt hij. Maar hij is aan zijn lot overgelaten. Botst tegen een blinde muur. Waarvoor is er anders een regisseur dan om de uitstraling van de stem en de motoriek van het lichaam af te stellen? Zodat de voorstelling rond draait als de motor van een bolide.
Wat Chilah doet is beginnen in tranen en eindigen met tranen. Boven een harde blik die 55 minuten standhoudt. Was hij droog en ijskoud begonnen had hij kunnen eindigen in tranen en met rijke armoede op het aangezicht. Een pracht van een evolutie was het gevolg geweest.
Nooit eens banjert hij over het toneel, de verhoorruimte, en uit nergens blijkt tot wie hij spreekt. Geen enkele keer switch hij van extrovert naar introvert. Als toeschouwer voel je dat hij meer wil, maar braaf heeft geluisterd naar de regisseur. Zoals een vluchteling te bang is om het achterste van zijn tong te laten zien. Te voorzichtig is zijn waarheid helder te brengen. Zijn klaagzang in een Bergrede om te zetten.

Geen hemel maar kelder
Had hij dat maar gedaan. Dan zou een beklijvend gevoel zijn ontstaan, waaruit een voorstelling ontstaan zou zijn die in de hemel van het geheugen zal worden opgenomen, bij de engelen en de edelen van de toneelhemel. Waar ook Ben X woont. Neeland zal het echter nooit verder brengen dan de kelder.

Guido LAUWAERT

NEELAND – tekst en regie Nic Balthazar – www.huubcolla.be – boekuitgave: www.lannoo.be

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Théâtre
commenter cet article
24 octobre 2014 5 24 /10 /octobre /2014 03:34

 

HFJ-KUNSTCOLLECTIE-PRIV---BOUDENS---5.jpg

Luc Boudens

HFJ-KUNSTCOLLECTIE-PRIV---MILLECAM---1.jpg

Miezan Millecam

Neen, ik ben geen verzamelaar, heb dus geen “collectie”. Van kunstenaars met wie ik in de loop van de voorbije halve eeuw bevriend werd, koester ik wel ingelijste (of in mappen bewaarde werken (de moneten ontbreken immers om alles te laten inlijsten...) – sculpturen, objecten, assemblages, schilderijen, gouaches, (pen)tekeningen, gravures, collages enz. – o.a. van Georges Adé, Luc Boudens, Patrick Conrad, Jo Delahaut, Marc. Eemans, Renaat Ramon, Jan Scheirs, Lucienne Stassaert, Albert Szukalski, Guy Vandenbranden, Frank Ivo van Damme, Dan van Severen, Jan Verhaert en Jef Verheyen. Aan elk werk kleeft een levendige herinnering.

*

Vorig jaar, een treffende pentekening van Miezan Millecam gekregen. En nu het zoveelste werk, een royaal doek van mijn vroegere huisgenoot Luc Boudens.

Waar heb ik het aan verdiend?

Henri-Floris JESPERS

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans arts plastiques
commenter cet article
23 octobre 2014 4 23 /10 /octobre /2014 23:37

 

foto-badkuip-installatie-Fabre.JPG

Jan Fabre: installatie (foto: Bert Bevers)

Vervreemding en onthechting zijn stevig verbonden met onze hedendaagse ‘participatie’ maatschappij.

At The Gallery in Antwerpen is sinds 4 oktober de ultieme kijkdoos voor Jan Fabres vervreemdende sculpturen in hoogglans.

Een ongemakkelijk gevoel besluipt je als je de verbeeldingen van Fabres zielenpijn in gepolijst brons en zilver en in bestudeerd gelid ziet opgesteld.

De kunstenaar is in letterlijke zin overal aanwezig. In bad, als lichaamsdeel en in taal op de muur (al dan niet in de vorm van tegeltjeswijsheid).

Indrukwekkend is de reeks identieke glanzende badkuipen met de metalen Fabre mistroostig badderend in een ervan. Een theatrale setting die de vervreemding opjaagt tot een beklemmend niveau.

Zo is de wandeling door deze smetteloze galerieruimte een knagende ervaring. Wat getoond wordt aan menselijkheden is gepoetst en voorzien van dezelfde egale schittering. Gevoel, twijfel en somberheid zijn gefossiliseerd in metaal. Verpakt voor de eeuwigheid.

In de serie identieke bronzen badkuipen gaat het in feite niet om de objecten, maar om hun leegte. Alleen water en alleen in de op een na laatste kuip een gestalte. Een mens die perfect is vormgegeven, maar die toch niets menselijks heeft. Het wezen van de leegte, zo glanzend dat het pijn doet.

The spiritual sceptic’ noemt Fabre zijn expositie. Een contradictie, of misschien wel een paradox, die naadloos aansluit bij de gevoelens die het ‘voorgestelde’ oproept.

Met zijn cerebrale creaties dringt Jan Fabre de kijker toch maar mooi een ingeving op: achter glans gaat vaak een innerlijke ontregelende dofheid schuil. Dat inzicht kan zo op een tegeltje.

Erick KILA

 

Jan Fabre – The spiritual sceptic

At The Gallery, Leopoldstraat 57, Antwerpen. Tot 4 januari 2015.

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans arts plastiques
commenter cet article
22 octobre 2014 3 22 /10 /octobre /2014 23:05

 

TNT-magazine.JPG

Het TNT magazine is een Nederlandstalig tijdschrift(je) dat op mooi glanspapier wordt gedrukt. Het verschijnt maandelijks in Tenerife. Het is al aan zijn zestiende jaargang toe en door Oranje en Vlaamse overwinteraars wordt het gretig gelezen. Naast de overvolle pagina’s met reclame en advertenties, goed voor 80% heb je ook de Mopjes van de Fa ( op zijn Harley-Davidson gezeten), bijdragen van de Belgische consul in Santa Cruz en allerlei weetjes over de cultuur en de folklore op dit eiland. Tussen twee bedrijven of beter twee boeken door las ik er wat wissewatjes maar ook over de meerdere betekenissen van het woord ‘flamenco’.

Natuurlijk kent iedereen de ‘flamenco’ als die uitdagende en stoere Spaanse dans begeleid met gitaar en handgeklap. Natuurlijk weet iedereen dat ‘flamenco’ Vlaming betekent. In Centraal Amerika heeft het ook de betekenis van 'slank'. Het woord als aanduiding van de bewoners van de Lage Landen begon zijn opmars in de zestiende eeuw toen men hier op 26 juli 1581 met het Plakaat van Verlatinghe de Spaanse koning Filips II van zijn troon stootte. Het was een onafhankelijkheidsverklaring die twee eeuwen later de Declaration of Independence (4 juli 1776) van de Verenigde Staten inspireerde. Flamenco stond sindsdien gelijk met ‘rebels’ en evolueerde tegen het einde van de achttiendeeeuw naar 'herrieschopper'. 'Se ponerse flamenco' betekent nu 'zich brutaal en hautain opstellen', zoals een Benidorm Bastard op leeftijd met rollator. En een vrouw die 'se pone flamenca', weet wat ze wil. Ze is uitdagend en de haar toegemeten rondingen zitten op de juiste plaats.

Dus als je tegen een Spanjaard iets te nadrukkelijk: ‘Soy flamenco' zegt, is het mogelijk dat hij zijn wenkbrauwen fronst en je wat meewarig aankijkt.

Frank DE VOS

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen
commenter cet article
21 octobre 2014 2 21 /10 /octobre /2014 18:34

 

Bijdrage.JPG

Het moet in 1980 geweest zijn dat een kennis me vertelde dat hij een nieuwe televisie had gekocht. Fijn voor hem. “Mét teletekst!” zei hij trots. “Met wát?” reageerde ik, want ik had daar nog nooit van gehoord. Sedertdien is het jarenlang een trouwe bron van informatie gebleken. Ik wist van de Duitse, Italiaanse, Engelse en Nederlandstalige zenders al rap de juiste codes voor nieuws en sport. Naar CeeFax kun je al een poos niet kijken (This service is no longer available for viewers outside the UK). Nu begint ook hier door te dringen dat teletekst een recente uitvinding is die al weer, net als de faxmachine, achterhaald is en maar beter ten grave kan worden gedragen. Door de opkomst van het internet heeft het medium zijn functie immers vrijwel volledig verloren. VTM heeft nu besloten er helemaal mee te kappen. De teletekstpagina’s van de commerciële zender zijn nog beschikbaar tot 1 november. Dan gaat de stekker eruit. Alleen de ondertitelingsfunctie blijft. Vermoedelijk zal ook de rest wel volgen. Teletekst werd in onze contreien geïntroduceerd door de openbare omroep (destijds BRT, toen nog de enige televisiezender in Vlaanderen). Jongeren die met het internet opgroeiden hebben er waarschijnlijk zelfs nooit gebruik van gemaakt. Teletekst? Zó twintigste-eeuws….

Bert BEVERS

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen
commenter cet article
21 octobre 2014 2 21 /10 /octobre /2014 05:55

 

HFJ-Meisje-Kat-2014-foto-s---12.jpg

Hoofdredacteur in goed gezelschap aan de slag... (foto: Jan Scheirs)

Tja, het wordt (tot nader bericht toch) een never ending story... Nog eens een stevige aflevering (17.266 woorden...)

*.

Schoenaerts  gaat over de tong. De eerste druk van het 287 pagina's tellende boek, voorgesteld op 25 september, was na drie winkeldagen uitverkocht. (Mededelingen  nr. 237, 30 september, p. 1 en 12.) De voorbije dagen kwam het boek nog sterker in de publiciteit: acteur Matthias Schoenaerts en zijn moeder Dominique Wiche hebben immers een kort geding aangespannen tegen auteur Stan Lauryssens en uitgeverij Manteau. De zaak wordt donderdag behandeld. Grondig dossier en commentaar in de volgende aflevering...

*

Ward Ruyslinck overleed op 3 oktober. Hij wordt herdacht door Guy van Hoof en kritisch benaderd door Frans Depeuter. For old times' sake wordt ook het exclusieve interview van Ruyslinck opgenomen dat ik in de zomer van 1973 in De Vlaamse Elsevier  publiceerde. Ruyslinck voelde zich destijds bedreigd en gaf mij de primeur. Gelet op de aard van het onderwerp (maar ook uit nieuwsgierigheid om de gevierde auteur in levende lijven te ontmoeten) was ook hoofdredacteur Henri Schoup bij het gesprek present. Toch nog even dit: het gesprek werd gepubliceerd in de rubriek 'cultuur' – à bon entendeur, salut !

*

In de Mededelingen  leest u veel van wat in de dominante media niet aan bod komt. Documenteren en reëvalueren, daar gaat het ons om. We zijn en blijven onafhankelijk. Uiteraard komen we in aanmerking voor subsidie, maar principieel vragen we die niet aan. We zijn en blijven louter afhankelijk van uw spontane steun.

*

Abonneren op de blog www.mededelingen.over-blog.com is kosteloos.

Van het tijdschrift (twee afleveringen per maand) bestaat zowel een pdf- als een papieren editie. Een proefexemplaar van de pdf-editie kan aangevraagd worden via hfj@skynet.be

Henri-Floris JESPERS

Hoofdredacteur

 

Hier dan de inhoudstafel van de jongste aflevering.

Necrologisch

Ward Ruyslinck

Column

Guido LAUWAERT, De goedkoopste oplossing: robots!

Erfgoed

Guido LAUWAERT, Aarde is aarde: AMSAB

Kritisch

Ingrid VANDER VEKEN, Lucienne Stassaert: 'Als ezeltjes in een draaimolen'...

Hendrik CARETTE, Rob Goswin: 'Niet elke steenkapper is een vrijmetselaar'

Frank DE VOS, De beschadigde kinderen van Noëlla Elpers

Luc PAY, Yannick Dangre: De troost van verdriet

Lucienne STASSAERT, Philippe Cailliau: Niets verloren

De Onbewoond Eilandkeuze van...

Frank Pollet

Theater

Guido LAUWAERT, 'The Fountainhead': een kunstwerk dat eeuwige roem verdient;

'Een bruid in de morgen'

Fotografie

Guido LAUWAERT, Michiel Hendryckx

Door de leesbril bekeken

(Frans Depeuter, Henri-Floris Jespers en Joke van den Brandt)

Lichtaart, centrum van kunst en cultuur in de roerige jaren zestig; Museum Plantin-Moretus: 'Antwerpse Bibliofielen'; René Broens, een nieuwe visie op 'Van den vos Reynaerde'; Twijfelaars in bloei, nieuwe dichtbundel van Frank De Vos; Weirdo's: Frank Moyaert, 'een geval apart of een pain in the ass?'; Boelvaar Poef,

het tijdschrift van het L.P. Boon Genootschap, houdt op te bestaan;

Souvenirs van Lucienne Stassaert in De Zwarte Panter;

Achteruitkijkspiegel

Henri-Floris JESPERS, Ward Ruyslinck: Een thriller in de Kempen...

Frans DEPEUTER, Omtrent Raymond Ruyslinck en Ward De Belser

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche