Overblog Suivre ce blog
Administration Créer mon blog
14 décembre 2012 5 14 /12 /décembre /2012 16:25

  Ofschoon de première van Mozarts laatste opera lauw ontvangen werd, steeg het succes met elke opvoering. Het is dé najaarsopera. Het libretto is een sprookje voor jong en oud, de muziek luchtig. Had indertijd auteursrecht bestaan, dan zou Mozart lekker rijk zijn geweest. Maar het heeft niet zo mogen zijn. De man die de winsten opstreek was de tekstschrijver en theaterdirecteur Emanuel Schikaneder, tevens vriend. Mozart verdween datzelfde jaar in een massagraf. Zelfs zijn vrouw was niet aanwezig, zij lag ziek te bed. De enkele vrienden die de eenvoudige stoet zouden vormen keerden halverwege terug. Het regende te hard.

 

Die Toverfluit  dateert van 1791, Mozarts sterfjaar. Het is zulk een meesterlijk gecomponeerd stuk dat de ouderdom er geen vat op heeft. De opera is niet tijdsgebonden, het ene feit volgt naadloos op het andere, en in grote of kleine bezetting, in een paleis of in een kribbe, iedereen krijgt zijn zin, en, niet onbelangrijk, er is een happy end. Kortom, de vreugde heerst alom. Op het podium, in de orkestbak en in de zaal.

 

Het succes ligt hem niet alleen in de speelse compositie, die het ideale levensbeeld van Mozart belichaamt, maar bovendien in de voor iedereen herkenbare karakters van de personages en de universele boodschap van het verhaal. Dat hebben de operaliefhebbers te danken aan het feit dat Mozart enkel interesse had in de muziek. Zware maatschappelijke boodschappen en diepgaande sociale analyses moeten van hem niet verwacht worden. Een opera was spektakel, amusement. En Mozart was een geboren optimist, balancerend op het naïeve. De bewijzen daarvan zitten in zijn werk, met als hoogtepunt Die Toverfluit.

 

Het hoofdpersonage Tamino zoekt zichzelf en ontmoet de Koningin van de Nacht, van wie hij een toverfluit krijgt. Met die toverfluit kan hij alle gevaren trotseren van de onderwereld van Sarastro, waar Tamino allerlei beproevingen, symbool voor puberteitskuren, ondergaat. Maar hij slaagt in zijn examen, is volwassen en dus klaar om rond alle hindernissen te slalommen. Tamino en Pamina vinden elkaar voor het leven, de schelm Papageno kan zoeken naar een vrouw die bij hem past, de Koningin van de Nacht naar haar geroofde dochter en Sarastro verzoent zich met Pamina. Afijn, alle harten slaan hetzelfde deuntje.

 

De muzikale uitvoering door het symfonische orkest van de opera is in de goede handen van Tomáš Netopil. De dirigent neemt het orkest mee op een zwierige tocht, en het koor heeft er ook zin in. Loepzuiver. Groot is de zang en het spel van de vrouwen en Papageno, helaas klein dat van Tamino. Rainer Trost zingt gevoelloos en als acteur betekent hij niet veel. Houterig spel. Nee, wat de personages betreft is het grootste applaus voor Olga Pudova als Koningin van de Nacht, Robin Johannsen als Pamina, Mirella Hagen in de rol van Papagena en de drie dames Hanne Roos, Tinneke Van Ingelgem en Marija Jokovic. En niet te vergeten de drie zingende cavia’s. Eervolle vermelding ook voor Ante Jerkunica als Sarastro.

 

Zoals gezegd is De Toverfluit  het ideale eindejaarsspektakel. Tegelijk met de Vlaamse versie loopt er in het Muziektheater Amsterdam een andere. Regisseur Simon McBurney koos in het grootste dorp ter wereld voor een primitief maar verassend, haast kinderlijk concept dat op een georchestreerde happening lijkt. Die van David Hermann ligt wat zwaarder op de hand. Dat is voorzichtig uitgedrukt. Laten we die overboord gooien en het getoonde bij naam noemen. De enscenering is een avonturenfilm avant la lettre, gemaakt in een achterzaaltje van een afgedankte studio van Hollywood. Regisseur Hermann zocht het ver, verzon allerlei grappen, de ene al flauwer dan de andere. Bovendien verbeeldde het decor nu eens een Afrikaanse wildernis om vijf minuten later in de Far West te belanden, waarin Canadese Mounties rondlopen. Zelfs Lucky Luke, Indiana Jones, Harry Potter en Frodo zouden er gek van worden en die jongens kunnen nochtans tegen een stootje.

 

Met zijn regie vernedert David Hermann de dirigent, de solisten, het koor en het orkest. Het spel van Die Zauberflöte  moet het hebben van een mitrailleurtempo. Welnu, de stiltes zijn te lang en verhinderen samenhang. Wat de toeschouwer nu te zien krijgt zijn knullig aan elkaar gebreide scènes, een teveel aan domme decors en een steeds maar weer dezelfde muur uit een Mayatempel die op identieke manier daalt en stijgt, schuift en splijt. Het wachten was op de goudbeluste Spanjaarden, maar die kwamen niet. Die ramp is de toeschouwer gelukkig bespaard gebleven.

 

Dit is geen enscenering voor kinderen. Zij wensen, hopen op een mix van emoties, van koddige fantasie. Hermann slaagt er echter in alle emotie te verbannen en in plaats van fantasie plat spel te leveren, ver van variatie. Moest ik moeten kiezen tussen de Vlaamse en de Hollandse versie, zou ik die van Amsterdam verkiezen. Want de regie van Hermann doet niets. Je kan er niet vrolijk of kwaad van worden. Enkel over klagen, met een triest gevoel tot gevolg, dat niet eens de koude van december kan trotseren.

Guido LAUWAERT

Die Zauberflöte – W.A. Mozart – www.vlaamseopera.be

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Musique
commenter cet article
13 décembre 2012 4 13 /12 /décembre /2012 10:07

 

Guy-Didelez--foto-Bert-Bevers-.JPG

Foto: Bert Bevers


Zie: www.detafelvan1.blogspot.com

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article
12 décembre 2012 3 12 /12 /décembre /2012 19:25

 

FIVDoverDEC.jpg

Tien vertellingen per dag, gedurende tien dagen, dat is de inhoud van Boccaccio's Decamerone. Van één verhaal uit elk tiental dat mij origineel, sfeervol, erotisch, humoristisch of/en inspirerend het meest geschikt leek om uit te beelden, maakte ik een ontwerptekening.

Een kopergravure van 12 x 10 cm was het “speelveld”. Vijf jaar gingen voorbij eer de prenten gegraveerd en gedrukt waren. Om de onderlinge binding en het behoud van hetzelfde ritme van de prenten te controleren liet ik er beproefde canon van de “gulden snede” op los. Het bijgevoegde stramien op transparant papier is op het formaat van de gravures verdeeld volgens het getal Phi 1,618033... De Fibonacci-reeks 1,1,2,3,5,,8,13,21,34... beschrijft de logaritmische of gulden spiraal. Tot mijn verwondering blijkt deze “grid” in alle standen: recto-verso, boven-onder een verband te leggen tussen de details van de narratieve compositie en de kracht- en constructielijnen zichtbaar te maken.

Hierdoor gerustgesteld is het imprimatur getekend.

Frank Ivo VAN DAMME

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans arts plastiques
commenter cet article
12 décembre 2012 3 12 /12 /décembre /2012 19:20

 

DecameroneFIVD.jpg

Ter gelegenheid van de 80ste verjaardag van graficus Frank Ivo van Damme verscheen zopas bij Kalligrafia vzw een bibliofiele map met tien originele erotische kopergravures gedrukt op Zerkall 260 gr in zuurvrij passe-partout. Voor het begeleidende boek in vijf talen (Nederlands, Frans, Duits, Italiaans en Engels) schreef Frans Denissen een inleiding waarin hij Boccaccio plaatst in een historisch context. Hij belicht tevens de Decamerone, die hij trouwens vertaalde.

Frans Denissen werd meermaals gelauwerd voor zijn vertalingen uit het Italiaans (o.m. met de Martinus Nijhoffprijs 2011).

Oplage: 40 genummerde en gesigneerde exemplaren à 325 € plus verzendkosten (België: 8 €, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg, Nederland, Verenigd Koninkrijk: 17 €; alle andere landen: 32 €).

DecameroneCOVER.jpg

Het garenloos gebonden boek (oplage: 340 exemplaren) kan afzonderlijk besteld worden. Het bevat alle teksten in vijf talen (de Franse vertaling is van de hand van Henri-Floris Jespers) en verkleinde (80 %) offsetreproducties van de tien kopergravures). Kostprijs: 30 € plus verzendkosten ( België: 4 €; alle andere landen: 7 €).

Bestellingen: Kalligrafia vzw, Sint Lucaslaan 22, B 2180 Antwerpen

info@kalligrafia.be

www.fivandamme.eu

www.kalligrafia.be

Bank: 402-4058151-56

IBAN: BE20 4024 0581 5156

BIC: KREDBEBB

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans arts plastiques
commenter cet article
11 décembre 2012 2 11 /12 /décembre /2012 10:00

Will-Jensen--foto-Bert-Bevers-.JPG 

 

Foto: Bert Bevers

Zie: www.detafelvan1.blogspot.com

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen
commenter cet article
10 décembre 2012 1 10 /12 /décembre /2012 20:00

 

OttenScheirs.jpg

Almar Otten getekend door Jan Scheirs

De Diamanten Kogel 2012, de prijs voor de beste Nederlandstalige thriller van het afgelopen jaar, is gewonnen door de misdaadroman Blauw Goud  van de Nederlandse misdaadauteur Almar Otten, verschenen bij uitgeverij Luitingh-Sijthoff.

Naast Otten waren dit jaar nog vier auteurs genomineerd, te weten:

Louis van DIEVEL – Hof van Assisen  (uitgeverij Vrijdag);

ENCKELS & DEWIT – De Mayonaisemoorden  (uitgeverij Witsand);

Aad van den HEUVEL – De vuile bom  (uitgeverij De Geus) en

Charles den TEX– De vriend  (uitgeverij De Geus).

*

Almar Otten oogstte eerder alom lof voor zijn vier politieromans over de Deventer moordzaken: het vierde deel, Lied van angst, werd in 2010 genomineerd voor de Diamanten Kogel, aldus jurylid Jos van Cann, die het juryrapport maandagavond bekend maakte. Na dit kwartet koos Otten voor een andere uitgever en een andere protagonist. Een vrouwelijke, Lineke Tesinga, van beroep historica en als zodanig verantwoordelijk voor de middeleeuwse collectie van de Atheneumbibliotheek in... hoe kan het ook anders, Deventer.
Blauw Goud  is deel twee van deze nieuwe serie historische thrillers. Blauw Goud  is een echte paginadraaier met levendige en geloofwaardige personages en waarin een middeleeuws boek, corruptie en macht een rol spelen. Otten ontvouwt het mysterie voor zijn lezers in een langzaam maar goed gedoseerd tempo. En elke stap die daarbij wordt gezet, elk brokje informatie dat prijs wordt gegeven roept weer andere vragen op. Op die manier creëert hij steeds weer nieuwe spanning.
De plot van
Blauw Goud is complex maar zit doordacht in elkaar. De sfeer van de jaren zeventig en tachtig en de maatschappelijke en historische achtergronden ervan worden erg sterk en sfeervol uitgetekend. Het onverwachte einde is niet voor de hand liggend, maar wel aannemelijk. De auteur vermijdt terecht een gemakkelijk en goedkoop ‘happy end’.

Almar Otten werkt wederom aan een mooie serie. Blauw Goud  is daar het tweede en beste bewijs van.


Jury


De jury van De Diamanten Kogel kon ook dit jaar opnieuw kiezen uit een recordaantal ingezonden misdaadromans: 118 om precies te zijn. Het gemiddelde niveau is behoorlijk; dat maakt het eerste deel van het jureren, het lezen, een stuk aangenamer.

Het tweede deel, het beoordelen, blijkt dan een stuk lastiger. Uiteindelijk kwamen er een kleine twintig thrillers van uiteenlopend karakter kwalitatief bovendrijven. Literaire thrillers – wat dat ook mogen zijn – en policiers  met in meerdere of mindere mate getormenteerde speurders blijven de hoofdmoot. Maar er waren ook lovenswaardige vormexperimenten zoals De verzekering  van Joost Heyinck en Eet  van Suzanne Hazenberg gaande tot literaire thrillers die deze betiteling wel verdienen, zoals Diggers  van Gaea Schoeters.

De auteurs gaan graag op reis en de lezer zal dat geweten hebben, want de vakantiebestemmingen zelf komen vaak voor in de boeken. Daarnaast waren er dit jaar nogal wat ontvoerde, min of meer naakte en al dan niet in donkere, koude kelders opgesloten vrouwen.

Ook dit jaar weer een opmerking aan het adres van de uitgevers. De redactie van Nederlandstalige misdaadromans gebeurt slordig en beperkt zich veelal tot het gebruik van spellingcorrectie-software van de tekstverwerker. In vrijwel elk boek zitten er contextuele fouten en/of personages die tijdelijk van naam veranderen, omdat de software dit soort missers niet kan opsporen. Dat is wel eens anders geweest.


Antwerpen, november 2012, de jury van De Diamanten Kogel 2012:
Henri-Floris Jespers (voorzitter), Frank van den Auwelant, Ineke van den Bergen, Jos van Cann, Eric Diepvens, Jürgen Joosten, Kris Kenis, Alain Sohier, Geert Swaenepoel, Magali Uytterhaegen.

zie:

www.diamantenkogel.be

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article
8 décembre 2012 6 08 /12 /décembre /2012 21:16

 

BoekKogel.jpg

De Diamanten Kogel wordt maandag 10 december uitgereikt in het Rubenshuis te Antwerpen.

Bij die gelegenheid verschijnt Ruw & hard, geslepen & begeerlijk. 10 jaar briljante misdaadliteratuur in al haar facetten, een bundeling essays over en (onuitgegeven) teksten van de laureaten: Benny Baudewyns, Jef Geeraerts, Bob Mendes, Esther Verhoef, Felix Thijssen, Patrick Conrad, Simon de Waal, Bavo Dhooge, Mieke de Loof en Elvin Post. Kritische beschouwingen van Ineke van den Bergen, Jos van Cann, Eric Diepvens, Henri-Floris Jespers, Jürgen Joosten, Alain Sohier en Geert Swaenepoel.

*

Voor De Diamanten Kogel 2012 werden door de jury unaniem vijf romans genomineerd:

Louis van DIEVEL, Hof van Assisen (Vrijdag)

ENCKELS & DEWIT, De mayonaisemoorden (Witsand)

Aad van den HEUVEL, De vuile bom (De Geus)

Almar OTTEN, Blauw Goud (Sijthoff)

Charles den TEX, De vriend (De Geus)

.

Schepen van Cultuur Philip Heylen overhandigt maandag de begerenswaardige trofee van Wim Delvoye aan de laureaat van De Diamanten Kogel 2012.

Nog enkele plaatsen beschikbaar mits reservatie via hfj@skynet.be.

Jos van CANN en Henri-Floris JESPERS [red.], Ruw & hard, geslepen & begeerlijk. 10 jaar briljante misdaadliteratuur in al haar facetten, Antwerpen, De Diamanten Kogel vzw, 2012, 160 p. Illustraties van Jan Scheirs. Niet in de handel.

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article
8 décembre 2012 6 08 /12 /décembre /2012 14:35

'Il parcourt avec une même facilité une extension de vingt-trois notes (environ trois octaves), et personne ne se rappelle avoir écouté quelque chose qui puisse s’y comparer.'Een getuigenis van een tijdgenoot over Farinelli

 

Voor puur muzikaal genot werden in Europa jongens voor hun tiende jaar gecastreerd. Zo trachtte men om hun zangstem te behouden. Deze volwassen zangers met de stembanden van een kind maar met volwassen longen, duiken vanaf de zeventiendeeeuw op. Het hoogtepunt is de achttiende eeuw. Carlo Broschi is dankzij de romantische, biografische film Farinelli uit 1994 vandaag de meeste bekende castraatzanger. Bernacci, Caffarelli, Senesino, Rauzini waren samen met Farinelli eveneens gevierde Divo’s. De laatste grote operarollen voor een castraatzanger werden voor Velluti in de eerste kwart van de negentiende eeuw gecomponeerd: Rossini’s Aureliano in Palmyra en Meyerbeer’s Il crociato in Egitto. Nadien verdwenen ze van de scène. In een gesprek met Richard Wagner betreurde Rossini dit einde:

'Men kan zich geen idee vormen van de bekoring van de stem en de volleerde virtuositeit die deze besten der besten, bij gebrek aan iets anders en uit gelukkige compensatie, bezaten. Nu de castrati zijn uitgestorven en het in onbruik is geraakt om nieuwe te snijden is de neergang van de zangkunst onomkeerbaar'.

 

Pour la petite histoire: Velluti was eveneens een beslagen alkoofridder. Vele echtgenoten van zijn veroveringen konden niet geloven dat hun vrouwen zich met deze schone jongeling inlieten omdat ze niet begrepen dat alles nog werkte weliswaar zonder spermatozoïden. Castraten als ideale minnaars voor wijze edoch weke vrouwen, zeker in tijden toen er van anticonceptiva amper sprake was.

Moreschi.jpg

Moreschi

Uit het begin van vorige eeuw dateert een opname op wasrollen met de stem van 'L’angelo di Roma', de castraat Alessandro Moreschi (1859-1922). Hij was als sopraan van 1883 tot 1913 verbonden aan de Sixtijnse kapel. Onverminderd de krakkemikkige opname is het een uniek document. Het zet de deur op een kleine kier naar de schittering van vergane tonen.

 

Met uitzondering van Frankrijk speelden kastraten in tegenstelling tot de katholieke landen in het muzikale leven van het protestantse Noord Europa amper een rol.

Op Paulus, de goeroe die met uitsluiting van alle andere vroegchristelijke stromingen aan het begin van onze tijdrekening, het christendom definitief vorm gaf, rustte het verbod voor vrouwen om in de kerk te spreken, laat staan te zingen. Een verbod op basis van een interpretatie van 'geopenbaarde' waarheden, de vrouw die uit de rib van de man werd gesneden en zodoende een inferieur wezen is.

In zijn eerste brief aan de Korintiërs 14.34-35 schrijft Paulus: “moeten de vrouwen in de bijeenkomsten zwijgen. Want het is haar taak niet, te spreken; maar ze moeten onderdanig zijn…Want het is voor een vrouw onbetamelijk, in de kerk het woord te voeren…”

 

Het manco van de hoge vrouwelijke sopraanstem werd eerst opgevuld met falset-zangers, een Spanje traditie, nadien met de ontwikkeling van het belcanto in de opera door de castraatstem.

 

Even een zijdelingse anekdote: van rond 1700 dateert eveneens het pauselijke verbod om opera’s uit te voeren. Profane thema’s mochten niet meer, enkel oratoria met 'heilige' onderwerpen konden aan bod komen. De unieke mezzosopraan Cecilia Bartoli wijdde er met haar Opera proibita een cd aan. Pas op het einde van de achttiende eeuw werd dit verbod opgeheven.

 

De geschiedenis van deze primi uomini is een Italiaans fenomeen, meer bepaald in het koninkrijk Napels, het centrum van de opera tijdens de eerste helft van de achttiende eeuw. Het aantal castraties van kinderen wordt er op het hoogtepunt van deze mode op enkele duizenden per jaar geschat. Ze waren veelal afkomstig uit arme boerenfamilies die hiermee op een rijk inkomen hoopten, een verzekering voor hun oude dag. Want voor een optreden ontvingen bekende castraatzangers fabelachtige honoraria. Voor de castratie diende de jongen evenwel zijn toestemming te geven. Natuurlijk had die geen besef van de reikwijdte van deze ingreep. De smoezen die werden verzonnen zijn bekend: een afwijking bij de geboorte, ergens aan blijven 'haken' tot en met de beet van een varken in het jonge kruis.

 

De slaagkans dat zij het tot een muziekster uitgroeiden was minimaal. Eén op duizend? De minderen verdwenen in plaatselijke kerkkoren, de beteren bevolkten het koor van de pauselijke Sixtijnse kapel. Als men weet dat er spotschriften en karikaturen over deze castraten bestaan zoals de spotprent van de beroemde Senesino, dan is het niet denkbeeldig dat het verminkte afval dat nergens aan bod kwam, nog een dankbaarder object werd van spot. Uiteindelijk werd in 1878 castratie door paus Leo XIII verboden.

 

portraet_barock2_kastrat_g.jpg

 

De impact van deze verminkende ingreep liet op de fysiek natuurlijk zijn sporen na: een op hol geslagen hormonenstelsel, buiten een weelderige haardos geen lichaamsbeharing, vetophopingen op dijen en heupen, een aanleg tot zwaarlijvigheid en een abnormale lengte. De psychische letsels zijn eveneens gekend: een onevenwichtig temperament met agressie, nukkigheid en extravagante eisen. De arrogantie van Caffarelli en Senesino waar Haendel o.a zijn evergreen Ombra mai fu voor schreef, was berucht. Farinelli, 'Il ragazzo' gevormd door de legendarische zangpedagoog Nicola Porpora schijnt echter een minzame man te zijn geweest,

 

Bekend zijn de Napolitaanse muziekscholen waar deze kinderen met een Spartaanse dril dagelijks urenlang werden klaargestoomd voor de virtuoze extravaganza, de vocale acrobatie die in operahuizen werden opgevoerd.

 

Voorbeelden van hun virtuositeit zijn gekend: het duel met een trompettist waarbij Farinelli stuk voor stuk nazong wat deze hem voorspeelde, tot de trompettist in ademnood kwam en het moest afleggen tegen het longvolume van Farinelli, die rustig verder zong én met de nodige versieringen. Er is het duel met de twintig jaar oudere Bernacchi waarbij deze in de eerste plaats de ornamentering van Farinelli gebruikte om er nadien zijn eigen indrukwekkende versieringen aan toe te voegen. Ze werden levenslange vrienden.

Wat te denken van volgende beschrijving: tijdens een optreden zong Farinelli in één adembeweging 150 noten op één syllabe; een melisma dat we ons vandaag niet kunnen voorstellen! In London werd 'One God, one Farineli!' geroepen, verlangend vielen vrouwen in zwijm.

 

Farinelli1.jpg

Farinelli

Vertel mij, dierbare Clio door welke ogen ik moet kijken om 'bloss zeigen wie es eigentlich gewesen' (Leopold von Ranke)? Moet ik een leesbril uit de aufgeklärte achttiende eeuw zien te bemachtigen of volstaat die van nu, A.D. 2012? In welke mate is onze hedendaagse ethiek toepasbaar op het verleden? Hoe een Zeitgeist beoordelen? Troost mij, muze nu dit sublieme voor altijd werd afgesloten.

Frank DE VOS

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans Musique
commenter cet article
7 décembre 2012 5 07 /12 /décembre /2012 23:00

 

Poster.jpg

How!” The Silent Enemy is een stomme film uit 1930, de enige die H.P. Carver ooit regisseerde. Maar die begint met een sprekende proloog, een toespraak van opperhoofd Chetoga van de Ojibways (gespeeld door Chief Yellow Robe) over zijn stam. Hoewel talloze strips en westerns ook mijn generatie leerden dat indianen How zeggen, was het toch merkwaardig om een échte indiaan het woord werkelijk te horen bezigen.

Carver draaide The Silent Enemy met heuse Ojibways (die wonen in Canada in het gebied tussen de Atlantische Oceaan en de Hudson Baai), amateuracteurs dus. De film houdt het midden tussen drama en documentaire, en oogt uitermate authentiek. Er zitten – zeker voor die tijd – beeldschone natuuropnamen in van beren, bevers, poema’s, veelvraten en wolven. De rolprent verhaalt van de zware tocht die de door hongersnood getroffen Ojibways ondernemen naar het barre noorden, waar ontelbare kariboes de voedselvoorraad aan kunnen vullen. De hoofdrollen worden behalve door Chief Yellow Robe vervuld door Chief Akawanush (die de snode medicijnman Dagwan speelt), Spotted Elk (Chetoga’s dochter), Cheeka (Chetoga’s zoon, hij speelt zichzelf) en Chief Buffalo Child Long Lance (de jager Baluk).

Reclame.jpg

Wat een fantástische naam: Chief Buffalo Child Long Lance! Of hij écht een amateur was waag ik te betwijfelen want de man stond behalve als acteur te boek als journalist, schrijver en voorvechter voor indianenrechten. Long Lance (1890-1932) zou de zoon van een Blackfoot-opperhoofd geweest zijn (maar sommigen beweerden dat hij een neger was), bleek een briljant student en vocht in de Grote Oorlog in Frankrijk (waar hij twee keer gewond raakte). Hoe dan ook: voor een amateuracteur genoot hij grote bekendheid. Hij werd, in 1931, zelfs ingehuurd om reclame te maken voor sportschoenen…. Een jaar later werd hij in Los Angeles levenloos aangetroffen. Hij zou zichzelf dood hebben geschoten.

Ik zag The Silent Enemy op Arte, in de volledig gerestaureerde versie met de originele tussenteksten. De oorspronkelijke muziek van Massard Kur Zhene was wel vervangen door nieuwe (uit 2012) van Siegfried Friedrich, met opvallend fraaie klanken van violist Serkan Gürkan. Voor wie nieuwsgierig is geraakt: je kunt The Silent Enemy (in delen) vinden op YouTube. Je moet dan wel voor lief nemen dat daar de verbindende teksten verwijderd zijn. Omdat veel Amerikanen ongeletterd zijn, werden de tussentitels verwijderd en vervangen door een bassende uitleggersstem, maar de beelden zijn hetzelfde:

http://www.youtube.com/watch?v=7Sh4UlOrwd4

Bert BEVERS

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans cinema
commenter cet article
6 décembre 2012 4 06 /12 /décembre /2012 17:53

 

Doofpot.jpg

In Club Lange Wapper te Antwerpen werd vanochtend Een doofpot is een Belgisch streekgerecht  van Marc Pairon (°1959) voorgesteld. Deze keer geen liefdesverzen maar wel duizend pakkende oneliners, flitsverhalen en vlijmscherpe 'twitteratuur' met een knipoog. Morgen is het boek niet alleen bij zowel alle boekverkopers verkrijgbaar, maar ook bij Colruyt, Carrefour, Makro en Club. In voorbestelling werden er meer dan zevenduizend exemplaren besteld.

Literair agent Walter Soethoudt omschrijft Pairons nieuwe werk als volgt:

Als woordkunstenaar slaagt Marc Pairon er andermaal in ontroering te veroorzaken. In deze bundel heeft hij het op de lachspieren gemunt: van een glimlach, het teken van herkenning, tot en met het onbedaarlijk lachen. Hij gaat geen enkel onderwerp uit de weg. Soms hekelt hij het koningshuis. Soms laat hij zich kritisch uit over de Kerk en het politieke establishment. Vele oneliners houden verband met actuele onderwerpen. De financiële crisis, het boerenprotest, pedofilie en de koninklijke erfopvolging passeren de revue. Hij laat ook niet na om nu en dan elk van ons een spiegel voor te houden, want ook geloof, relaties op de werkvloer en zelfs erotiek en liefde komen aan bod.

'Na de Aforismen zijn er nu eindelijk de Paironismen', dixit Geert Hoste.

*

Een doofpot is een Belgisch streekgerecht  telt 256 bladzijden, heeft een harde kaft en zelfs een leeslint. Het voorwoord is van de hand van Gerd de Ley. Het boekje met de opvallende tricolore cover wordt aangeboden, aan slechts vijf euro.

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche