Overblog
Editer l'article Suivre ce blog Administration + Créer mon blog
5 février 2011 6 05 /02 /février /2011 22:36

 

FotoSPILLE3.jpg

Blues om wat blijft, de nieuwe bundel van Willy Spillebeen, werd deze middag om 16 uur in Harelbeke voorgesteld (zie blog van 31 januari). Ik ben niet gemotoriseerd, ben noodgedwongen uiterst spaarzaam op verplaatsingen, ga dus nog maar uitzonderlijk naar recepties, vernissages, presentaties van boeken of begrafenissen (tenzij ik mij moreel echt verplicht acht...). Kortom, ik was dus niet present in Harelbeke. Ik ben wel erg benieuwd naar de bundel van de man met wie ik nooit oog in oog stond, maar met wie ik wel een stippeltje gemeenschappelijke geschiedenis deel, die ik nu even uit het geheugen poog te reconstrueren.

Hoe ik in mijn tijdschrift Monas Spillebeens tweede bundel Naar dieper water (eigen beheer, 1962) onder schuilnaam signaleerde, weet ik niet meer, maar dat hij zeer tot mijn verwondering mijn Franse verzen (Textes, 1963) in De Standaard der Letteren heel lovend besprak, dat blijft wel in mij geheugen gegrift. Dat was in het jaar dat Emmanuel Looten (1908-1974) mij een exemplaar schonk van Vers le point omega, een elegante druk met een originele concetto spatiale van Lucio Fontana (1899-1968) als cover (ik heb het boek ooit uitgeleend en zag het natuurlijk nooit nooit terug...); het jaar ook dat Spillebeen een indringend essay (Emmanuel Looten, de Franse Vlaming, Lier, De Bladen voor de Poëzie) publiceerde over de barokke poëzie van de flamboyante Looten, met wie ik een paar jaar later kennismaakte op de Internationale Poëziebiënnale te Knokke.

Ik heb altijd de grootste waardering gekoesterd voor de scherpzinnige criticus en essayist Spillebeen die onvermoeibaar een benijdenswaardige activiteit aan de dag legde.

De doorgewinterde romancier, die alle technieken van de moderne roman onder de knie heeft, wordt naar mijn gevoel bepaald onderschat. Zonder ooit te vervallen in navelstarig exhibitionisme weet hij feilloos een universele dimensie te geven aan de autobiografische grondslag van zijn problematiek: 'de speurtocht naar de eigen identiteit, het verzet tegen misleidende mystificaties en de afrekening met het verleden', aldus Paul Van Aken. Een aantal romans combineren op pakkende wijze de individuele en de collectieve geschiedschrijving en constitueren aldus ook sociologisch boeiende documenten. Wanneer zal eindelijk iemand zich wagen aan het grondig in kaart brengen van het zo gevarieerde romanuniversum van Spillebeen?

De heldere, nuchtere poëzie van Spillebeen – die ik niet altijd even nauwgezet op de voet heb gevolgd – is thematisch nauw verbonden met zijn scheppend proza. Het is de verdienste van uitgeverij P  in het vijfde deel van de Parnassusreeks, De geschiedenis van een steenbok, de poëzie van Spillebeen opnieuw onder de aandacht gebracht te hebben.

Het veelvuldig bekroonde oeuvre van Willy Spillebeen kon en kan bogen op de waardering van de meest uiteenlopende critici, en toch blijkt het m.i. wat teruggedrongen in een schemerzone. Kwestie van tijdsgeest? Ik weet het niet. Ik stel alleen maar vast. Net zoals ik absoluut niet begrijp dat de romans van Raymond Brulez en Marnix Gijsen blijkbaar verzonken zijn in de collectieve amnesie.

In plaats van naar Harelbeke te gaan, heb ik vandaag verkozen de namiddag door te brengen met de papieren Spillebeen, de enige die ik zowat ken.

Ik heb er geen spijt van.

Henri-Floris JESPERS

Partager cet article
Repost0

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche