Overblog Suivre ce blog
Editer l'article Administration Créer mon blog
19 décembre 2010 7 19 /12 /décembre /2010 18:11

 

Meervoud levert ook geregeld bijdragen tot bestrijding van de collectieve amnesie. Zo blikt Christian Dutoit in de jongste aflevering terug op Leo Magits (1899-1990), “een grote meneer”. Hij stelt daarbij terecht vast:

Weinig socialisten of sociaaldemocraten kennen nog hun geschiedenis of die van hun voormannen in een voor hen prehistorisch tijdperk. Magits past niet meteen in hun kraam, en wellicht zal iemand als een Caroline Genez er nog niet veel van gehoord hebben, en als dat wel het geval zou zijn eerder als stoorzender of anachronistisch persoon.

Magits stelde zijn leven in dienst van zijn socialistisch ideaal. Hij was secretaris voor het Vlaamse landsgedeelte van de Centrale voor Arbeidersopvoeding (1936-1967) en trad in dienst van de Arbeidershogeschool, eerst als monitor (1941-1944) en daarna als directeur (1945-1965). Hij was beheerder van het Nationaal Bibliotheekfonds en sedert het ontstaan van het bibliografisch tijdschrift Lektuurgids (1954) voorzitter van het redactiecomité. Ger Schmook onderstreepte de “wijsgerige” fundering van Magits' aanpak, en Hubert Lampo typeerde hem onomwonden als “de beste, de eerlijkste socialist “ die hij ooit ontmoette. “Hij is een man die niet in de kijker heeft gelopen, maar consequent zijn ideaal heeft gediend.”

Christian Dutoit spitst zich toe de op de rol van Magits in het 'Dietse' socialisme:

De Groot-Nederlandse gedachte wordt vandaag meestal niet geassocieerd met de linkerzijde. Een beetje ten onrechte, want heel wat socialisten waren in de periode van de Grote Oorlog tot 1940 en zelfs daarna overtuigde Heel- of Groot-Nederlanders. Dit sentiment ontstond vooral tijdens de oorlog 1914-1918, maar een aantal socialistische Vlaamsgezinden vluchtten in 1918 in Nederland en knoopten er contacten aan met gelijkgezinden aan de andere kant van de grens. Veel vrijzinnigen waren ook in die beweging actief, terwijl langs de andere kant nogal wat oerkatholieke Vlamingen hun bedenkingen hadden bij de omgang van Vlamingen met protestanten. Eén van de merkwaardigste figuren uit die groep was Leo Magits. Wij blikken terug op een stukje meestal onder de mat geveegde geschiedenis.

De activiteiten van Magits tijdens de Eerste Wereldoorlog en achteraf in Nederland worden

verhelderend belicht, in het bijzonder het tijdschrift Schakels. Socialistisch maandschrift voor Noord- en Zuid-Nederland (1929-1935), gesticht door o.m. Roza de Guchtenaere, Jef van Extergem en P. J. Ursi, met Magits als verantwoordelijke in Nederland en in Vlaanderen niemand minder dan Jef Rens. Henk Brugmans (de latere rector van het Europa-college te Brugge), Klaas Heeroma, Achiel Mussche en Garmt Stuiveling, (de latere minister) Alfons Vranckx werkten aan Schakels mee, en in Antwerpen werd (de latere bankier) Maurits Naessens actief.

*

Nico van Campenhout, archivaris van Lokeren, wijdt een paginagrote bespreking aan mijn boekje over Geert van Bruaene.

Jespers, die herhaaldelijk de onvolledigheid, het fragmentarisch karakter en de voorlopigheid van zijn biografische notities en beschouwingen over hem beklemtoont, omschrijft Van Bruaene als “een grimmige farceur die zijn eigen legende graag boetseerde en daardoor zelf in niet geringe mate bijgedragen heeft tot het scheppen van misverstanden” (blz. 7). De auteur ontrafelt (tot op zekere hoogte) de 'mythe van Bruaene' en reduceert de man en zijn leven tot realistische proporties. Jespers erkent echter wel ten volle Van Bruaenes historische rol, met name als promotor van de 20ste-eeuwse eigentijdse beeldende kunst in België. Hij was op dat terrein belangrijk en betekenisvol, zelfs invloedrijk, maar niet de pionier of de trendsetter waar anderen en hij zelf hem soms lieten voor doorgaan. “De rol van Geert van Bruaene als voorloper relativeren vermindert geenszins zijn verdiensten” (blz. 38), zo besluit Jespers zijn biografisch portret.

*

In wat een column heet te zijn somt Hendrik Carette de twintig “beste boeken” op, “verschenen in het Nederlands in het rampenjaar 2010”, waaronder Red ons van de dichters (Prometheus) van Menno Wigman (°1966):

De geestige en originele Wigman (van zich zelf ook een dichter) uit terecht zijn ongenoegen over het bestaan van de alom en allerwegen woekerende slechte dichters of de dichters van de derde rang.

Dat Joris van Severen, 'een biografisch portret' door Pieter Jan Verstraete (Aspekt) niet op het appel ontbreekt, zal wel niemand verwonderen...

Verstraete vertelt misschien niets nieuws, maar na het te korte boekje van Lode Wils, doet hij het toch anders en beter.

Henri-Floris JESPERS

(wordt vervolgd)

Meervoud, 18de jg., nr. 163, december 2010, 52 p., ill.

Drukpersstraat 30, 1000 Brussel. Een jaarabonnement (10 nummers) kost 30 €, te storten op rekening nr. 001-2384501-26.

Partager cet article

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche