Overblog
Suivre ce blog
Editer l'article Administration Créer mon blog
12 décembre 2014 5 12 /12 /décembre /2014 18:29

 

Stuart2.jpg

In 1978 heb ik zes maanden bij Jules de Corte gelogeerd. In België was ik op de dool en na een kleinkunstoptreden ergens in Vlaanderen nam hij me mee naar zijn huis in Helenaveen. We zaten ’s avonds bij de kachel. Op een dag vroeg ik hem mij op eenvoudige wijze het verschil te verklaren tussen de Calvinistische en de Roomse levensstijl. Hij ging aan de piano zitten en improviseerde een wijsje met strakke akkoorden. ‘Dat is de Calvinistische,’ zei hij. ‘En nu de Roomse.’ Waarop hij het wijsje opnieuw speelde met een overdaad aan krullen en kantwerk.

Ivo van Hove heeft in wezen hetzelfde gedaan met Maria Stuart. Het toneelstuk van Friedrich Schiller [1759-1805] uit 1800 is koel en droog. De vertaling van Barber van de Pol, bewerkt door Jan Peter Gerrits, heeft het stuk berenkoud en kurkdroog gemaakt. Regisseur Ivo van Hove, bijgestaan door vormgever Jan Versweyveld, liep nog een stuk verder. Zij maakten van de voorstelling een schilderij van Piet Mondriaan zonder kleuren. Taal en beweging zijn een geometrische abstractie die slechts bij momenten – haast onhoor- en onzichtbaar, op het einde na – van kleur en klank verschillen.

The Fountainhead, Van Hove’s vorige regie, en Maria Stuart tegen elkaar laten boksen, is dan ook een bewijs van onvermogen. Nochtans is het heel simpel om de clash tussen het Calvinisme en het Roomse te zien. Het verschil tussen Anglicaans en Rooms is een bijkomende factor, zoals dat nu eenmaal de gewoonte is bij conflicten van alle rangen en standen. Het conflict bij Maria Stuart zit hem in de politieke handel en wandel. Als Maria Stuart koningin van Engeland en Schotland wordt zal het een vazalstaat van Rome worden, en de baas boven baas wordt de paus. Blijft Elizabeth koningin van Engeland en krijgt ze er het wingewest Schotland bij, wordt het Britse rijk geboren, en het is daar waar het Elizabeth om te doen is. Zij schaakt beter dan Maria Stuart, en de hovelingen die van kamp wisselen naargelang de wind waait.

tuart.jpgElizabeth voorstellen als iemand die koppig een vonnis ondertekent, maar spijt heeft over de executie is des Pilatus. De procurator weet wat hem te doen staat, hij beslist, maar schuift de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van zijn beslissing af op anderen. Dat botsen en blijven botsen tussen beslissing en de uitvoering is eigen aan alle mensen, of ze jong of oud zijn, slim of dom, rijk of arm. Het krachtigst wordt dit verwoord in de slotclaus van de 1stescène van Macbeth: ‘Fair is foul, and foul is fair.’ Burgersdijk vertaalt de zin als ‘Schoon is boos en boos is schoon’, terwijl Willy Courteaux hem anders interpreteert: ‘Goed is kwaad en kwaad is goed’. Elke vertaler heeft een eigen kijk op de zin der zinnen van dit Schotse koningsdrama, maar hoe de vertaling of kijk ook is, de betekenis blijft altijd dezelfde: Duister is Helder en Helder is Duister… binnen het denken. Het verstand is een lastige, brutale jongen.

De muziekkeuze in de versie van Ivo van Hove – we zijn weer bij Maria Stuart – is tevens veelbetekenend. Hard waar het Engelse aan bod komt, dartel bij het Schotse. Het streepje Bach en het Gregoriaans zijn geen tussendeuntjes om tegengewicht te bieden aan het elektronisch repetitieve. Al lijkt het wel zo, toch is er in de muziekevolutie geen stijlbreuk, onlogische ontwikkeling. De evolutie wordt extra benadrukt door de structuur van de kostumering. De esthetica is een bepalende factor. Geen moment is er een element dat storend werkt op de contrapuntische constructie van taal en beeld. Daarenboven: de bewegingen zijn hoekig bij Elizabeth en bij Maria Stuart cirkelend. De bijkomende factor, eerder genoemd, Anglicaans versus Rooms, is het behangsel van de muren van dit bouwwerk in lineair perspectief.

stuart-drie.jpgZelfs de onthoofding van Maria Stuart is tekenend voor de politieke situatie. Friedrich Schiller benadrukt dat haar hoofd maar rolde na de derde slag. Ivo van Hove laat de onthoofding niet zien maar horen. Hij wordt verteld. Koud en naakt. M.a.w.: zoals vroeger de aanvang van een voorstelling met drie slagen werd aangekondigd, kondigen de drie slagen in de versie van Schiller en Van Hove het begin aan van het Brits Imperium. Elizabeth staat aan het slot niet eenzaam op het toneel, maar als een standbeeld met ingemetselde gevoelens.

Dat Chris Nietvelt Elizabeth speelt en Halina Reijn Maria Stuart is de logica zelf. Het karakter van Chris Nietvelt is Engels, die van Halina Reijn Schots. Zoals ikzelf ooit meegemaakt heb in Londen: Een Engelsman trok zijn afgezakte broek pas op nadat hij uitgesproken was. Vorig jaar zag ik een Schotse dirigent tijdens een concert in Gent voortdurend zijn broek optrekken. Tot groot [stil] jolijt van het publiek én de muzikanten.

Dat Shrewsbury en Kennedy, Schotse hovelingen, door Vlamingen gespeeld worden is [alweer] niet toevallig. Van Hove laat niets aan het toeval over.
En na al dat fraais ga ik iets minder leuk zeggen. Matteo Simoni [Mortimer] past niet in deze productie. De uitspraak van mijn landgenoot beschadigt mijn al verzwakt gehoor en zijn stap, ik zal het maar beschaafd houden en is daarom te zwak uitgedrukt, onesthetisch. Zijn plaats is in een revue op de boulevard.
Maar goed, dat kan de pret niet drukken van deze bijzonder streng literaire, en mede daarom meesterlijke voorstelling. Meer decor zou een vloek geweest zijn. Meer is minder en minder is meer.

Guido LAUWAERT

 

MARIA STUART – Toneelgroep Amsterdam & Toneelhuis – t/m 28 maart 2015 in Nederland en België – www.tga.nl& www.toneelhuis.be

Partager cet article

Published by CDR-Mededelingen - dans Théâtre
commenter cet article

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche