Overblog
Editer l'article Suivre ce blog Administration + Créer mon blog
7 septembre 2011 3 07 /09 /septembre /2011 23:22

 

Op zondag 4 september zond VRT ÉÉN de eerste aflevering uit van het monstertrilogie van Tom Lanoye. Tien weken later volgt de laatste. De stijl van de roman heeft een heldere lijn en een scherpe taal. Dat kan niet gezegd worden van de televisieserie. Het is een rommeltje geworden.

 

Het goddelijke monster koppelt de lotgevallen van de familie Deschrijver aan een tijdsbeeld dat stamt uit het laatste decennia van de twintigste eeuw. Een half oog en een laag IQ is voldoende om te snappen dat een West-Vlaamse familie geviseerd werd. Toch vond het productiehuis het nodig de hele serie, de scènes in West-Vlaanderen en in het bijzonder de clanscènes in een mix van plaatselijke dialecten te laten spelen. Het is het recht van de scenarist i.s.m. de regisseur, maar een foute beslissing. Niet enkel in Vlaanderen, maar in heel België, ja in elk land ter wereld, heb je soortgelijke families. Hadden de acteurs keurig Nederlands gesproken dan was de serie vanaf het eerste moment aannemelijk geweest. Nu is de spreektaal bij momententen lachwekkend. De acteurs moeten een tandje bijsteken om geloofwaardig te blijven, wat helaas niet lukt. Was de oorspronkelijke taal van het boek, het Nederlands met Lanoye’s specifieke idioom behouden, zou het de internationalisering van de serie bevorderen. Het Koewest, mijns inziens, zal echter remmend werken.

Bovendien wordt de serie ook voor de Vlaamse zender ondertiteld. Het stoort, het wringt en het klopt niet. De aandacht van de kijker wordt afgeleid en is een grens waar de inleving niet overheen geraakt.

 

De voorbije weken werd een megacampagne opgezet. De media volgden gewillig en plakten er een kwaliteitslabel op waar Hollywood jaloers op moet zijn. Het resultaat is echter van zulke schabouwelijke kwaliteit dat de hele zwik onder het niveau van Bollywood is beland. De eindverantwoordelijken zijn de scenarist en de regisseur, Rik D’hiet en Hans Herbots. De eerste heeft zich beperkt tot knip en plakwerk. Wat restte was een puzzel waarmee hij aan het werk schoot. Het enige dat hij bereikt heeft is het bewijs dat zijn talent tekortschiet voor een complex en geraffineerd verhaal, wat de roman van Lanoye in wezen is. In plaats van soberheid na te streven heeft Rik D’hiet de meester willen overstijgen. Met als gevolg een verlooplijn zonder logica. Televisieseries mislukken altijd wanneer van de hak op de tak gesprongen wordt, zonder scherpe aandacht voor de sprong.

 

Regisseur Hans Herbots zal wat aan bijsturing hebben gedaan, maar heeft het scenario grotendeels gevolgd. Wat een grove fout is. In een poging de meubelen te redden is hij leentjebuur gaan spelen bij David Lynch, Stanley Kubrick, Dennis Potter, ja zelfs Walt Disney. Flashbacks, split screen, off screen, zalf op de lens, een blauwe filter om van dagscènes spookbeelden te maken, en al dat moderne spul struikelen over elkaar en werken nefast op het tempo en de structuur. Hans Herbots heeft daar zijn handen vol mee gehad dat hij geen tijd heeft gevonden voor een uitgekiende acteursregie. De acteurs moesten in hun eigen laden graaien om een personage te creëren. Dat is soms gelukt en vaak mislukt. Het beste voorbeeld is de drie ongetrouwde tantes. Drie vrouwen met een sterk karakter die samen één dagschotel moesten verzinnen. Wat ze gebakken hebben is een gerecht waar de domste idioot uit de Disneyfactory zijn neus zou voor ophalen.

 

Laat dit duidelijk wezen: de cast is sterk. Helaas kon niet elke acteur de slordigheid van het scenario en de pretentie van de regisseur aan. Marc Van Eeghem [onderzoeksrechter Willy De Decker] heeft een harde hand nodig om boven zichzelf uit te stijgen. Het verlopen personage, geboren vanuit een minderwaardigheidscomplex, is door zijn vormgeving krom en scheef. Hetzelfde geldt voor Greet Verstraete [secretaresse Leo Deschrijver]. Zij speelt zichzelf en dat is dus weinig. Zelfs de kleinste rol eist een toetje, een toegift. Het naïeve kind uithangen is bandwerk. Over de belangrijkste rollen van de serie geen kwaad woord. Ze hebben werkelijk hun uiterste best gedaan om de lekke boot drijvend te houden.

 

Tom Lanoye heeft zich ver van het scenarioproces gehouden. Als reden gaf hij op dat hij niet nog eens vijf jaar van zijn leven in de monstertrilogie wilde steken. Had hij dat maar gedaan. En een jaar zou voldoende zijn geweest, zijn kunde en handigheid kennende. Toneel en televisie hebben hun eigen wetten, maar ze zijn wel verwant. De beste toneelstukken van Lanoye zijn deze met een regisseur die hem op de vingers keek. Voor Ten oorlog was dat Luk Perceval, voor Mama Medea Gerardjan Rijnders, voor Fort Europa Johan Simons, voor Atropa, Mefisto for ever en Bloed & Rozen Guy Cassiers, voor De Russen Ivo van Hove. Als hij het basisconcept van het scenario zelf had gemaakt, met als peter een regisseur die niet naar hem opkeek maar naast hem stond, dan was een stijlvollere serie gemaakt, door een logischer cohesie.

 

Wat nu het scherm heeft gehaald is het gevolg van een reeks foute beslissingen. Het goddelijke monster is, als televisieserie, een duivelse draak geworden, in zijn groeiperiode verkracht, vernederd en verknoeid.

Guido LAUWAERT

 

Partager cet article
Repost0

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche