Overblog Suivre ce blog
Editer l'article Administration Créer mon blog
31 mars 2014 1 31 /03 /mars /2014 21:55

 

GIERIKlente14.jpg

Gierik&NVT is een van die schaarse tijdschriften die vaak verrassend uit den hoek schieten. ‘Le Salon des Oubliés’ is het thema van het lentenummer. Belangrijke edoch 'vergeten' schrijvers worden van onder stof gehaald.

In de boekhandel zal je vergeefs zoeken naar werk van Marcel van Maele (1931-2009) en ook in antiquariaten valt er weinig te rapen. Er zijn echter mijns inziens duidelijke tekenen die erop wijzen dat hij niet alleen in de herinneringen van zijn tijdgenoten voortleeft. Het wordt wel tijd dat iemand zijn schouders zet onder de publicatie van zijn verzameld werk, poëzie en proza. In Gierik wordt hij treffend geportretteerd door Lucienne Stassaert.

Cees Buddingh' (1918-1985) heeft “niets met de schone letteren vandoen”, aldus de voortvarende jonge Boudewijn Büch (1948-2002) anno 1976 in Hollands Diep. Kort na Buddingh's overlijden op 24 november 1985 schrijft Büch in Het Parool een necrologie waarin hij hem een van de aardigste schrijvers noemt die hij ooit in Nederland had leren kennen. Bert Bevers brengt accuraat die vergeten anekdote tot nieuw leven.

Wie leest er nog vandaag het werk van Albert van Hoogenbemt (1900-1964) ? Door Luc Pay wordt hij getypeerd als 'moralist pur sang, wat in ons tijdsgewricht ook al niet erg de bon ton lijkt te zijn'. Moralist in de zin van 'aantonend' of 'beschouwend'. (Wie – een Franse schrijver – definieerde weer 'moraliste' als 'témoin des mœurs de ses contemporains' – ik citeer uit het geheugen ?). Van Hoogenbemt was niet alleen een belangrijke actor in de republiek der letteren, maar ook een geëngageerde schrijver. Luc Pay focust op Winst en verlies (1946).

Tot het begin van de jaren vijftig hebben – net als in Nederland – de meeste romans de bezetting en de onmiddellijke gevolgen ervan als onderwerp, aldus Hugo Brems (Altijd weer vogels die nesten beginnen. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur 1945-2005, Bert Bakker, 2006, p. 91)

'Er is maar één boek dat zonder meer het standpunt van het verzet inneemt: Winst en verlies van Van Hoogenbemt. In beide novellen die onder die titel gebundeld zijn, overheerst de ontgoocheling omdat de verwachtingen van de verzetsstrijders na de oorlog niet ingelost worden.'

Aan mijn omgang met Bert Decorte (1915-2009) koester ik warme herinneringen. Hij heeft veel voor mij betekend. In de loop der jaren heb ik dan ook heel wat literairhistorische en kritische bijdragen over zijn oeuvre gepubliceerd. De lezing van de heel persoonlijke bijdrage van mijn jarenlange vriendin Joke van den Brandt, een nichtje van Bert, brengt mij dit alles niet alleen in herinnering, maar onthult ook enkele aspecten die mij minder bekend waren.

Frank De Vos werd getroffen door de lectuur van Filip de Pillecyn (1891-1962), de 'Prins der Nederlandse letteren' (scripsit Gerard Walschap), een van die collaborerende 'verbrande schrijvers'. Ik heb mij in een vorig leven grondig gebogen over de Vlaamse pacifisten en dienstweigeraars en schreef (anno 1983) een woord vooraf voor Mensen en dingen, de verzamelde, vrijwel onbekende politieke cursiefjes van De Pillecyn onder schuilnaam verschenen in het VU-weekblad Wij. Zowel (de latere senator) Toon van Overstraeten als (de Gentse kunstcriticus) Jan D'Haese hebben mij toen deelachtig gemaakt aan hun herinneringen aan de omgang met De Pillecyn. Hubert Lampo en Piet Van Aken hebben hun waardering voor het oeuvre van De Pillecyn nooit onder stoelen of banken gestoken. Monsieur Hawarden werd verfilmd door Harry Kümel. Frank De Vos had bovendien een boeiend interview met Jurgen De Pillecyn over diens grootoom. Begin 2003 werd in Hamme onder voorzitterschap van de bekende slavist prof. dr. Manu Waegemans het Filip De Pillecyncomité opgericht.

'Een mythe in de marge van het maniërisme' van Renaat Ramon handelt over de destijds geïgnoreerde en vandaag nog slechts in beperkte literaire en academische kringen bekende avant-garde tijdschriften Labris (1962-1973), Kok-Ko (1975-1979) en Tempus Fugit (1984-2000), waarvan de invloed en de uitstraling nu niet overschat mogen worden.

Zoals van hem altijd verwacht mag worden, brengt Ramon een helder en evenwichtig verhaal waarin de hier al vaker gesignaleerde Max Kazan (pseudoniem van Jef Bierkens), Hugo Neefs, Ivo Vroom, Leon van Essche, Ben Klein en Paul de Vree figureren.

De enige écht volledig maar dan ook totaal vergeten schrijver, de Brugse arbeider Mau Marssen (1902-1977) en zijn 'schaamteloos miserabilisme', worden uitvoerig tot nieuw leven gebracht door de onvermoeibare Lukas De Vos.

Kortom, een bijzonder lezenswaardige aflevering van het onvolprezen Gierik&NVT, geillustreerd met schrijversportretten door Jan Scheirs en Frank-Ivo van Damme.

Henri-Floris JESPERS

Gierik & Nieuw Vlaams Tijdschrift 122, 31ste jg., nr. 1, lentenummer 2014, 96 p., ill.

Abonnement: 32 € (4 nummers, incl. portokosten). Losse nummers: 9 €.

Email: inge@gierik-nvt.be

Partager cet article

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche