Overblog
Editer l'article Suivre ce blog Administration + Créer mon blog
3 novembre 2010 3 03 /11 /novembre /2010 06:06

 

Het proces van “afstoten en aantrekken” is van doorslaggevend belang is voor de correcte inschatting van Pernaths “interpersonele” relaties, aldus Walter van den Broeck, die zich daarbij beroept op de psychiatrische opvattingen van H. S. Sullivan. Het speciale Pernath-nummer van het Nieuw Vlaams Tijdschrift dat ik in 1976 samenstelde (XXIX, nr. 6-7, juli-september) wekte verbazing op bij Walter van den Broeck, omdat bleek “dat ook anderen gemengde gevoelens tegenover hem koesterden”.

Hoewel het om een gedenkboek ging, kreeg hij door een aantal medewerkers postuum nogal wat denigrerends, naar het hoofd geslingerd. Dat Huug een moeilijke mens was in de omgang, kon ik nog aanvaarden. Maar dat hij door diversen een mythomaan, een mentale en psychische nomade, een egocentrische figuur, een rotzak, een bedrieger en een leugenaar werd genoemd, dat ging welk erg ver. (Het land van Pernath, p. 12)

Walter Van den BroeckWalter van den Broeck

Ik ben het niet eens met Walter, die nogal eenzijdig, elliptisch en buiten de context citeert. Bovendien, wat is er mis aan 'gemengde gevoelens', prettige en minder prettige gevoelens tegelijk die tot de slotsom leiden: “wat ik ervan moet denken”... ?

Op L. Adriaens, J. Gerits & F. Willaert (die een boeiende, collectieve academische bijdrage leverden), Hedwig Speliers (die poëticale beschouwingen ten beste gaf) en de dichteres Lisbeth van Thillo (schoonmoeder van Eddy van Vliet die spontaan een gedicht instuurde) na, kwamen in het NVT uitsluitend oude of recentere vrienden en weggenoten van Pernath aan het woord: Wilfried Adams, Georges Adé, Frank Albers, Fernand Auwera, Michel Bartosik, Roger Binnemans, Nic van Bruggen, Jan Christiaens, Patrick Conrad, Lode Craeybeckx, Clara Haesaert, Robert Lowet de Wotrenge, Michel Oukhow, Luc Pay, Tony Rombouts, Guy Vaes, Jo Verbrugghen en Freddy de Vree.

De aangehaalde medewerkers waren zonder uitzondering deelachtig aan een of meerdere van de zorgvuldig afgescheiden levens die Pernath tegelijktertijd leefde. Het was geenszins de bedoeling een heiligenleven op te hangen. Literaire hagiografie wordt overgelaten aan buitenstaanders.

Waarom Hugo Claus geen bijdrage leverde weet ik niet meer. Waarschijnlijk was de entourage te min voor hem. Wat Paul Snoek betreft, daar heb ik al uitvoerig over gepubliceerd. In de herfst van 1975 heeft hij aan een in memoriam-artikel gewerkt. Diende hij het in een vlaag van moedwil niet in (hij was immers – zacht uitgedrukt... -- ontgoocheld dat hij niet als opvolger van Pezrnath verkozen werd als gouverneur van Pink Poets)? Haalde hij de deadline niet? Vond hij zijn tekst niet publicatierijp – of beantwoordde het zo weinig aan de verwachtingen van de redactie dat we ons genoopt zagen het te weigeren? Ik weet het niet meer. Het typoscript van Snoeks in memoriam kon ik destijds inkijken dank zij de bereidwilligheid van Pink Poet Robert Lowet de Wotrenge. (Zie Henri-Floris JESPERS, 'Snoek over Pernath', in: Mededelingen van hetCDR, nr. 67, 21 maart 2006, pp. 2-6; nr. 68, 5 april 2006, pp. 5-10) , zo ook over de bijdrage van Gust Gils.

Walter van den Broeck leest kennelijk eenzijdig:

Maar je kan je afvragen: als in het speciale Peernathnummer van het NVTal zoveel wrevel wordt geventileerd, hoeveel wrevel Huug bij leven heeft geroorzaakt en te beurt moet zijn gevallen. En als hij dan toch zo onuitstaanbaar was, waarom werkten dan zovelen mee aan dat nummer? Omdat ze zich door hem tegelijkertijd aangetrokken en afgestoten voelden. (Het land van Pernath, p. 13).

Aantrekken en afstoten: is dat niet eigen aan alle vormen van vriendschap...?

In het proces 'afstoten en aantrekken' legt Walter van den Broeck – die een ongetwijfeld relevante en verhelderende problematiek aansnijdt – al te zeer een eenzijdige nadruk op het aspect 'afstoten'.

Dit allemaal gezegd zijnde, Walter van den Broeck reikt zonder meer een aantal belangwekkende denkpistes aan om de complexe persoonlijkheid van Hugues C. Pernath genuanceerder te benaderen.

Het belang van het ouderlijke nest? Ongetwijfeld. Maar dat was precies waar Pernath zich bewust tegen verzette.

Walter van den Broeck onderstreept:

Pernath, en als ik Pernath schrijf bedoel ik de man en zijn teksten, is aan een vrouwenschoot ontsproten. Niet aan één van de vele mooie en vooral moedige vrouwen met wie hij zich wist te omringen. Ook niet aan die van zijn moeder, ook niet aan die van zijn Filippijnse grootmoeder, maar wel aan die van zijn oude, Kempische overgrootmoeder die met stokvis en mosterd leurde en die zijn eigen moeder als kind op schoot nam en haar er als jong meisje weer van afstootte.

Uiteraard kan ik mij zwaar vergissen, maar hier ben ik het grondig oneens met Walter van den Broeck. Ik ben ervan overtuigd dat Hugues precies alles in het werk stelde om genadeloos af te rekenen met die Vlaamse achtergrond. De exotische, Filippijnse afstamming kon hem wel bekoren, de Kempische allerminst. Vandaar de bijzondere relatie met de francofiele vader en diens burgerlijk milieu die, in zijn ogen althans, een venster opende op een andere culturele dimensie.

De moeder was Hugues vreemder, hij zei het zelf, maar zij was wel een permanente toeverlaat, niet alleen financieel, maar ook om het puin te ruimen van talrijke relaties die ook wel eens aanleiding gaven tot minder prettige formele procedures. Daar vernemen we jammer genoeg niets over, vermits de memoires van Grace van den Broeck niet verder reiken dan de Tweede Wereldoorlog.

Wat er ook van zij, de Pernathlezing van Walter van den Broeck reikt een aantal bijzonder waardevolle denkpistes aan (ook wat betreft de taal van Pernath) die voor een toekomstige biograaf van ongemeen belang zullen blijken.

*

Hugues C. Pernath, de eerste gouverneur van Pink Poets, overleed in de Antwerpse privé-club V.E.C.U. op 43-jarige leeftijd in 1975.

Henri-Floris JESPERS

hcpWvdB

Het Hugues C. Pernath Fonds publiceerde eerder:

Joris GERITS, Over een soldaat, 2002, 32 blz.

Stefan HERTMANS, Volleerd als maagd, 2004, 23 blz.

Henri-Floris JESPERS, De maskers van Melpomene, 2006, 64 blz.

In de voorbije jaren verschenen op het blog van het CDR talrijke bijdragen over Pernath en zijn kring.

Partager cet article
Repost0

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche