Overblog Suivre ce blog
Editer l'article Administration Créer mon blog
13 mai 2013 1 13 /05 /mai /2013 08:53

 

80-a-William-Faulkner.jpg

William Faulkner (1897-1962)

Het programma van het komende filmfestival van Cannes bekijkend valt op – en het is niet de eerste keer – dat er weer heel wat boeken verfilmd zijn. Eén voorbeeld: As I lay Dying van William Faulkner. De verfilming is een werkstuk van James Franco, een cineast die het sociaal-maatschappelijke luik van Noord-Amerika en zijn eraan verbonden histories acceptabel maakt voor de beschaafde mens.

Addie Bundren laat haar man beloven haar lijk zo snel als ezels kunnen lopen naar haar geboorteplaats Jefferson, Mississippi, te brengen en haar daar te begraven. De roman is geschreven in de typische stijl van Faulkner, een techniek waarin de centrale personages in een stroom van gedachten, gevoelens, stemmingen, verlangens… het verhaal vertellen. Er is dus niet één ik, maar vele. Vermoedelijk focust James Franco zich op de figuur van één van de vijf zonen, Darl, die in de roman de helderste en meest precisie analyse van het thema weergeeft.

AsILayDying1940.jpg

As I lay Dying, Penguin Books, 1940

Er is – ook in ons land, want wij zijn een volgzaam volk – al een toneelversie van de roman gemaakt, en nu dus een filmversie. Het meest merkwaardige is niet dat Faulkner weer eens komt piepen, maar dat een roman aan de basis ligt van de verfilming. Er moet blijkbaar toch zoiets bestaan als een chemische formule tussen boek en doek.

Er zijn heel wat jongeren die in een wachtzaal, een koffiehuis op een tablet een boek lezen, helaas zonder kans op een clash tussen ziel en geest. De meeste die ik daarover aansprak geven dat ook toe. Na de euforie komt de nuchterheid. Een tablet is een magistraal apparaat als nieuwsbron. Voor een roman, een dichtbundel, biografie, een studieboek [in iets mindere mate] wordt nog steeds de voorkeur gegeven aan de papieren versie.

Het papier heeft nog lang niet afgedaan, ga daar maar gerust van uit. Dossiers worden op laptops gemaakt, maar eenmaal in conferentie wil elke deelnemer een geprinte versie voor zich liggen hebben. Dat valt bijvoorbeeld zeer sterk op in films en tv-series. Wat op papier staat heeft blijkbaar heel wat meer morele waarde. In de schitterende Amerikaanse serie Homeland, par exemple, kijkt een heel team naar het scherm van een laptop waarop de foto van een terrorist verschijnt. Waarop de teamleider zegt: ‘Send it to the military adviser of the president. - No, not by the e-way? Print it and ask for one of those errands. That’s more safe. And do it now, boy.’

Een blad papier, een boek blijkt dus nog steeds een magische uitstraling te hebben. Wat niet het geval is voor een dag- of weekblad? Er wordt moord en brand geschreeuwd en paniek is niet uit de lucht. Gaat de krant, het weekblad verslagen worden door de nieuwste nieuwssnufjes van de virtuele wereld? Allerminst. Beide hebben een volwaardige rol in de gemeenschap. De paniek zal verdwijnen, en dus ook het rumoer, eenmaal de juiste verhouding tussen scherm en papier een feit is. Het einde van de oorlog zit hem in de meest logische synergie tussen de systemen. Een vredesverdrag waar men naar zoekt, maar dat momenteel nog niet gevonden is.

Eigen ervaring heeft me veel geleerd. Tot voor een jaar was ik een verwoed papierman, maar zonder internet kan ik niet meer werken. Internet is het ideale communicatiemiddel om wat op papier komt meer body and soul te geven. Eenzelfde mening heeft de allergrootste auteur van de spionageliteratuur, John le Carré. In het dankwoord van zijn laatste boek [boek!], A Delicate Truth [Een broze waarheid] worden enkele journalisten en jongeren vernoemd. Hij is the old man, niet vertrouwd met de nieuwste omwentelingen van de e-way, en moet voor zijn research noodgedwongen maar gretig beroep doen op de jongere generatie, die daar wel beslagen in is.

Het boek blijft dus een onmisbaar element in het culturele landschap. Je geeft je partner met haar/zijn verjaardag, bijvoorbeeld, geen kunstwerk of juweel cadeau in de vorm van een desktopimage. Nee, een cadeau moet meerdimensionaal zijn. Dat is wat cineasten ook doen. Ze maken geen film voor een laptop maar voor een groot scherm, in een zaal, met een [liefst] flinke bezetting. Dat hun kunstwerk, hun cadeau, later op dvd uitkomt wordt bestempeld als een tweede leven; een leven met kassagerinkel maar zonder meerwaarde.

Wat voor films geldt, gaat ook op voor tv-series. Zij worden specifiek gemaakt voor de huiskamer. Toch hebben de beste series ook een boek – of boekenreeks – als inspiratiebron. Zoals The White Queen, een nieuwe BBC-serie gebaseerd op de vervolgromans van de Britse schrijfster Philippa Gregory. En hoe vaak gebeurt het niet dat een serie in een bioscoop een marathonvoorstelling beleeft? Het is een opwaardering, een erkenning van het hele productieproces. Van boek tot doek.

Een boek op het doek, klein of groot, het valt niet te ontkennen, blijft dus het zaad van de macht van de film. Het bekende maar tegenwoordig beschouwd als verouderd wapen van de regisseur, de crew and the cast. Fout! Ik zie nog altijd de verbaasde gezichten voor me toen ik jaren geleden jonge mensen bij een schoolregie vertelde dat zelfs een soap vertrekt van een script… naar de geest en in de vorm van een boek.

Guido LAUWAERT

Partager cet article

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans cinema
commenter cet article

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche