Overblog Suivre ce blog
Editer l'article Administration Créer mon blog
17 décembre 2009 4 17 /12 /décembre /2009 18:19

Prof. dr. John Stadt, (Applied Linguistics, Hong Kong University) deelt enkele herinneringen “aan een goede vriend, begenadigd schrijver, uitzonderlijk vrijdenker en eminent collega linguïst” mee.

John Stadt heeft slecht geslapen

 Beste Herman, helaas ben ik niet in staat om jouw afscheid van het grote podium in persona bij te wonen. Vandaar deze verbale omhelzing in het Nederlands, een taal bij uitstek jouw taal.

Allereerst wil ik alle aanwezigen daar in de Dolle Mol er op wijzen dat er een wet bestaat die het schrijvers verbiedt om zomaar 'afscheid te nemen'. Niet alleen is het fysiek onmogelijk zo's te doen, maar bovendien eens opgenomen in dat mysterieuze en amorfe fluïdum genaamd taal, kom je er als communicant niet zo makkelijk vanaf. [...] In den beginne was er het woord en wat rest zijn altijd meer woorden. Woorden zijn tastbare dingen die een eigen kleur en smaak hebben. Zij zijn als dierbare vrienden of gevaarlijke vijanden, woorden kunnen genezen, vertederen, verontrusten, liefhebben en soms zelfs verwonden of doden. Het is aan de schrijver een passende functie voor hen te vinden.

Dit dus even als een woord van troost aan hen die niet in de kracht van het woord geloven.

 claeys-2.jpg

Nu Herman zelf. Het is alweer zo'n 15 jaar geleden dat ik Herman voor het eerst tegenkwam, het was 1995. Hij stelde zich belangeloos beschikbaar om in Den Hopsack mijn gemankeerde debuutbundel Radioduin te presenteren. Met zijn mooie gedragen, bijna gereformeerd stemgeluid las hij voor uit het verhaal 'IJstijd'. Zijn diepe timbre voorzag het fragment net van de juiste lading waardoor het verhaal meer kracht kreeg dan het bezat. Ik beschik nog ergens over een geluidsopname van die presentatie, maar het beeldmateriaal van dat evenement ging helaas verloren in de godenschemering van een fout ingestelde flitser die telkens 1/10de van een seconde later in gang schoot dan de sluiter.

Het was voor mij en voor de andere auteurs (en illustrators) die deelnamen aan project “De Gebeten Hond” een grote eer om Herman daar op dat moment in ons midden te hebben. Hij gaf het geheel gewicht en aanzien. Maar het was pas tijdens latere ontmoetingen dat ik Herman ten volle ben gaan waarderen. Aan de toog van de onvolprezen Hopsack knalden wij de bollekes Koning tot diep in de nacht achterover. Dit tot wanhoop van Hanneke, de kasteleine die met rode oogjes het café openhield tot de laatste klanten naar buiten vielen. Met onze schoenzolen plakkend van het gemorste bier en Hermans frontje grijs van de sigarettenas, voerden wij soms verhitte gespreken over etymologie, taalgeschiedenis en cognitieve-linguïstiek. Moeiteloos omschakelend naar het Zweeds, oud-Noors of het Visigotisch om te citeren uit de Eddah of de Ulvila codex. Herman was en is een van de weinige mensen die zich de ware diepte en rijkdom van de Germaanse talenschat realiseerde en deze ook kon overbrengen aan anderen. Herman alleen al daarom bedankt voor die bijzondere ontmoetingen. Enne...., wacht nog even met van dat podium afstappen, ik heb mijn flitser namelijk deze keer 1/10de sec. sneller ingesteld om dat beeld van jou daar aan die toog voor altijd te mogen koesteren.

Bedankt vriend!

John STADT

Partager cet article

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans littérature
commenter cet article

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche