Overblog Suivre ce blog
Editer l'article Administration Créer mon blog
23 avril 2009 4 23 /04 /avril /2009 05:12

Hoe andere lezers van Boelvaar Poef erover oordelen weet ik niet, maar de stelselmatige, eindeloze en chagrijnige kritiek op het Verzameld werk van Boon begint stilaan mijn keel uit te hangen.

Gelukkig staat er in Boelvaar Poef ook nog wat anders te lezen dan dat vervelende gevit. In zijn bijdrage over “Vergeten straat op het witte doek” komt Stephan Borggreve tot de (al bij al nog milde) conclusie dat de “kleurloze verfilming maar half geslaagd te noemen” is. (Ik mis wel de technische fiche van de film van Luc Pien, 1999).

Onder de titel “L.P. Boon als ontspoord filmcriticus”publiceerde Wim de Poorter al vier stukjes in Berichten uit Boonland, de voorloper van Boelvaar Poef. De vijfde bijdrage over Boon als cinefiel handelt over diens Bittere rijst en Giuseppe De Santis' Riso amaro (1949).

Aanvankelijk stond Catharina de Lil zeer sceptisch tegenover Daens, de musical: “Hoe kon een theatervoorstelling met wat liedjes de film nog maar benaderen?” Uit haar impressie blijkt nu dat ze overrompeld werd. Ze haalt dan ook fel uit tegen wie er een andere mening op nahoudt...

In Nederland, een land met een musicaltraditie, is de musical Daens “gekraakt”, totaal afgebroken, vernietigend bekritiseerd. En dan? Wij zijn het gewoon dat producten van Vlaamse bodem in Nederland weggehoond worden omdat ze zogezegd niet goed.

Wat niet goed? Muziek? Tekst? Spel? Ensemble? Wij Vlamingen zijn de Daensisten van het genre en de Hollanders, de uit de hoogte neerkijkende anderstalige bourgeoisie die het niet kan pruimen kan dat ze beneden de Moerdijk hun eigen “Misérable” (sic) gemaakt hebben.

Boelvaar Poef brengt een bewerking van de Bert Vanheste-lezing die A.M.A. van den Oever hield voor het L. P. Boongenootschap te Nijmegen op 29 november 2008: “Goede raad is duur”. Het gaat om een aantal kanttekeningen bij haar eerder verschenen boek (Het leven zelf. Louis Paul Boon als romanvernieuwer, Antwerpen, Wever en Bergh, 2007 – cf. “Door de leesbril bekeken”, in: Mededelingen, nr. 103, 17 oktober 2007, pp. 17-18; en: Ivo Machiels, Boon en zijn eigen leven zelf. Een kipkap-recensie, ib., nr. 104, 31 oktober 2007, pp. 8-11).

Boons Aalsterse kunstbroeders” Maurice Roggeman en Robert Van Kerkhove worden opgeroepen door Willem M. Roggeman. Een achttal reproducties confronteren de eerder verstilde expressionistische Roggeman met een duidelijk door de sfeer van het animisme geïnspireerde Van Kerkhove.

Schrijverslandschappen” en het herlezen van De Kapellekkensbaan vormen de schijnbaar onschuldige aanleiding tot een bewogen en helder geformuleerd essay van de vaak gelauwerde Willem van Toorn, redacteur van Raster, ongetwijfeld de meest pregnante bijdrage.

We moeten de nieuwe lezers van Boon niet gaan uitleggen hoe het vroeger was”,stelt hij vast, immers:

in wezen is er niks veranderd dan dat het rookgordijn voor het rijk van de gewetenlozen wat dikker is geworden. […] Want de wereld is groter geworden dan de Kapellekensbaan, heel veel groter. Maar wezenlijk veranderd is hij niet.

De “Herdruk van een mislukt meesterwerk”, Abel Gholaerts. wordt besproken door Gerard F. G. Raat.

HFJ

 

Boelvaar Poef, jg. 9, nr. 1, maart 2009, 79 p., ill., 8,50 €. ISSN: 1377-4980.

Boelvaar Poef wordt ten behoeve van het L.P. Boon Genootschap uitgegeven door de Stichting

Isengrimus, Utrecht. Secretariaat: Geert Goeman, J.V. Biesbroeckstraat 26, B 9050 Gentbrugge.

Partager cet article

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans histoire de la littérature
commenter cet article

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche