Overblog Suivre ce blog
Editer l'article Administration Créer mon blog
6 mars 2009 5 06 /03 /mars /2009 01:35

Nu ik Jan de Roeks verzameld werk gedrukt voor mij zie liggen, een band poëzie en een band essays – een royale uitgave van de Antwerpse Pink Editions & Productions verzorgd door Michel Bartosik pp, Jef Barthels en Michel Dupuis – gaat er opnieuw een wereld open.

Jaren heb ik met een door Jan verbeterd typoscript van het monumentale gedicht 'Jeunesse dorée' geleefd; uiterst zelden las ik er voor vrienden uit voor, terwijl we toch zovele avonden besteedden aan geliefde, minder geliefde en onbewust komische dichters. Neen, deze map was er enkele voor eigen gebruik, met de jaren een vertrouwd object, een deel ook van mijn innerlijke wereld en van mijn jeugd. Een tastbare, gevoelige présence.

Nu ik deze gedichten bekijk, gezet – o ironie – uit de Life en gedrukt te Weelde, besef ik plots dat Jan inderdaad al negen jaar dood is. Dood. Ik heb de map met het typoscript, enkele foto's en briefjes voorgoed opgeborgen en Jan in mijn bibliotheek tussengeschoven, grijs linnen naast rood (Patrick Conrad pp), blauw (Roger M.J. de Neef) en lichtpaars (Freddy de Vree) linnen. Binnenkort zal ik bij diezelfde PEP-reeks Michel Bartosik pp en Marcel Obiak kunnen voegen. Het toeval is geen toeval – en hoe kan je boeken anders dan toevallig rangschikken (tenzij je pedant bent of ongeletterd, wat overigens vaak samenvalt).

Schaarser dan het toeval, dat naar het woord van Novalis niet ondoorgrondelijk is en met regelmatig terugkomt, is de surrealistische coïncidentie. Toen ik enkele jaren geleden Hugo Friedrichs Die Struktur der modernen Lyrik even raadpleegde, vond ik er een naamkaartje van Jan tussen de bladzijden, met de volgende woorden, in zijn haast cuneïform handschrift: 'Slechts de dood maakt / de levende zichtbaar'. Een variante op Pierre Drieu La Rochelle: 'Je sais bien qu'on vit mieux mort que vivant dans la mémoire de ses amis'.

Jans handschrift was inderdaad een spijkerschrift: elk woord dat hij schreef was als gekrast met een puntig stukje metaal. Hij kon de spijker op de kop slaan, spijkers met koppen slaan. En, soms, zo hard zijn als een spijker. Juist zeggen waar het op aan komt, doortasten en zich onverzettelijk opstellen: kenmerken van de vrije geest. Van een innerlijk kwetsbaar, neen, gekneusd man.

Jarenlang, telkens ik mij naar een begraafplaats begaf – ik heb immers vroeg met mijn doden moeten leren leven – dacht ik aan Jan, aan de lange voettocht door Boom onder een bleke doch warme zon. Soms, wanneer ik Michel B. of Marcel B. gadesloeg of beluisterde, zag of hoorde ik Jans intonatie en gebaren.

En nu ik enkele foto's bekijk, hoor ik opnieuw zijn stem, die ik ooit omschreef, faute de mieux, als een 'BlackVelvet'-stem.

1963. Een trio: Jan de Roek, Henri-Floris Jespers en Eddy van Vliet, op de dag van de presentatie van Patrick Conrads Cezar & Jezabel. Kort haar, mager, burgerlijk pak.


1965. Een instant foto, begin juli gekiekt in een Grieks café (Akropolis, Koolkaai, Antwerpen) met, aan tafel, de rug tegen de muur, van links naar rechts, Jan de Roek (strak kijkend naar de camera), Henri-Floris Jespers (met roos in het knoopsgat), Jean-Pierre Decarpentrie (alias Christophe), Suzanne de France (toen nog uitgeefster van het door haar echtgenoot, Frédéric de France – bijgenaamd 'Louis XV en ballade' – tot bloei gebrachte en later stilaan wegdeemsterend weekblad Le Courrier d'Anvers) en, op de voorgrond, on profiel links, een vriend van Jan wiens naam mij nu niet te binnen schiet (beroep: kleermaker) en, rechts, 'Pierrot' Herbosch en zijn vrouw Marysa.

1969. Deelnemers aan een panelgesprek aan de Nijmeegse universiteit, georganiseerd door het Doorluchtig Gilde Achter 't Vercken: Jan de Roek naast Michel Bartosik, Paul de Vree, Henri-Floris Jespers, Patrick Conrad, Nic van Bruggen en moderator Maarten van Nierop (+1979).

Hoeveel uren hebben we niet samen gesleten in Antwerpen, Brussel, Hasselt, Gent en Boom? Hoe vaak hebben we niet de literatuurbeschouwing voorgoed – de tijd van een vluchtige, lange avond – in nieuwe banen geleid? En veeleisend dat we waren, en zelfverzekerd! Vlijmscherpe bulla's, dwingende plakkaten en plechtige encyclieken behoorden, met niet te luwen enthousiasme, vernietigende ironie en wellustige zwaarmoedigheid, tot ons dagelijks doch nachtelijk arsenaal. We beschikten overvloedig over alle hatelijke kwaliteiten en verrukkelijke arrogantie van de jeugd.

(1980)

Flash-backs


Van l. naar r.: Jeanine Terpougoff, Angèle Vannier, HFJ

1 december 1962. De blinde dichteres Angèle Vannier (1917-1980) was door het grote publiek vooral bekend als schrijfster van 'Le chevalier de Paris', een chanson gezongen door Edith Piaf en hernomen door Yves Montand, Catherine Sauvage, Frank Sinatra en Marlène Dietrich. Op mijn uitnodiging trad ze op 1 december op in de bovenzaal van Café Liberator aan de Comedieplaats in Antwerpen. Ik stel haar voor aan Jan de Roek en Henri Ronse.

Oktober 1964. Henri Ronse en ik organiseren in het AMVC te Antwerpen een colloquium met als thema 'L’année dernière à Mariënbad' van Alain Resnais. Deelnemers waren o.m. Henri Chopin (+), Dirk Claus (+), André Desramaux, André Guimbretière (+), Paul Neuhuys, (+) Julien Vandiest, Angèle Vannier (+), Freddy de Vree (+) en Paul de Vree (+). Ik herinner me alleen maar de luidruchtige interrupties van Henri Chopin vanuit de zaal.

1968, colloquium over Paul van Ostaijen in het Museum voor Schone Kunsten te Antwerpen. Deelnemers, voor zover ik me herinner: Gerrit Borgers (+), Phil Mertens (+), Paul Hadermann, Jean F. Buyck, HFJ en Jan de Roek.

18 december 1968. Poëzie-avond in de 'cité' de Vrije Universiteit Brussel. Jean Weisgerber aanwezig, Patrick Conrad en Michel Bartosik nemen aan de read in deel. Jan de Roek brengt (een voorlopige versie van) 'Don Juan'. Werner Spillemaeckers maakt een verpletterende indruk. Hij leest de cyclus 'Orchidee' (verschenen in Artisjok, I, 1, 31 januari 1968). De onverbiddelijke ontvouwing van een aantal variaties – tot de omkering toe – neemt de allure aan van een feilloze taalmachine die eigen wetmatigheden stelt. Maar de harde kern van het lyricon blijft een adamanten zuiverheid vertonen. Eigen scansie. Assonanties. Sonore constellaties. Het optreden van een dichter.

Januari 1969. Jan de Roek publiceert 'Don Juan', een van zijn belangrijkste gedichten, in Artisjok. Tegen de tijdsgeest in (het eerste nummer verscheen op 31 januari 1968) had uitgever Werner Spillemaeckers gekozen voor een typografisch en druktechnisch uiterst verzorgde uitgave. Jan Prinsen tekende voor de lay-out en de cover. In dezelfde aflevering verscheen het gedicht 'Middeleeuwen en motoren' van Michel Bartosik (1948-2008). Jan verwachtte heel veel van

Michels talent en introduceerde hem stelselmatig bij zijn literaire kompanen.

Ondertussen had ik in gezelschap van Jan de destijds beruchte kroeg De Skalden in Hasselt bezocht. Het kunstcafé maakte als het ware deel uit van een alternatief archipel: Trefpunt (Gent), De Mok en De Muze (Antwerpen), De Verloren Zoon (Mechelen), Nieuw Babylon (Brugge), Ranonkel (Turnhout), De Dolle Mol (Brussel). Het was daar in De Skalden dat Jan mij voorstelde aan Jef Sprankenis (1943-2003), een belezen, eigenzinnige excentriekeling die van het verlammende klimaat van Hasselt baalde en per se naar Antwerpen wilde uitwijken. Op herhaald aandringen van Jan wierf ik hem aan als halftijdse medewerker. Zo kwam Jef naar Antwerpen, waar hij enkele maanden later de kwaliteitsboekhandel De Groene Waterman oprichtte en vriendschap sloot met Ivo Raes, de zoon van Gaston Burssens.

De vroegere uitbaatster van De Skalden 'El' (Elisabeth Hilkens) zou zich later herinneren:

Jan was de enige leraar van de normaalschool die de geruchten over “een te mijden kroeg” aan zijn laars lapte. Als hij binnenkwam scheen de zoon.

Toen ik na de overname, enkele jaren het contact met al mijn vrienden verloren had, hoorde ik in ’71 (ik werkte toen bij Kunnen) op de radio dat “Jan de Roeck (sic) was omgekomen”. Ik schrok behoorlijk, maar maakte meteen de bedenking “Hoeveel Jannen waren er in België die de Roeck (sic) als familienaam hadden, het zal mijn Jan niet zijn”.

Ik zal zijn humor nooit vergeten, de manier waarop hij een biertje bestelde, zijn gegniffel.

Februari 1969. In De Tafelronde (redactie: Henri Chopin, Freddy de Vree, Paul de Vree, Henri-Floris Jespers) verschijnt een gedicht van Jan de Roek onder de titel 'Jeunesse dorée'. In dezelfde aflevering publiceert Michel Bartosik een bespreking van A Prison Song in Prose van Gerard Kornelis van het Reve. Jef Sprankenis beveelt Waarom kinderen altijd willen dat de Indianen winnen aan, een bloemlezing uit het Nijmeegs Universiteitsblad (NUB) en uit Vox Carolina samengesteld door Hugues C. Boekraad, Pé Hawinkels en Michel J. van Nieuwstadt.

Februari 1970. Shaffy-theater te Berchem (gerund door Guido Lauwaert): een woelige solidariteitsverklaring met de stakende mijnwerkers in het Limburgse steenkoolbekken. Op het podium: Julien Schoenaerts (1925-2006), Marc Vermeulen voorzitter van de Studiekring Vrij Onderzoek van de VUB) en Henri-Floris Jespers, inleider en moderator. Paul de Vree (1909-1982) bijt als ouderdomsdeken de spits af. Mijningenieur Gerard Slegers (1927-2005), de populaire stakingleider, treedt onder het daverend applaus het sjofele theaterzaaltje binnen en betreedt het podium. Jef Geeraerts ziet in een algemene staking die moet leiden tot federalisme de enige

oplossing. Teksten van Walter Roland, Roger M.J. de Neef, Willem M. Roggeman, Ludwig Alene, KP-Provincieraadslid Jan De Brouwere... Acteur Jo Coppens rakelt nog eens de incidenten (met Julien Schoenaerts) in de Antwerpse KNS op. Henri-Floris Jespers intervenieert krachtig: 'We zijn niet bijeengekomen om onderlinge vetes uit te vechten'. Gerard Slegers: 'Van ruzies tussen de mijnwerkers en het patronaat ben ik in onderlinge ruzies tussen kunstenaars verzeild!' Marcel van Maele, Herman J. Claeys, Rudy Witse...

Jan de Roek leest monotoon en monochroom het lange gedicht 'In hoc signo' voor. Hij wordt door de zaal onderbroken, wordt bijna op awoertgeroep onthaald. Hij is lijkbleek, leest onverstoorbaar verder. Zijn handen trillen. Jespers kapittelt de zaal, hierbij bijgestaan door Slegers.

Julien Schoenaerts brengt enkele losse gedachten. Ondertussen blijkt dat geldinzameling 7.300 F opgebracht. Slegers dankt namens de 23.000 stakende mijnwerkers.

'Onder het zachte, monotone en bezwerende fluitspel van Cochius loopt het Shaffy-theater leeg', zo besluit Stan Lauryssens zijn artikel in De Nieuwe Gazet van 16 februari 1970.

Heeft Stan de legende bij de foto bedacht: 'Initiatiefnemer Henri-Floris Jespers en stakingleider Gérard Slegers, of: het woord en de daad broederlijk naast mekaar'? Dat zal wel.

In de zomer van 1970 publiceert De Tafelronde een nummer gewijd aan de Franstalige Antwerpse schrijver Guy Vaes. De bijdrage van Jan de Roek, het gedicht '64 façons de contempler Guy Vaes suivies d'une certitude ou presque'

In datzelfde jaar 1970 verhuisde Hugues C. Pernath (1931-1975) naar een ruim appartement aan de Otto Veniusstraat, en Pruts nam zijn appartement aan de Ommeganckstraat over. In de slaapkamer hoorden we de leeuwen in de Dierentuin brullen. Datzelfde jaar huwde Hugues met Myra Vecht, de Joodse vrouw die haar kinderjaren in het concentratiekamp van Theresienstadt had doorgebracht. Voor haar schreef hij 'De rimpels van augustus', een cyclus die ik met hem naar het Frans vertaalde. Jan de Roek zou de Duitse vertaling voor zijn rekening nemen, maar het lot besliste er anders over.

Romi Goldmuntzcentrum, Antwerpen, 11 februari 1971. Read-in met o.a. Nic van Bruggen, Patrick Conrad, Gust Gils (1924-2002), Hugues C. Pernath, Paul, Snoek (1933-1981), Laurent Veydt (1936-1992), Eddy van Vliet (1942-2002). Bij wijze van inleiding leest Jan de Roek 'Dien avond'. Naast hem, een spook van Albert Szukalski waarvoor Patrick Conrad model stond.

In het kader van de Vlaamse poëziedagen te Deurle-aan-de-Leie hielden Rein Bloem en ik op zaterdag 5 september 1971 een lezing over het maniërisme. Jan de Roek was de vrijdagnacht brutaal overleden, slachtoffer van een gruwelijk verkeersongeval. Aanvankelijk was ik met Jan afgesproken dat we op vrijdag namiddag naar Deurle zouden rijden, daar feestelijk gaan tafelen en overnachten om dan 's zaterdags fris en monter aan de literaire parade deel te nemen. Woensdag 2 september liet Jan mij weten dat we toch niet 's vrijdags zouden vertrekken: hij ging die avond naar een huwelijksfeest... Uiteindelijk reed ik naar Deurle met Clem Schouwenaars (1932-1993) en Toon Brouwers.

Het was daar, in Deurle, dat een diep ontroerde Clara Haesaert ons tien uur 's ochtends bij wijze van begroeting het overlijden van Jan meldde. Het was daar, in Deurle, dat ik Line Lambert ontmoette, die in de tuin van het kasteeltje van burgemeester dr. Antoon de Pesseroey (1917-1979) minzaam de genodigden begroette. Ze was klein van gestalte maar straalde niettemin iets junonisch uit. Een vrouw met karakter, dat zag je meteen. Het was daar, in Deurle, dat Freddy de Vree (1939-2004) mij bij zijn aankomst rond 12 uur een akelige droom over een verkeersongeval vertelde. Ik verdacht hem eerst van misplaatste galgenhumor. Maar neen. Hij was erg aangedaan. Achteraf bleek het om een premonitoire droom te gaan. Een jaar later werd hij in precies de gedroomde omstandigheden zelf het slachtoffer van een accident, waarbij zijn mede-inzittende het leven verloor.

Coda

1 februari 1973, restaurant La Rade, Antwerpen. Michel Bartosik wordt plechtig geïnstalleerd als Pink Poet. Hij spreekt zijn dankwoord uit:

Vier jaar geleden sprak een Pink Poet avant la lettre, Jan de Roek, mij als volgt toe:

'Wees niet bang. Het woord vaderland heeft geen betekenis; wij zijn allen voortvluchtigen tot wij in elkanders armen vallen, in elkanders armen vallen. Kom, wij verwachten u in deze verlaten weelde als één der onzen.'

En boven deze tekst schreef hij: Ganymedes.

Mijn taak als wijnschenker heb ik vanavond voor de laatste keer volbracht.

Ganymedes is tenslotte even mooi als de goden. Pink wordt men niet: men is het.”

Henri-Floris JESPERS

(24 februari 2009)

Partager cet article

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen - dans histoire de la littérature
commenter cet article

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche