Overblog Suivre ce blog
Editer l'article Administration Créer mon blog
15 avril 2008 2 15 /04 /avril /2008 13:25

Naar het einde van de winter van 1926 komt Paul Joostens tot een ontgoochelend inzicht. Hij deelt Seuphor mede:

“Je ne suis bon à rien. Le qu’attend t’on et le qu’à quoi bon et le tout à l’eau et le juste assez tout cela fait que se lever, se laver, marcher tout est de trop. Alors on lit les journaux. Sur les journaux on lit : on demande - offre d’emplois etc. mais ce n’est pas tout cela, c’est la ‘Nonchalance‘. ‘La nonchalance’ mène à tout à condition d’en sortir. La question se pose : En sortira-t-on ? Ensortiraton – Ensor tira ton – Tiron taine ton ton. Et ainsi de suite. (…)  Ma carrière artistique se termine en 1923. Je me survis depuis. (k.v.m.) Tout est couru et il ne sert plus de courir car on part toujours en retard.”

Maar zowat een halfjaar later, eind 1926, slaakt hij een vreugdekreet: “Poupoule fait de la peinture (…). Son seul modèle et père nourricier est le grand et unique Memling. (…) Chaque jour mes yeux baignent la Pureté des Primitifs au soleil nègre. (…)  Peinture = Plénitude absolue.”

De crisis was overwonnen, de gotiek zal Joostens nooit meer loslaten.

&

Een aantekening uit Joostens’ dagboek van 1929 illustreert zijn opvattingen en bewijst ten volle dat, naast scheldkanonnades, deze fulminator van formaat ook scherp redeneren kon. De formulering is nogal onhandig en verward – het gaat hier immers om een echte dagboekaantekening, niet om een op publicatie afgestemd afgerond betoog – maar de gedachtegang is wel degelijk strak.

In de middeleeuwen, zegt Joostens, was het geloof de kern van een allesomvattend wereldbeeld. De kunst was uitstraling was en gaf plastisch vorm aan dat afgetekend geheel. Vandaag is het geloof een zoeken naar het transcendentale, naar het bovenzinnelijke, naar het overschrijden van de ervaring. Daarbij speelt de culturele traditie – lees: de christelijke overlevering – onderbewust een rol, ook al als reactie op het overheersend materialisme.

Zowel de kunst van de Primitieven als die van de kubisten en expressionisten wordt voortgebracht door de geest die de natuur bedwingt, onderwerpt, disciplineert. De naturalistische kunst, de kunst als zuivere weergave van de natuur, is geen product van de geest, maar van de zinnelijkheid. Aldus wordt de natuur gediend. Die vorm van sensuele slavernij wordt door Joostens afgewezen.

Vandaag mondt het individueel, neen, het individualistisch metafysisch streven uit in een nieuwe vorm, een nieuw geheel. Vroeger bepaalde de metafysica de vorm, vandaag komt de metafysica uit de plastische vorm tevoorschijn. Het schilderij kan tegelijkertijd gotische en kubistisch-expressionistische elementen verenigen, vermits zowel gotiek als kubisme voortgebracht worden door de geest – in tegenstelling tot de natuurgetrouwe kunst, product van louter zinnelijkheid. Een schilderij dat de natuur nabootst is dus geen godsdienstig schilderij.

De gotiek staat voor Orde en Geest – met hoofdletters –, niet voor temperament, handigheid, laat staan virtuositeit (kenmerken die door de bourgeois op prijs worden gesteld)   maar voor overweging, overdenking, doordachtheid, dwingende schikking. De spitsboog, het ogief, symboliseert daarbij de betrachting van de mens zich te beschermen tegen het bepaalde, het onbestemde – “l’Indéterminé”, ook al met hoofdletter. In die zin biedt de gotiek geborgenheid en rust. Uit het hoge kerkschip waar de mens zijn eigen god kon zijn, was het onbepaalde, het onbestemde immers verbannen. De geruststellende tucht van de gotiek werd door de Renaissance tenietgedaan.

Tijdloosheid, beslotenheid, orde en geborgenheid zijn de vier hoofdkenmerken van Joostens’ visie op de gotische wereld, op zijn eigen gotisch universum waarin de architectuur primeert op de godsdienstigheid. Bovendien wordt de mystiek om de mystiek beleden. Hij stelt uitdrukkelijk:

“On se fait une idée de la mystique comme d’une croyance dogmatique. Or nos plus grands mystiques du Moyen-Âge sont des individualistes, la plupart du temps en marge de la doctrine catholique “.

Het opnieuw aanknopen bij de gotische traditie houdt tevens een vorm van bewuste provocatie in. Joostens maakt een lange neus ter attentie van zijn vroegere kompanen en weggenoten, voor wie hij nog slechts misprijzen koestert en met wie hij – op Paul Neuhuys na – onherroepelijk breekt.

Henri-Floris JESPERS

Partager cet article

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen
commenter cet article

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche