Overblog Suivre ce blog
Editer l'article Administration Créer mon blog
5 mars 2008 3 05 /03 /mars /2008 05:31

 

Gust de Muynck, bestuurder van de Vlaamsche gesproken Uitzendingen, stelde in 1931 Gaston Burssens voor op zaterdag 11 juli een kwartier te komen voorlezen uit eigen werk. “Moest gy het hiermede eens zyn, dan zou ik u willen vragen my zoo spoedig mogelyk te laten weten, wat gy denkt te lezen? – Wy zouden u hiervoor, buiten uw reiskosten in tweede klasse, een vergoeding van 200 Fr. kunnen toekennen.”[1]

Vijf dagen later beantwoordt De Muynck de brief van Burssens de dato 9 juni: “De stukken, die gy eventueel zoudt voorlezen moet ik inderdaad een paar dagen op voorhand ter inzage ontvangen, dit volgens de wet. Gelieve ze dus tydig in te zenden.”[2] Op 29 juni schrijft De  Muynck een derde brief: “Deze om u er aan te herinneren, dat gy aangenomen hebt voor onze luisteraars uit uw eigen werk voor te lezen op Zaterdag, 11 juli a.s., van 19u.15 tot 19u.30. Mag ik u verzoeken my de tekst te laten geworden tegen Donderdag, 9 Juli a.s.-“[3]

 

Hierna volgt de tekst van de bij dit dossiertje horende “wenken voor de sprekers.

 

WENKEN VOOR DE SPREKERS

Het Studio van de Vlaamsche gesproken Uitzendingen van het Nationaal Instituut voor Radio-Omroep bevindt zich in de Bolwerkstraat, 1a, Brussel (tusschenverdieping). Van het Noordstation Brussel gemakkelijk te bereiken met trams 14, 15, 10 of 16. Duur van de tramrit: ¼ uur. Afstappen aan de Naamsche Poort.

 

De sprekers worden verzocht steeds enkele minuten voor den aanvang van hun spreekbeurt ter plaatse te zijn. Moesten zij onverwachts belet zijn te komen, dan worden zij verzocht, dit hetzij telegrafisch, hetzij telefonisch te melden.

 

De sprekers(sters) voor de mikrofoon ontvangen van een der leden van den staf vóór den aanvang van de voordracht enkele aanwijzingen, die bij het spreken nuttig kunnen zijn.

 

In het algemeen geldt de raad om te spreken, zooals men gewend is in kleinen kring te spreken en om zooveel mogelijk te trachten den indruk van “voorlezen” van een manuscript te mijden. Men bedenke, dat bij het “omslaan” der blaadjes papierritselen gehoord kan worden.

 Belangrijke schommelingen in de stem-sterkte komen de duidelijkheid van de weergeving niet ten goede. Dit beteekent natuurlijk niet, dat men alles op denzelfden toon moet lezen, want meer nog dan de toehoorder in een voordrachtzaal heeft de luisteraar een hekel aan eentonigheid in het voordragen. Overigens stelt het “radio-spreken” geen bijzondere eischen. Zorgvuldig en niet te snel spreken, wordt, onder alle omstandigheden, dus ook voor de Radio-mikrofoon op prijs gesteld.

 

De sprekers(sters) worden verder in kennis gesteld met de volgende regels van het Omroephuis:

 

1° Er mag in het Studio niet gerookt worden.

 

2° Het aangaan van de roode lamp in het Studio beteekent, dat de mikrofoon ingeschakeld is en er met het spreken kan begonnen worden.

 

3° Vrienden, familie of kennissen, mogen niet gegroet worden; in het algemeen mag de spreker(ster) zich niet richten tot bepaalde personen of groepen.

 

4° De naam van een handelsfirma, vereeniging of instelling mag niet genoemd worden; evenmin een merkartikel; in ’t kort: iedere opzettelijke of toevallige reklame voor eenig goed of eenigerlei onderneming moet zorgvuldig worden vermeden.

5° De tekst van een te houden lezing moet minstens drie dagen op voorhand ingezonden worden.

6° Het opgeven van eigen, ja van eenigerlei adres voor het bekomen van nadere inlichtingen over den inhoud van de lezing is niet toegestaan; evenmin het verwijzen naar eigen werken of zaken. Indien opgevat van een adres noodig is, moet het steeds het N.I.R., Dienst der Vlaamsche gesproken Uitzendingen, Bolwerkstraat, 1a, Brussel zijn, dat als adres wordt genoemd van degene tot wie men zich kan wenden. Dit echter alleen na voorafgaandelijk overleg.

7° Alleen aan de spreker(ster) kan toegang worden verleend tot het Studio. Slechts wanneer daarvoor tevoren toestemming is gegeven door de Directie der Gesproken Uitzendingen kan ook voor metgezellen van den spreker de toegang worden ontsloten.

De sprekers(sters) gelieven stiptheid te betrachten in het beëindigen van de voordracht. De eisch van een regelmatige afwikkeling van het omroep-programma en de rechten van opvolgers maken, dat tijdsoverschrijding niet kan worden toegestaan. Bij ernstige tijdsoverschrijding zal mikrofoon-afsluiting niet kunnen uitblijven.

9° Aan het slot van de voordracht wordt men verzocht tweemaal op de zich op de tafel bevindende bel-knop te drukken. Om het studio te verlaten wacht men even zonder gerucht te maken tot de roode lamp uitgaat.

10° Na het uitspreken van de voordracht, wordt in opdracht van het N.I.R. aan de(n) spreker(ster) een enveloppe met honorarium overhandigd. In dit omslag is een kwijtschrift gesloten, dat gaarne terstond geteekend wordt terugontvangen.

 &

Op de achterkant van de eerste brief van het N.I.R. had Burssens een advertentie geschreven:

 

“Voor u, dames, is het van het hoogste belang niet alleen matte handen, maar nog glanzende nagels te hebben. Wie kent niet de muziek der nagels, de vijf uren van de cocktail, de gamma van de klederdracht, het rythme van de shake hands – vloeibare harmonie langs de cocktailglazen, dansende spiegeling van glanzende nagels in het brein van uwe oude en jonge aanbidders. Voor al uwe toiletartikelen, intieme zowel als uiterlike wendt u in vertrouwen tot (onleesbaar) Vercammen-Pompadour.”

 

Burssens zou later nog enkele advertenties schrijven voor de eigen producten van zijn zeepziederij.

 



[1] Brief van G. de Muynck aan G. Burssens, 5 juni 1931.

[2] Brief van G. de Muynck aan G. Burssens, 10 juni 1931.

[3] Brief van G. de Muynck aan G. Burssens, 29 juni 1931.

 

Partager cet article

Repost 0
Published by CDR-Mededelingen
commenter cet article

commentaires

Présentation

  • : Le blog de CDR-Mededelingen
  • : Nederlandse en Franse literatuurgeschiedenis, onuitgegeven teksten, politieke en culturele actualiteit
  • Contact

Recherche